business

1025 nieuwsberichten gevonden
Eerste AI-hardware: OpenAI gaat een speaker maken
2 uur
De pratende en meedenkende luidspreker moet een ‘humanlike AI companion’ worden.
In zeven stappen naar betrouwbare AI-agents
2 uur
Agentic AI ontwikkelt zich razendsnel. AI-agents nemen steeds vaker zelfstandig beslissingen, voeren taken uit namens gebruikers en automatiseren complete bedrijfsprocessen. Dit biedt organisaties enorme kansen om efficiënter te werken. Tegelijkertijd vergroot de toenemende autonomie van AI-agents de kans op nieuwe beveiligingsrisico’s, die nog vaak over het hoofd worden gezien. Want hoe weet je of een […]
OpenAI ontwikkelt fysieke bediening voor AI-agents
3 uur
OpenAI zet een eerste concrete stap om AI-agents niet alleen via software, maar ook met speciale hardware te bedienen. Samen met toetsenbordfabrikant Work Louder introduceert het bedrijf de Codex Micro, een compact bedieningspaneel waarmee gebruikers meerdere AI-agents fysiek kunnen aansturen. Daarmee verschuift de aandacht van chatvensters naar een werkplek waarin autonome AI-systemen parallel taken uitvoeren. […]
Hoe zet je AI veilig in binnen applicatieontwikkeling?
3 uur
De integratie van AI in softwareontwikkeling neemt in hoog tempo toe, waardoor applicaties steeds sneller gebouwd kunnen worden. In de praktijk blijkt het simpelweg genereren van code met AI echter niet altijd toereikend voor grotere organisaties. Bij het bouwen van enterprise-grade software spelen aspecten als complexe architectuur, strikte security, langdurig onderhoud en governance een bepalende […]
De ‘breach gap’ als structureel securityprobleem
3 uur
Matt Hull (NCC Group) tijdens Cybersec Netherlands 2026De meeste cyberincidenten ontstaan niet doordat aanvallers geavanceerdere technieken inzetten, maar doordat organisaties een onvolledig beeld hebben van hun eigen digitale blootstelling. Tussen wat securityteams denken te beschermen en wat in werkelijkheid extern toegankelijk of misgeconfigureerd is, ontstaat een structurele kloof die steeds moeilijker te dichten is. In die ruimte tussen veronderstelde controle en feitelijke exposure ligt de zogenoemde ‘breach gap’: het verschil tussen de beveiligingsrealiteit zoals die wordt aangenomen en zoals die door aanvallers wordt aangetroffen.Tijdens Cybersec Netherlands 2026 op 9 en 10 september in Jaarbeurs, Utrecht staat dit fenomeen op dag twee centraal in de keynote van Matt Hull, VP Cyber Intelligence and Response bij NCC Group (Fox-IT), getiteld ‘The breach gap: why you’re easier to breach than you think’. Vanuit incident response en threat intelligence schetst hij hoe deze kloof er in de praktijk uitziet: niet als theoretisch risico, maar als terugkerend patroon in daadwerkelijke compromitteringen waarin misconfiguraties, identity-sprawl en verborgen exposure een belangrijkere rol spelen dan nieuwe aanvalstechnieken.Structurele blind spotsDe groei van de Breach Gap hangt direct samen met de manier waarop IT-omgevingen zich hebben ontwikkeld. Waar securitymodellen historisch zijn ontworpen voor relatief stabiele infrastructuren, is de werkelijkheid inmiddels dynamisch en continu veranderend geworden. Cloudplatformen schalen automatisch, API’s worden permanent toegevoegd en identity-structuren groeien buiten traditionele governance-modellen om.Het gevolg is dat organisaties steeds vaker opereren met een beveiligingsbeeld dat niet synchroon loopt met de actuele situatie. Inventarissen zijn incompleet, configuraties verschuiven zonder expliciete controle en assets verdwijnen uit zicht zonder daadwerkelijk te worden verwijderd. Deze afwijking tussen administratie en realiteit is precies waar exposure ontstaat.Verschuivend perspectief op cyberrisicoIn veel incidenten blijkt dat aanvallers niet primair zoeken naar geavanceerde kwetsbaarheden, maar naar bestaande toegangspunten die al aanwezig waren. Het gaat daarbij om vergeten service-accounts, te ruime rechtenstructuren, verkeerd ingestelde cloudservices of assets die buiten het zicht van securityteams zijn geraakt.Deze ontwikkeling verschuift het perspectief op cyberrisico. De centrale vraag is niet langer uitsluitend welke aanvalstechniek wordt gebruikt, maar vooral welke digitale mogelijkheden onbedoeld beschikbaar zijn. Daarmee verschuift cybersecurity van een dreigingsgedreven discipline naar een exposure-gedreven realiteit.Identity als dominante aanvalsvectorEen belangrijk gevolg van deze verschuiving is de rol van identity. Waar endpoints en netwerken traditioneel het primaire aanvalsvlak vormden, zijn identiteiten inmiddels een van de meest kritieke factoren geworden. Niet alleen menselijke accounts, maar vooral machine identities, API-tokens en service accounts bepalen in hoge mate hoe ver een aanvaller zich binnen een omgeving kan bewegen.Over-privilege, langdurig geldige credentials en gebrek aan eigenaarschap maken dat veel compromissen plaatsvinden zonder dat er sprake is van een klassieke ‘hack’. In plaats daarvan wordt legitieme toegang misbruikt binnen een omgeving waar de context van die toegang onvoldoende wordt bewaakt.Complexiteit als structureel risicoNaast identity speelt complexiteit een steeds grotere rol. Moderne securityorganisaties beschikken over een groeiend aantal tools, dashboards en signalen, maar dat leidt niet automatisch tot beter inzicht. Integendeel, want de hoeveelheid data maakt het lastiger om te bepalen wat daadwerkelijk relevant is.Dit leidt tot een situatie waarin securityteams vooral reactief opereren. Niet omdat signalen ontbreken, maar omdat de prioritering ervan steeds moeilijker wordt in een omgeving die continu verandert. De breach gap wordt daarmee ook een informatieprobleem, namelijk het gat tussen wat zichtbaar is en wat daadwerkelijk risico vormt.AI als versnellerHoewel kunstmatige intelligentie veel aandacht krijgt binnen cybersecurity, is de rol ervan in deze context vooral versterkend in plaats van fundamenteel nieuw. AI verandert niet de aard van de kwetsbaarheden zelf, maar versnelt wel de manier waarop exposure kan worden gevonden en geëxploiteerd.Automatisering maakt het mogelijk om grotere hoeveelheden systemen te analyseren, configuraties sneller te doorzoeken en patronen efficiënter te herkennen. Daarmee neemt vooral de snelheid toe waarmee bestaande zwaktes worden gevonden, niet het type zwaktes zelf.Probleem van zichtbaarheidDe kern van de breach gap is uiteindelijk een probleem van zichtbaarheid. Organisaties die geen actueel en volledig beeld hebben van hun digitale footprint, kunnen hun werkelijke risico niet volledig inschatten. Security verschuift daarmee van het beveiligen van bekende assets naar het continu identificeren van onbekende of verkeerd geïnterpreteerde exposure.Dat maakt de uitdaging voor securityteams minder een technisch probleem en meer een structureel governance-vraagstuk. Want wie is verantwoordelijk voor welke assets, welke rechten zijn nog noodzakelijk en welke risico’s zijn impliciet ontstaan zonder expliciete besluitvorming?Perceptie en werkelijkheidDe keynote van Matt Hull tijdens Cybersec Netherlands 2026 plaatst deze ontwikkelingen in een praktijkcontext, gebaseerd op ervaring uit incident response en threat intelligence. Zijn analyse onderstreept een ontwikkeling die steeds duidelijker zichtbaar wordt in de sector, want de meeste organisaties worden niet gecompromitteerd door uitzonderlijke aanvallen, maar door structurele blinde vlekken in hun eigen digitale omgeving.‘The breach gap: why you’re easier to breach than you think’ is daarmee niet alleen een keynote over aanvalspatronen, maar vooral over de realiteit van moderne digitale infrastructuren waarin perceptie en werkelijkheid steeds verder uit elkaar zijn komen te liggen.Meer informatie Deze embed gebruikt marketing cookies. Accepteer marketing cookies om de embed te tonen. Accepteer marketing cookies Bezoek Cybersec Netherlands 2026Ontdek de nieuwste ontwikkelingen in cybersecurity tijdens Cybersec Netherlands op 9 en 10 september 2026 in Jaarbeurs Utrecht. Laat je inspireren door experts, praktijkcases en innovatieve oplossingen.Registreer je gratis
Koers SpaceX onder de uitgiftekoers
3 uur
De aandelenkoers van techbedrijf SpaceX is voor het eerst onder de openingskoers van 135 dollar geraakt. De handelsdag eindigde een paar centen er boven. Zonder noemenswaardige veranderingen in de markt of bij het bedrijf zelf daalt de koers van SpaceX na een initiële roes onder beleggers. Gisteren doorbrak deze een tweede psychologische grens, de uitgitekoers. De ópeningskoers, van 150 dollar, sneuvelde exact een week geleden. Openingsindicatoren wijzen er wel op dat een belegger vanmiddag, bij opening van de beurs in New York al weer iets meer voor een stuk moet betalen. In de loop van volgende maand publiceert het techbedrijf, waar behalve SpaceX ook Starlink, X.com, xAI en Cursor onder vallen, zijn eerste financiële kwartaalcijfers. Op die dag vervalt de eerste lock-up van medewerkers en oudere aandeelhouders. Bij de beursgang beloofden zij hun stukken niet eerder te verkopen dan dat moment. SpaceX weigerde het standaard model waarbij na 180 dagen iedereen zijn aandelen mag aanbieden. SpaceX kiest voor een fasering over een periode van een jaar. Deze aanpak beoogt schokkende verkoopgolven te voorkomen door aandelen in tien kleinere batches vrij te geven. Elon Musk mag vanaf 12 juni 2027 aandelen verkopen. Hij is voor 42 procent eigenaar maar heeft wel meer dan tachtig procent van het stemrecht. Foto: SpaceX / Unsplash
Oorlog begint niet met een schot, maar met een storing
4 uur
Pieter Cobelens tijdens Cybersec Netherlands 2026 Het is maandagochtend. Containers verlaten de Rotterdamse haven niet meer, een deel van het betalingsverkeer ligt stil en meerdere ziekenhuizen schakelen over op noodprocedures. Er zijn geen explosies, geen tanks aan de grens en geen straaljagers in de lucht. Toch is Nederland aangevallen. Dit scenario is allang geen sciencefiction meer. Cyberaanvallen op vitale infrastructuur, desinformatiecampagnes en digitale sabotage zijn uitgegroeid tot vaste onderdelen van geopolitieke machtsuitoefening. De vraag is niet langer of digitale conflicten plaatsvinden, maar hoe goed landen en organisaties erop zijn voorbereid. Dat is ook het centrale thema van de keynote die generaal-majoor b.d. Pieter Cobelens verzorgt tijdens Cybersec Netherlands 2026 op 9 en 10 september in Jaarbeurs, Utrecht. Cruciale digitale infrastructuur Wie nog denkt dat cybersecurity uitsluitend een IT-vraagstuk is, loopt volgens Cobelens achter de feiten aan. Cybersecurity is uitgegroeid tot een strategisch vraagstuk waarin technologie, economie, defensie en geopolitiek samenkomen. De digitale infrastructuur waarop overheden, bedrijven en burgers dagelijks vertrouwen, is inmiddels even cruciaal geworden als de fysieke infrastructuur van wegen, havens en energievoorzieningen. Juist Nederland is daarin bijzonder kwetsbaar. Ons land behoort tot de meest gedigitaliseerde economieën ter wereld. Internetknooppunten, hyperscale-datacenters, logistieke ketens, financiële dienstverlening en cloudplatformen vormen gezamenlijk het digitale fundament onder de Nederlandse economie. Die positie levert economische voordelen op, maar maakt Nederland tegelijkertijd tot een aantrekkelijk doelwit voor statelijke actoren, cybercriminelen en andere kwaadwillenden. Geavanceerde aanvalstechnieken De oorlog in Oekraïne heeft bovendien duidelijk gemaakt hoe snel de aard van conflicten verandert. Waar militaire slagkracht vroeger vrijwel uitsluitend was voorbehouden aan staten met enorme defensiebudgetten, zorgen relatief goedkope drones ervoor dat ook kleinere spelers grote schade kunnen aanrichten. Volgens Cobelens voltrekt zich dezelfde democratisering in het cyberdomein. Geavanceerde aanvalstechnieken worden toegankelijker, terwijl kunstmatige intelligentie de drempel verder verlaagt. AI verandert het speelveld fundamenteel. Waar aanvallers vroeger veel specialistische kennis nodig hadden om overtuigende phishingcampagnes of malware te ontwikkelen, kan generatieve AI grote delen van dat proces automatiseren. Deepfakes worden realistischer, aanvallen schaalbaarder en desinformatie overtuigender. Daarmee vervagen de grenzen tussen cyberoorlog, informatieoorlog en psychologische beïnvloeding. AI detecteert en neutraliseert Dat betekent echter niet dat verdedigers kansloos zijn. Ook aan de verdedigende kant wordt AI steeds belangrijker. Moderne securityplatformen analyseren miljoenen gebeurtenissen per seconde en herkennen afwijkingen die voor menselijke analisten onzichtbaar blijven. De consequentie is volgens Cobelens dat cybersecurity steeds minder een strijd wordt tussen mensen en steeds meer tussen algoritmen. De komende jaren ontstaat een permanente technologische wapenwedloop waarin AI aanvallen ontwikkelt en AI diezelfde aanvallen weer detecteert en neutraliseert. Daar houdt de ontwikkeling niet op. Aan de horizon dient zich de volgende technologische revolutie al aan: quantum computing. Quantumcomputers beloven enorme doorbraken op het gebied van simulaties, logistiek, materiaalonderzoek en defensie. Tegelijkertijd vormen zij een directe bedreiging voor de encryptie waarop vrijwel alle digitale communicatie is gebaseerd. Post-quantumbeveiliging Dat leidt tot een strategisch risico waar nog relatief weinig organisaties zich bewust van zijn. Staten verzamelen vandaag al grote hoeveelheden versleutelde data, niet omdat zij die nu kunnen lezen, maar omdat zij verwachten dat toekomstige quantumcomputers dat wel kunnen. Deze strategie, bekend als Harvest Now, Decrypt Later, betekent dat informatie die vandaag veilig lijkt, over tien of vijftien jaar alsnog openbaar kan worden. Organisaties die met gevoelige gegevens werken, zullen daarom veel eerder dan gedacht moeten overstappen op post-quantumbeveiliging. Naast technologische ontwikkelingen plaatst Cobelens ook vraagtekens bij de afhankelijkheid van buitenlandse digitale infrastructuur. Digitale soevereiniteit gaat volgens hem niet over protectionisme, maar over controle. Wanneer vitale data, cloudplatformen en communicatiekanalen volledig buiten de eigen jurisdictie vallen, levert een land onvermijdelijk een deel van zijn strategische autonomie in. De discussie over een nationale cloud of andere vormen van digitale regie raakt daarmee niet alleen de IT-sector, maar ook economie, bestuur en nationale veiligheid. Kern van moderne afschrikking De belangrijkste conclusie is misschien wel dat weerbaarheid niet langer uitsluitend een verantwoordelijkheid van Defensie is. Vitale infrastructuur bevindt zich grotendeels in handen van bedrijven. Een aanval op een logistieke dienstverlener kan de voedselvoorziening raken. Een verstoring bij een cloudprovider kan honderden organisaties tegelijk treffen. Een cyberincident bij een ziekenhuis kan uitgroeien tot een nationale crisis. Digitale weerbaarheid is daarmee een gezamenlijke verantwoordelijkheid van overheid, bedrijfsleven en samenleving. Volgens Cobelens is dat uiteindelijk ook de kern van moderne afschrikking. Tijdens de Koude Oorlog draaide afschrikking om militaire macht. In het digitale tijdperk wordt geloofwaardige afschrikking bepaald door een combinatie van cybercapaciteit, economische kracht, technologische innovatie en maatschappelijke weerbaarheid. Een tegenstander moet ervan overtuigd zijn dat een aanval onvoldoende oplevert en te veel kost. Digitale oorlog al begonnen Die strategische blik op cybersecurity vormt de rode draad van de keynote waarmee Pieter Cobelens Cybersec Netherlands 2026 de tweede dag van de beurs opent. Niet om een toekomstscenario te schetsen, maar om duidelijk te maken dat de digitale oorlog al is begonnen. Daarmee is investeren in weerbaarheid misschien wel de belangrijkste vorm van verdediging is die Nederland vandaag kan organiseren. Meer informatie Deze embed gebruikt marketing cookies. Accepteer marketing cookies om de embed te tonen. Accepteer marketing cookies Bezoek Cybersec Netherlands 2026 Ontdek de nieuwste ontwikkelingen in cybersecurity tijdens Cybersec Netherlands op 9 en 10 september 2026 in Jaarbeurs Utrecht. Laat je inspireren door experts, praktijkcases en innovatieve oplossingen. Registreer je gratis
Europese hosting steeds vaker harde eis bij AI-keuzes
4 uur
Digitale soevereiniteit weegt zwaarder mee in de AI-keuzes van organisaties. 40 procent van de IT-beslissers stelt Europese hosting als harde voorwaarde. Vooral bij privacygevoelige en financiële data is dat het geval. Dat blijkt uit onderzoek van Info Support. Geopolitieke afhankelijkheid speelt een steeds grotere rol wanneer bedrijven bepalen waar hun AI draait en wordt ontwikkeld. […]
OpenAI zet AI in om eigen modellen aan te vallen
4 uur
OpenAI heeft een intern AI-model ontwikkeld dat speciaal is getraind om kwetsbaarheden in andere AI-modellen op te sporen. Het model, GPT-Red, wordt gebruikt om aanvallen zoals prompt injections automatisch uit te voeren, zodat deze tijdens de ontwikkeling van nieuwe modellen kunnen worden verholpen. Volgens OpenAI heeft deze aanpak de weerbaarheid van GPT-5.6 Sol aanzienlijk vergroot. […]
Jira-update brengt meer context naar agents via Teamwork Graph
4 uur
Atlassian breidt Jira fors uit met functies voor AI-native softwareontwikkeling. Teams kunnen coding agents als Claude Code, Cursor en GitHub Copilot voortaan rechtstreeks vanuit Jira aansturen. De Teamwork Graph levert daarbij de context. Volgens Atlassian steeg het AI-gebruik onder engineers met 65 procent, terwijl de daadwerkelijke snelheidswinst rond de 10 procent bleef steken. Het bedrijf […]
Uitstel van betaling voor BuyBay
5 uur
De rechtbank van Amsterdam heeft surseance verleent aan retourenspecialist BuyBay. Nadere details geeft de rechtbank in deze fase daar niet bij. Deze juridische beschermingsstap is doorgaans een teken dat een bedrijf financieel in de problemen verkeert en tijd krijgt te zoeken naar een oplossing. BuyBay hoeft tijdelijk niet aan zijn betalingsverplichtingen te voldoen. BuyBay is een specialist in duurzame retourverwerking. Op de site staat dat ze onder meer werken voor Bol, Amazon, Anker en Intergamma. Dat gaat meestal om in innemen van geopende producten, gebruikte of licht beschadigde. BuyBays ’truc’ daarbij is het ontvangen en herverpakken. Het sentiment op de Nederlandse en Europese e-commercemarkt is in het voordeel van bedrijven als BuyBay. De consument koopt steeds makkelijker tweedehands en opgepoetste artikelen. Daar gaan zeker honderden miljoenen euro’s per jaar in om op de lokale markt. BuyBay is in 2014 opgericht, heeft zijn hoofdkantoor in Amsterdam en een gradingcentrum in Wijchen, bij Nijmegen. Het bedrijf heeft zo’n 250 medewerkers en zette in 2024 de weg in van expansie naar Duitsland en Frankrijk. Vanaf dat jaar zette ook onrust aan de top zichtbaar in. In twee jaar zag het kantoor van de ceo drie bewoners. De oprichters stapten in 2020 uit. Foto: Arum Visuals / Unsplash
Torvalds zet deur open voor AI
5 uur
Linus Torvalds (foto) heeft zich ongewoon scherp uitgesproken over de rol van AI binnen de ontwikkeling van de Linux-kernel. Volgens de grondlegger van Linux is het project niet tegen het gebruik van AI en hoeven ontwikkelaars die daar principiële bezwaren tegen hebben niet te verwachten dat de gemeenschap haar koers aanpast. Wie AI uit de […]
OpenAI legt uit waarom GPT-5.6 Sol bestanden verwijdert
5 uur
OpenAI-engineering lead Tibot Sottiaux geeft op X tekst en uitleg over de bestandsverwijderingen door GPT-5.6 Sol. Volgens hem gebeurt dit vrijwel altijd in full-accessmodus zonder sandboxing of auto review, wanneer het model per ongeluk de $HOME-omgevingsvariabele wist. Ontwikkelaars zagen hoe OpenAI’s nieuwste model zelfstandig bestanden en zelfs volledige productiedatabases verwijderde. Nu reageert het bedrijf met […]
Apple overweegt serverchipbedrijven te kopen
6 uur
Apple onderzoekt de overname van chipstartups om zijn eigen AI-serverprocessors te versterken. De iPhone-maker kampt met tegenvallende prestaties van zijn interne AI-servers, die nu draaien op M2 Ultra-chips. Dat stellen bronnen van The Information. Apple heeft volgens ingewijden verschillende chipstartups benaderd om hun interesse in een overname te peilen. Ook zou het bedrijf met bankiers […]
PwC: ‘Regeldruk voor onderwijsinspectie verdrievoudigd’
6 uur
Het aantal wetten en regels waar de onderwijsinspectie mee te maken krijgt, is in twee decennia meer dan verdrievoudigd. Dat blijkt uit onderzoek van PwC in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschap (OCW).
IG&H: ‘Ziekenhuizen investeren in AI, maar opschaling blijft achter’
6 uur
Nederlandse ziekenhuizen investeren volop in kunstmatige intelligentie, maar schalen slechts een fractie van hun AI-oplossingen op. Dat blijkt uit onderzoek van IG&H. De Nederlandse zorgsector staat voor grote opgaven.
Alexandra Vermaak en Wouter Scholtens versterken B Corp Been Management Consulting
6 uur
Been Management Consulting heeft twee nieuwe senior consultants aangetrokken: Alexandra Vermaak en Wouter Scholtens. Zij maakten bewust de stap naar het Amsterdamse B Corp adviesbureau vanwege de combinatie van inhoudelijke consultancy met de mogelijkheid om maatschappelijke impact te maken.
Digitaal Product Paspoort: Van compliance-verplichting naar commerciële activatie
6 uur
Het Digitaal Productpaspoort (DPP) wordt door Sales vaak gezien als een extra compliance-verplichting. Maar dat is een fundamentele misvatting, stellen Matthis Polman en Manon Holland van Kyden. Goed ingezet kan het DPP de basis vormen voor meer merkloyaliteit, hogere sales en nieuwe businessmodellen.
Xebia Axis helpt organisaties hun data klaar te maken voor het AI-tijdperk
6 uur
Xebia heeft een nieuwe propositie gelanceerd die organisaties helpt hun datafundament snel gereed te maken voor het AI-tijdperk. De oplossing, Xebia Axis, brengt data binnen een organisatie samen op één platform.
Prowareness opent Call for Papers voor Scrum Day Europe 2026
6 uur
Prowareness heeft de inschrijving voor de Call for Papers van Scrum Day Europe 2026 geopend. Professionals uit de Agile- en Scrum-community kunnen tot eind augustus hun voorstel indienen voor een breakout-sessie tijdens het evenement.
Investeren in mentale gezondheid geen kostenpost, maar strategische noodzaak
6 uur
Veel organisaties beschouwen investeringen in de mentale gezondheid van hun medewerkers nog altijd als een kostenpost. Volgens experts van HR-adviesbureau HR Path is dat een misvatting. Sterker nog: aandacht voor mentaal welzijn is uitgegroeid tot een strategische noodzaak die zowel medewerkers als werkgevers aantoonbare voordelen oplevert.
Nieuw onderzoek gelanceerd naar familiedynamiek binnen familiebedrijven
6 uur
Boetiekadviesbureau Bismis heeft een samenwerkingsovereenkomst ondertekend met Business School Notenboom voor een driejarig onderzoek naar familiedynamiek binnen familiebedrijven. Het onderzoek richt zich op de vraag hoe familiedynamiek doorwerkt in de samenwerking, besluitvorming en ontwikkeling van familiebedrijven.
Uber doet overnamebod op Delivery Hero
7 uur
Uber wil maaltijdbezorger Delivery Hero overnemen. De Amerikaanse mobiliteits- en bezorggigant heeft bekendgemaakt een overeenkomst te hebben gesloten die de basis vormt voor een openbaar bod op alle uitstaande aandelen van het Duitse bedrijf. Met de voorgenomen overname wil Uber zijn positie op de wereldwijde markt voor maaltijdbezorging aanzienlijk versterken. Delivery Hero is actief in meer dan zestig landen en bezit merken als Glovo, Talabat, Foodora en PedidosYa. Door de bedrijven samen te voegen ontstaat een van de grootste spelers in de internationale bezorgmarkt. Volgens Uber biedt de combinatie schaalvoordelen, meer investeringsmogelijkheden in technologie en een sterker wereldwijd platform voor consumenten, restaurants en bezorgers. Delivery Hero blijft gedurende het overnameproces als zelfstandig bedrijf opereren. De transactie moet nog worden goedgekeurd door de aandeelhouders van Delivery Hero en diverse mededingingsautoriteiten. De bedrijven verwachten de overname af te ronden zodra aan alle voorwaarden is voldaan. De aangekondigde deal past in een bredere consolidatieslag binnen de bezorgsector, waar grote spelers steeds vaker kiezen voor overnames om hun marktaandeel te vergroten en de concurrentie aan te gaan met rivalen als DoorDash. Foto © Max Threlfall
OpenAI’s eerste apparaat wordt naar verluidt oplaadbare speaker
7 uur
OpenAI werkt volgens Bloomberg aan zijn eerste eigen hardwareproduct: een draagbare, oplaadbare speaker zonder scherm die moet aanvoelen als de fysieke belichaming van ChatGPT. In tegenstelling tot traditionele slimme speakers is het apparaat ontworpen als een ‘menselijke AI-metgezel’. Het moet op een natuurlijke manier gesprekken kunnen voeren, slimme apparaten in huis bedienen en media afspelen. Daarvoor maakt het gebruik van een geavanceerde versie van GPT-Live, de technologie achter de nieuwste spraakmodus van ChatGPT. Deze AI kan tegelijkertijd luisteren en praten en verwerkt informatie in realtime, waardoor gesprekken vloeiender en natuurlijker verlopen. ( Het apparaat krijgt geen display, maar wel mechanische onderdelen die subtiele bewegingen kunnen maken. Daarmee wil OpenAI de indruk wekken dat het meer is dan een gewone speaker. Daarnaast wordt het voorzien van een camera en andere sensoren, zodat het de omgeving kan waarnemen en reacties beter kan afstemmen op de context van de gebruiker. Voor het ontwerp werkt OpenAI samen met voormalig Apple-ontwerper Jony Ive. Het bedrijf nam diens startup io in 2025 over voor 6,5 miljard dollar om de ontwikkeling van AI-hardware te versnellen. Volgens de huidige planning verschijnt de speaker in 2027, al kan die planning vertraging oplopen. Apple probeert via een rechtszaak de hardwareplannen van OpenAI te dwarsbomen en beschuldigt het bedrijf van het misbruiken van bedrijfsgeheimen. OpenAI heeft die beschuldigingen van de hand gewezen.
Amerikanen Pratt & Whitney lijven Amsterdamse Aiir in
8 uur
Pratt & Whitney (vliegtuigmotoren) neemt het Amsterdamse ai-bedrijf Aiir Innovations over. De uit een studieproject van de Universiteit van Amsterdam (UvA) voortgekomen startup levert software voor de inspectie van motoren. De Amerikaanse fabrikant, dochter van RTX (voorheen Raytheon), behoort tot de grootste leveranciers van motoren voor de commerciële en militaire luchtvaart. Pratt & Whitney gaat motoren inspecteren met ai-ondersteunde borescope-software van Aiir. Deze technologie maakt een fundamentele verandering mogelijk in de manier waarop inspecties worden uitgevoerd. Daardoor worden de consistentie en efficiëntie binnen wereldwijde onderhouds-, reparatie- en revisie-activiteiten voor motoren verbeterd.  Problemen zijn hiermee eerder te detecteren. Ook kunnen de doorlooptijden worden verkort. De operationele tijd is te verlengen, terwijl operationele verstoringen voor klanten verminderen. Feedback De software van Aiir ondersteunt inspecteurs door kunstmatige intelligentie toe te passen op borescopie-video’s, waardoor snellere en meer reproduceerbare beoordelingen mogelijk zijn. Door zich aan te passen aan feedback van inspecteurs om de classificatie-prestaties te verbeteren, wordt de technologie slimmer, nauwkeuriger en steeds beter afgestemd op de praktijkervaring. De technologie biedt ook configureerbare rapportagemogelijkheden, waardoor processen die voorheen veel tijd in beslag namen, nu in enkele minuten kunnen worden voltooid met een hogere kwaliteit, consistentie, traceerbaarheid en nauwkeurigheid. KLM Aiir ontstond nadat de studenten Miriam Huijser (nu directeur technologie) en Bart Vredebregt (algemeen directeur) tien jaar geleden een opdracht van de onderhoudsafdeling van AirFrance/KLM kregen. Hen werd gevraagd om de potentie van kunstmatige intelligentie bij motorinspecties in kaart te brengen. Uit dit initiatief is de software van AIIR voortgekomen, die deep learning en andere technieken op gebied van computer vision combineert. De Amsterdamse vestiging wordt volledig in Pratt &Whitney geïntegreerd. Pratt & Whitney werd in 1860 opgericht. Het bedrijf bouwt motoren voor onder meer de Airbus A220 en A320neo. Ook de jachtvliegtuigen als de F-35 Lightning II worden erdoor voortgestuwd. De ai-revolutie herdefinieert de interactie tussen jonge techbedrijven en de gevestigde orde. Meer dan ooit richten grote ondernemingen hun blik naar buiten om innovatie te omarmen. Dit uit zich in een sterke toename van strategische allianties, durfinvesteringen en gerichte acquisities zoals die van Aiir.
Ai-hype maakt plaats voor nuchterheid: ‘Geen autonoom won­der­mid­del’
8 uur
AI Appreciation Day 2026 Het is vandaag (16 juli 2026) AI Appreciation Day ofwel ai-waarderingsdag. Een dag die in 2021 in het leven is geroepen door de Amerikaanse voormalig tech-investeerder en later oprichter van ai-agentontwikkelaar Velanir: Nathan Ricks (zie kader). De dag is in het leven geroepen om stil te staan bij de relatie tussen mensen en kunstmatige intelligentie. Waar staan we nu en hoe verandert onze blik op ai? Waar de discussie jarenlang ging over de spectaculaire mogelijkheden van ai, verschuift de aandacht nu naar een fundamentelere vraag: hoe zorgen we dat ai veilig, verantwoord en met blijvende waarde wordt ingezet? Dat klinkt door in de reacties van experts die in dit artikel hun visie delen. Ze laten een duidelijke trend zien. Namelijk dat de romantiek rond ‘magische’ ai‑modellen plaatsmaakt voor nuchterheid, context en kritische reflectie. Malte Ubl, cto van cloudplatform voor webapplicaties Vercel, ziet dat organisaties eindelijk realistischer worden en van ‘modelfetisjisme’ naar pragmatisme bewegen. ‘Er is niet één model dat overal het beste in is. Succesvolle teams kiezen per taak het model dat het beste past en vinden zo de juiste balans tussen kwaliteit, snelheid en kosten.’ AI Appreciation Day wordt daarmee geen viering van nóg grotere modellen, maar van het besef dat ai een portfolio‑keuze is, geen religie. De hype verschuift naar efficiëntie, kostenbeheersing en taakgerichte inzet. Kritiek Binnen cybersecurity is de toon nog kritischer. Ai verandert het speelveld, maar niet altijd in het voordeel van verdedigers. Door de versnelling van ai versnellen de risico’s ook, stelt Jan Verhagen, verkoopdirecteur Nood-Europa bij cloud- en ai-beveiliger Wiz. Hij benadrukt dat de echte kracht van ai niet in automatisering zit, maar in contextbegrip: ‘Aanvallers kunnen delen van een omgeving in kaart brengen, maar alleen organisaties kunnen inzicht krijgen in de volledige context van hun eigen omgeving.’ Anouck Teiller, plaatsvervangend ceo bij cybersecurityplatform HarfangLab, gaat een stap verder: ‘Ai verkort de tijd tussen het ontdekken en misbruiken van kwetsbaarheden drastisch en maakt cyberaanvallen schaalbaarder dan ooit.’ De boodschap is helder: Ai maakt aanvallen sneller, overtuigender en moeilijker te detecteren. Detectie‑ en responsoplossingen moeten daarom ai‑bewust worden, met een bredere detectiebereik en nieuwe vormen van monitoring, vindt Teiler. Veld-ciso bij Check Point, Fred Streefland, waarschuwt dat vertrouwen een unieke kwaliteit wordt waarmee een ai-product of -dienst zich kan onderscheiden van concurrenten. ‘We zijn een nieuw tijdperk ingegaan waarin vertrouwen in ai de echte onderscheidende factor wordt.’ Organisaties hebben volgens hem behoefte aan krachtige ai met duidelijke waarborgen, zodat ze kunnen vertrouwen op de uitkomsten en weten dat de technologie niet kan worden misbruikt. Ai‑red‑teaming, ofwel aanvalssimulaties van hackmethodes en onafhankelijke toetsing worden volgens hem cruciaal om misbruik en ongewenst gedrag te voorkomen. De oprichter van AI Appreciation DayAI‑waarderingsdag werd geïnitieerd door Nathan Ricks, die de dag lanceerde als een filosofisch‑maatschappelijke beweging om stil te staan bij de relatie die mensen en organisaties opbouwen met kunstmatige intelligentie. Niet als marketingmoment, maar als jaarlijkse reflectie op de impact, risico’s en verantwoordelijkheden die met ai samenhangen.Sinds de introductie in 2021 wordt de dag jaarlijks ‘gevierd’ op 16 juli. Daarmee is het uitgegroeid tot een terugkerend moment waarop experts uit verschillende sectoren de balans opmaken: niet over wat ai kan, maar over hoe het verstandig, veilig en met blijvende waarde is in te zetten. De echte waarde van ai Luis Blando, chief product & technology officer bij low-codeplatform OutSystems, prikt door de hype van autonome ai-systemen heen: ‘Wanneer ai verkeerd wordt ingezet, gedraagt het zich als een team stagiairs: snel en productief, maar nog altijd afhankelijk van toezicht en controles.’ De echte waarde zit volgens hem in documentverwerking, transactionele processen en besluitondersteuning, niet in volledige autonomie. Ai werkt volgens hem pas goed als organisaties accepteren dat menselijke supervisie geen zwakte is, maar een randvoorwaarde. Remco Overweg, ai-consult bij ict-dienstverlener YaWorks, legt de vinger op een ander pijnpunt: ‘Veel kennis zit in de hoofden van medewerkers. De integratie van agents wordt meestal niet beperkt door technologie, maar doordat kennis en processen nog onvoldoende zijn vastgelegd’, aldus de adviseur van digitale infrastructuur. AI Appreciation Day laat daarmee zien dat de grootste bottleneck niet de technologie is, maar de organisatie zelf. Ai democratiseert geo‑informatie In de geo‑informatiesector is de toon positiever. Jeroen van Winden, cto van Esri Nederland, ziet dat ai de kennis van geo-informatiesystemen (gis) eindelijk ontsluit voor een breder publiek. Hij stelt dat door standaarden als mcp (model context protocol), een open standaard ontwikkeld door Anthropic, de brug tussen taalmodellen en ruimtelijke data wordt gevormd en agents ruimtelijke context gebruiken zonder dat gebruikers een gis‑expert hoeven te zijn. Zo maakt ai locatie‑data toegankelijk in tools die medewerkers al gebruiken, zoals Copilot, crm‑ en erp‑systemen. ‘Dat versnelt en verbetert besluitvorming rond grote maatschappelijke thema’s zoals energietransitie en klimaatadaptatie’, aldus Van Winden. Websites, data en digitale fundamenten moeten op orde zijn, anders versterkt ai vooral de chaos Bilal Ahmed, chief ai en data-officer bij webhoster en aanbieder van cloud computing Team.blue, wijst erop dat ai niets oplost als er geen digitaal fundament is. Hij waarschuwt dat veel kleine bedrijven verdwalen in een mistbank van ai. Als voorbeeld zegt hij: ‘Slechts 5,5 procent van het mkb heeft het gevoel volledig grip te hebben op hoe klanten het bedrijf online hebben weten te vinden.’ Om controle terug te krijgen, gaat de uitdaging voor bedrijven veel verder dan het bijhouden van de nieuwste ai-tools en -platformen, stelt hij. ‘Ze moeten begrijpen hoe ai impact heeft op de manier waarop klanten producten, diensten en merken ontdekken. Dit betekent bijvoorbeeld het versterken van de digitale fundamenten die het bedrijf al beheert, zoals de website. Dit is de informatie waarop ai-systemen vertrouwen en deze moet accuraat zijn om bedrijven vindbaar te maken in de complexe digitale omgeving van vandaag.’AI Appreciation Day legt hier een ongemakkelijke waarheid bloot: ai werkt alleen als de basis klopt. Websites, data en digitale fundamenten moeten op orde zijn, anders versterkt ai vooral de chaos. De experts zijn opvallend eensgezind: ai is geen magie, geen hype en geen autonoom wondermiddel. De toekomst van ai draait om zaken als context en procesinzicht, menselijke supervisie, betrouwbare modellen, volwassenheid van de organisatie, digitale fundamenten en vooral vertrouwen.
QuiX Quantum-mijlpaal bij fotonische quantum computing
8 uur
QuiX Quantum uit Enschede levert binnenkort zijn eerste Carina-hardwareplatform. Het Duitse Lucht- en Ruimtevaartcentrum (DLR) gaat op basis hiervan werken aan zijn systeem voor quantum computing (DLR QCI). De startup, voortgekomen uit de Universiteit Twente, spreekt van Nederlands eerste quantumcomputer. Maar het is nog geen betrouwbaar rekentuig dat uit de doos kan worden gehaald en meteen zijn werk doet. Het hardware-platform is een universele fotonische quantumcomputerarchitectuur: op dit gebied ‘s werelds eerste architectuur waar klanten mee kunnen experimenteren. Maar het zal nog wel een jaar of vijf duren voordat de betrouwbaarheid van dit soort computers in de buurt komt van ‘gewone’ supercomputers.  De Carina-architectuur is ontworpen om de fotonische quantumcomputer-stack samen te brengen die nodig is om universele quantumcomputatie te demonstreren: fotongeneratie, multiplexing, toestandsgeneratie, fotonische geïntegreerde schakelingen, meting van individuele fotonen en toestanden, en snelle feed-forward-besturing in realtime. Het systeemontwerp is modulair en maakt gebruik van twee belangrijke standaardbouwstenen: de Photonic Assembly Control Unit en de Feed-forward Control Unit. Fotonen Dr. Stefan Hengesbach, CEO van QuiX Quantum, verduidelijkt: ‘Met de levering van belangrijke Carina-subsystemen aan DLR QCI verschuiven we van component-ontwikkeling naar systeemintegratie en -validatie in een echte klantomgeving. Carina is ontworpen om universele fotonische kwantumcomputing te demonstreren, en de volgende fase zal cruciaal zijn voor het valideren van de integratiekwaliteit, prestaties en operationele gereedheid.’ De qubits, zijnde de basiseenheden van informatie in een quantumcomputer, zijn fotonen. Concurrenten werken met elektronen, maar die zijn zeer gevoelig voor temperatuurschommelingen en straling. Ze worden daarom gekoeld tot temperaturen dicht bij het absolute nulpunt. Bij chips die data verwerken op basis van lichtdeeltjes, hoeft dat niet. QuiX Quantum denkt ze op gewone kamertemperatuur te kunnen laten werken.  Volgens Stefan Hengesbach heeft zijn bedrijf een mijlpaal bereikt bij fotonische quantum computing. ‘Dit speelveld is verdeeld tussen systemen die snel in gebruik genomen konden worden, maar niet zijn gebouwd voor universeel, fouttolerant computergebruik en ontwerpen met potentie voor de langere termijn die moeilijk uit te rollen zijn. Carina brengt die twee eisen samen in een universele architectuur voor installatie in echte klantomgevingen.’
TikTok-reclame drijft Europese groei in social advertising
8 uur
Social advertising was in 2025 het snelst groeiende reclamesegment binnen de Europese digitale advertentiemarkt, met een stijging van negentien procent naar 36 miljard euro. De drijvende kracht daarachter is vrijwel volledig video en specifieker TikTok en ook Snapchat, zo blijkt uit het AdEx Benchmark-rapport dat IAB Europe vorige week in Londen presenteerde. “De groei in video komt voornamelijk uit TikTok, maar we mogen Instagram en Snap niet uitvlakken”, aldus hoofdeconoom Daniel Knapp van IAB Europe bij de presentatie. Volgens de Duitser groeide social video in Europa met 26 procent. De totale Europese digitale advertentiemarkt kwam in 2025 uit op 131 miljard euro, een plus van 10,5 procent. Alleen retailmedia, dat door IAB Europe als aparte categorie wordt gemeten, kwam met zeventien procent in de buurt van het tempo van social. De groei van social op de Europese advertentiemarkt steeg grotendeels ten koste van display en search, die allebei terrein verloren als percentage van de koek. Van elke euro die in 2025 aan social reclame werd besteed, ging bijna 52 procent naar video. De lijkt veel, maar komt ook deels door de ruime definitie die IAB hanteert voor wat social video inhoudt. Dat is niet alleen klassieke, vooraf geboekte videoformats, maar elke advertentie-eenheid met bewegend beeld. Of die nu in een Reel, een Story of gewoon in de feed verschijnt. De Britse marktonderzoeker WARC zegt over het ontwerpen van effectíeve social advertising: “De merken die de sterkste creatieve resultaten behalen, combineren steeds vaker de kracht van AI met de kracht van de community. Ze gebruiken participatie als bron van intelligentie, zetten culturele signalen om in activatie en bouwen creatieve systemen die continu leren van hun publiek. Dit creëert een ‘intelligentielus’ die merken een steeds groter wordend creatief voordeel oplevert.” Unilever bijvoorbeeld, zo bleek onlangs op Emerce Talks, onderkent dit en handelt ernaar. Het concern houdt er een creatorgerichte socialstrategie op na.
Audiomarkt groeit verder door bredere inzet audio
8 uur
De Nederlandse audioreclamemarkt blijft groeien. In het tweede kwartaal van 2026 investeerden adverteerders €70,2 miljoen in audio, een stijging van 6,1 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Daarmee ontwikkelt audio zich steeds nadrukkelijker tot een volwassen multiplatform advertentiecategorie. Lineaire radio blijft de basis voor bereik en impact, terwijl digitale audio en podcasts de mogelijkheden voor adverteerders verder uitbreiden. Dat blijkt uit de nieuwste audioreclameomzetcijfers van Audify. Radiocommercials blijven met ruim 62 miljoen veruit het grootste segment binnen audioreclame. De kracht van radio zit in snel bereik, dagelijkse contactmomenten en een hoge contactfrequentie. Adverteerders kopen radiocommercials steeds vaker in via een combinatie van GRP’s en impressies. Daarmee sluiten de beschikbare inkoopvormen beter aan op verschillende campagne- en communicatiedoelstellingen. Podcastreclame groeit opnieuw sterk naar 4,8 miljoen. De uitbreiding van de rapportage zorgt voor het meest complete marktbeeld tot nu toe. Daarnaast bevestigen de cijfers dat podcasts steeds vaker structureel worden ingezet als onderdeel van bredere audiocampagnes. Branded content komt in het tweede kwartaal uit op 3,4 miljoen en blijft daarmee een stabiel onderdeel van de audiomix. Deze vorm biedt merken de mogelijkheid om op een geloofwaardige en natuurlijke manier hun merkverhaal te vertellen en zo een andere verbinding met luisteraars op te bouwen. De ontwikkeling van de Nederlandse audiomarkt sluit aan bij recente internationale effectiviteitsonderzoeken. Tijdens het Cannes Lions International Festival of Creativity werd opnieuw benadrukt dat audio een belangrijke bijdrage levert aan merkgroei. Onder meer Mark Ritson wees op de waarde van onderscheidende merkelementen, waaronder geluid, voor herkenning en merkopbouw. Ook recent onderzoek van Radiocentre UK laat zien dat audiocampagnes aantoonbaar sterker kan maken door bij te dragen aan merkvertrouwen, emotionele impact, verkoopkracht en het rendement van de totale mediamix. Retail blijft de grootste branche op radio en is ruim drie keer zo sterk vertegenwoordigd als de nummers twee en drie: Financiële Dienstverlening en Transport. Ook in de merkenranglijst voert retail de boventoon. Aldi is in het tweede kwartaal het meest aanwezige merk op radio, gevolgd door Odido en Lidl. De rest van de top 10 bestaat uit Albert Heijn, ANWB, Jumbo, Kruidvat, KPN, Ziggo en Plus. De dominantie van retail en telecom laat zien dat audio bij uitstek geschikt is voor merken die continu aanwezig willen zijn, snel een groot publiek willen bereiken en merkbouw willen combineren met actiematige communicatie. Audio wordt steeds vaker als één categorie gepland. Radiocommercials zorgen voor snel en breed bereik, digitale audio biedt extra flexibiliteit en podcasts voegen aandacht en context toe. Door deze audiovormen slim te combineren kunnen merken verschillende communicatiedoelstellingen realiseren binnen één audiostrategie.
Pragmatisch zaken oplossen
22 uur
Dubbelinterview | Derk Boswijk (staatssecretaris Defensie) en Jeroen van der Vlugt (cio Defensie) Derk Boswijk ontvangt ons in zijn werkkamer aan het Haagse Plein. De handdruk is stevig, de blik open, de houding energiek. Terwijl de koffie wordt geserveerd, zegt hij te hopen dat de politiek de komende jaren aan Nederland laat zien dat ze kan leveren. ‘We moeten gewoon heel pragmatisch zaken gaan oplossen. En dat kán. Als je ziet waartoe we in Nederland in staat zijn…’ Hij kijkt naar zijn collega Jeroen van der Vlugt: ‘Neem jouw gebied, dat digitale domein, het is mega-indrukwekkend.’ ‘Heel veel mensen begrijpen niet dat we er al jaren niet in slagen een stabiel politiek bestuur te vormen met elkaar. Nederland had supersaaie politiek vroeger, daar moeten we eigenlijk weer een beetje naar terug. Dat er aan geen enkele talkshowtafel nog een politicus zit, omdat iedereen denkt ‘ze regelen het wel, het komt goed’. ProfielDerk Boswijk is sinds 23 februari staatssecretaris van Defensie namens het CDA in het kabinet-Jetten. Van 2015 tot 2021 was hij voor die partij lid van Provinciale Staten Utrecht en van 2021 tot 2026 lid van de Tweede Kamer. Vanaf juni 2019 tot zijn aanstelling als staatssecretaris was Boswijk ook Reserveofficier bij de Landmacht (1e luitenant). ProfielJeroen van der Vlugt is sinds 1 maart 2020 chief information officer (cio) bij het ministerie van Defensie en lid van de bestuursraad van Defensie. Van der Vlugt is tevens lid van de Agency Supervisory Board (ASB) van de Navo Communications and Information Agency (NCI Agency), die toezicht houdt op de strategische IT-initiatieven van de Navo. Als staatssecretaris is de hoofdprioriteit van Boswijk om eraan bij te dragen dat de krijgsmacht zich gereed maakt voor de toekomst. ‘Meer abstract is mijn ambitie daarboven écht te laten zien dat de politiek een oplossing weet te vinden voor grote opgaven: in mijn geval dus die sterke krijgsmacht, om te beschermen wat ons dierbaar is, maar ook stikstof, de woningcrisis, et cetera. Dus ik heb in mijn eerste week hier meteen de outreach gedaan naar alle collega-bewindspersonen.’ Hij noemt Jaimi van Essen, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, met als insteek: wij hebben natuurgebieden, jij hebt een stikstofprobleem. We hebben elkaar nodig, hoe vliegen we dat aan? Een tweede voorbeeld: Elanor Boekholt-O’Sullivan, de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, met de vraag: hoe kunnen we samen acteren richting Jo-Annes de Bat, de staatssecretaris van Klimaat en Groene Groei? Jij hebt netcongestie problemen, wij willen kazernes bouwen, wellicht kunnen we die kazernes gebruiken voor de opslag of de opwekking van energie? Staatssecretaris Defensie Derk Boswijk (foto: Arie Cijfer). Boswijk: ‘We willen laten zien dat Defensie the force of good kan zijn op veel terreinen, dat wij een duwtje kunnen geven op bepaalde innovatie of bepaalde maatschappelijke problemen.’ Een dergelijke spin-off naar andere departementen zal het draagvlak vergroten. Wat is de relatie tussen de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) en de Digitale Transformatie Strategie (DTS) bij Defensie? Van der Vlugt: ‘De NDS kwam kort nadat wij de DTS hadden aangekondigd. Wij hebben toen meteen het initiatief genomen om op politiek en ambtelijk niveau rond de tafel te gaan om te kijken naar de grote overlap-punten. Nou, ai is er daar een van, cloud is er een van, en soevereiniteit is er een van. We zijn nu hard bezig om te kijken hoe we die samenwerking het beste kunnen insteken. Ik vind zelf een van de mooie voorbeelden wat wij noemen ‘hoog gerubriceerde informatie’- dat is staatsgeheime informatie, en het is best een tijd lastig geweest om daarin tussen de departementen uit te wisselen. Dat vraagt best veel technische kennis. Wat we nu doen, is dat we aanbieden aan andere departementen dat ze gebruik mogen maken van onze technische oplossing, waardoor ze binnen de Rijksoverheid omgeving kunnen werken. Het is niet zo dat wij met de kruiwagen naar binnenkomen en zeggen ‘hier heb je het, en lift maar mee’, ze moeten daar zelf ook een aantal dingen voor regelen.’ Bestaansrecht Maar de hand steken we wel graag uit, bevestigt Boswijk. ‘Sterker nog, ik leen Jeroen graag uit aan Willemijn Aerdts (de staatssecretaris die eindverantwoordelijk is voor de NDS – red.). Toen ik hier binnen kwam was ik meteen onder de indruk van hoe ver Jeroen en zijn team al zijn. Dus ik zei tegen Willemijn: jij bent verantwoordelijk voor het geheel, maar wij als Defensie hebben al bestaansrecht in dit domein, dus maak daar gebruik van. Als wij daarin kunnen helpen en kunnen samenwerken dan dat zou fantastisch zijn. Zij staat daar zeker voor open, zei ze, dus we hebben binnenkort een lunchafspraak.’ Jeroen, jij stelde onlangs in een programma van BNR dat de Nederlandse overheid wellicht zou moeten investeren in priority-aandelen van bedrijven die werken aan technologie die voor de veiligheid van Nederland van belang is. Op die manier zou kunnen worden voorkomen dat startups en scale-ups verdwijnen naar Amerika. Je zou ook voor technologie die overheidsbreed of Defensie-specifiek van belang is, kunnen zeggen: we hebben inkoopmacht, we gaan ons opstellen als ‘launching customer’? Cio Defensie Jeroen van der Vlugt (foto: Arie Cijfer). Van der Vlugt glimlacht: ‘Ik wil benadrukken dat ik niet heb willen suggereren dat we als overheid in bedrijven moeten gaan deelnemen. Ik denk dat je sowieso heel selectief daar naar zou moeten kijken – en wij kijken door de bril van nationale veiligheid. Voor de goede orde: er zijn verschillende instrumenten die je kunt toepassen, en een contract is ook een instrument. Wij zetten vaak al die contractuele mogelijkheden in om bedrijven opdrachten te geven op gebieden die voor Nederland heel erg belangrijk zijn. Maar je wilt voorkomen dat de kennis, het intellectueel eigendom, op een gegeven moment het land uitgaat. Vaak gaat het ook gewoon om mensen, de kennis die bij mensen zit, die je graag wilt behouden. Daar zou je een instrument als priority share in kunnen gebruiken. Heel nadrukkelijk niet bedoeld om economisch mee te delen bij die bedrijven, dat is iets van de ondernemers zelf, maar wel om een belang aan te geven richting dat bedrijf. En dan gaat het ook om het zeker stellen van de productiecapaciteit in Nederland. Als we nu kijken naar de defensie-industrie in de brede zin, dan is die productiecapaciteit een cruciaal asset en dat geldt voor digitalisering net zo hard.’ Opschalen Boswijk: ‘In het verlengde daarvan: we werken aan een Defensie Innovatie en Opschaling Autoriteit. We zijn in Nederland heel erg goed in innovatie. Maar als het prototype er eenmaal is, dan wordt het vaak stil en even later bloedt het dood. We moeten veel meer gaan focussen op de stappen daarna: we hebben iets fantastisch, hoe gaan we dit opschalen? In dat opschalen zien we de grote uitdaging op dit moment. Het kan zijn dat Defensie een soort launching customer gaat zijn, ergo: we gaan zelf bepaalde producten afnemen om wat massa te creëren. Maar ik vind ook: ik wil naar het buitenland met een catalogus onder mijn arm met wat wij als Nederlandse defensie-industrie kunnen, zodat ik ook tegen mijn counterparts kan zeggen: ik zie dat jullie dit nodig hebben, wij kunnen jullie dit bieden. Dan worden die bezoeken veel concreter en veel pragmatischer en dat is ook een instrument om te zorgen dat bedrijven hier blijven, omdat wij als Defensie bijdragen aan de massa die zij nodig hebben.’ Hoe latent is die capaciteit? Moet er deels een nieuwe industrie worden ontwikkeld? Boswijk: ‘Eerlijk gezegd beseffen we onvoldoende hoeveel bedrijven in Nederland echt in de top zitten in een bepaald segment – en op een heel breed spectrum. ASML kent iedereen, maar we hebben een aantal bedrijven die software produceren voor drones bijvoorbeeld. Het maken van een drone is niet zo ingewikkeld, het gaat meer en meer over de software en de toepassing daarvan. We hebben in Nederland bedrijven in de maritieme sector die op wereldniveau acteren. Wereldwijd is er een enorm tekort aan maritieme maakindustrie. Ik denk dat wij als overheid over het algemeen te weinig ondernemend zijn, te afwachtend zijn. Nog teveel denken: het is niet onze verantwoording, wij moeten gewoon zorgen dat de processen goed lopen. Ik denk dat we veel assertiever moeten zijn. En ik denk, omdat wij als Defensie bepaalde investeringen toch moeten doen, wij ook nog eens slim het vliegwiel kunnen zijn door met andere landen een verbond te smeden. Dán wordt het interessant.’ We kunnen niet buiten Amerikaanse technologie, en dat zal ook morgen niet anders zijn. Maar dit soort initiatieven zal helpen die strategische afhankelijkheden af te bouwen. Boswijk knikt: ‘Die afhankelijkheid is op dit moment niet gezond. De politieke reflex is soms om met de botte bijl alle banden met Amerika te verbreken. Dat zou onverstandig zijn. Allereerst zijn er nog geen alternatieven voor de kennis en de systemen die de Amerikanen hebben. De Oekraïners weten heel goed wat ze nodig hebben, als het over luchtafweer gaat zeggen ze: prachtig die Europese opties, maar geef ons gewoon Patriots. Dus ja, we moeten zorgen voor Europese alternatieven. Maar mijn tweede punt is: we zouden er veel strategischer naar moeten kijken, in de zin van: welke kennis hebben wij, die de Amerikanen niet hebben? Kunnen wij bijvoorbeeld, als het over de F35 gaat  – er zijn bepaalde systemen die wij in de F35 leveren, die alleen wij leveren  – kunnen we dat op het digitale terrein ook doen?’ Van der Vlugt voegt eraan toe: ‘We hebben het vaak over grote Amerikaanse techbedrijven in de defensie-industrie en dan wordt ook Palantir genoemd. Dat bedrijf is gestart met eigen middelen. Er is niemand geweest die heeft gezegd: hier heb je 100, 200, 500 miljoen. De oprichters ervan hebben op een gegeven moment zelf bedacht om in die markt te stappen. Nu is er in Silicon Valley veel geld, en er zijn daar veel slimme mensen, veel ondernemende mensen ook en de Amerikanen hebben een grote thuismarkt. Maar de Europese markt is ook groot en vandaar de oproep aan bedrijven om erin te stappen en ook zelf te investeren.’ De grote uitdaging die we zien is opschalen Boswijk: ‘We moeten een meer ondernemende overheid zijn en dat betekent risico’s nemen en accepteren dat er fouten worden gemaakt. Tegelijkertijd is het appel op de ondernemers: wees nog ondernemender. Ik sta regelmatig voor zaaltjes met ondernemers en  dan hoor ik: we willen een langjarig contract tekenen, we willen die zekerheid. En dan zeg ik: ja, voor een deel moet dat zijn, maar we kunnen nooit 100 procent jullie risico’s gaan afdekken want dan ben je een staatsbedrijf.’ Wat houdt die ondernemers tegen, vanwaar die terughoudendheid? Van der Vlugt: ‘Ik denk dat het voor een deel cultureel is bepaald. De grote Amerikaanse defensiebedrijven wachten eigenlijk ook totdat het Pentagon zegt ‘gaat u maar de opvolger van de F-35 bouwen’. Wat een Palantir heeft gedaan, maar ook een bedrijf als Anduril Industries dat autonome systemen bouwt, die zijn zelf gestart, die hebben vastgesteld: er is hier blijkbaar een markt, wij zien hier toekomst, we gaan op een andere manier deze markt in. Vervolgens zie je, in ieder geval als je kijkt naar beurswaarde, dat ze de traditionele defensiebedrijven voorbij streven. Ik zou hopen dat we dat ook in Nederland krijgen. Dus het is soms wat terughoudend, een beetje cultureel, maar het heeft zeker ook te maken met geld, met investeerders.’ De grote vier techbedrijven in de VS investeren dit jaar 650 miljard dollar in ai. Ga er maar aan staan. Hoe toegankelijk is kapitaal? Van der Vlugt: ‘Ons eigen ABP heeft haar belang afgebouwd maar zat met meer dan achthonderd miljoen dollar in Palantir. En dan denk ik, want het is ook mijn pensioengeld, waarom is dat niet geïnvesteerd in Europese partijen om iets dergelijks mee te doen? Het is best veel geld, hè, achthonderd miljoen dollar, substantieel.’ Nu is Palantir, en diens oprichter Peter Thiel, niet onomstreden. Is het probleem niet juist dat Big Tech gedragen wordt door miljardairs en gestuwd door venture capital? Zou je dan als belanghebbende overheid niet extra kritisch moeten kijken naar herkomst van middelen en intenties van investeerders? Het gaat hier toch ook om ethiek? Van der Vlugt: ‘Zeker. We zijn in 2023 gestart met Reaim: Responsible Artificial Intelligence in the Military Domain. Dit is nu het enige wereldwijde initiatief. We doen dit samen met Zuid-Korea en een aantal andere landen in de tweede ring. We proberen daarin afspraken te maken over hoe je op een verantwoorde manier deze technologie in kunt zetten. Verantwoord betekent op het gebied van ethiek, maar ook op het gebied van veiligheid. Responsible wordt in sommige kringen geduid als woke maar dat is het zeker niet. Elke militair wil met veilige wapens werken. Dus voorspelbaarheid, transparantie, wat heeft het gedaan, wat gaat het doen, dat zijn heel voor de hand liggende zaken. Die afspraken gaan ook over internationaal humanitair recht, waaraan al onze wapensystemen moeten voldoen. Ook als we daarin ai toepassen. De vraag is dan wel hoe je de juiste procedures en technologieën daarin kan ontwikkelen. We zijn daarom nu bezig om, via de Nederlandse Defensieacademie (NLDA), een netwerk op te bouwen met kennisinstellingen van verschillende landen. Dit is onderdeel van Reaim en langs die weg willen we kennis opbouwen, best practices delen, en eventueel kunnen we die kennis exporteren.’ Bestuursraad Van der Vlugt vertelt een uitnodiging te hebben gestuurd aan de bestuursraad van Defensie (bestaande uit secretaris-generaal Maarten Schurink, de Commandant der Strijdkrachten generaal Onno Eichelsheim, directeur-generaal beleid Koen Davidse en de directeur bestuursondersteuning en advies Marieke van Dok) voor een werksessie met het ai-model Claude van Anthropic. ‘Ze krijgen de opdracht om zelf programma’s te gaan schrijven die relevantie hebben voor hun werk. En ik kan je vertellen: niemand in de bestuursraad kan programmeren maar ik weet uit ervaring dat dit heel goed gaat lukken. Het is bizar, maar het laat zien wat ai nu al kan.’ Boswijk: ‘Wat jij met de bestuursraad gaat doen is wat we in heel Nederland zouden moeten doen.’ Hij deelt een anekdote over zijn schoonvader. ‘Die stuurt mij regelmatig grappige filmpjes. Toen we laatst op bezoek waren liet ik hem iets zien waar hij hartelijk om moest lachen. Totdat ik hem vertelde dat het niet echt was, volledig met ai gemaakt. Dat geloofde hij niet, dus ik liet hem zien hoe je zoiets met ChatGPT kunt maken. Dat was een eyeopener voor hem. Eigenlijk zou je dus dat gewoon maatschappelijk breed moeten doen.’ Dat klinkt als een indirecte outreach aan Rianne Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Van der Vlugt vult aan: ‘AI literacy is een belangrijk thema in onze strategie, ofwel het vermogen om ai te begrijpen, te gebruiken en kritisch te beoordelen. Commandanten aan de NLDA worden vanaf het moment dat ze binnenkomen opgeleid hoe om te gaan met ai. Wat voor vragen moet je stellen? Waar moet je opletten? Wat zijn de ethische en juridische uitgangspunten die we daarbij hanteren? Dat is in de nieuwe realiteit heel relevant.’ Boswijk: ‘De grootste zwakte zit uiteindelijk tussen onze oren. Je weet niet meer wat waar is met AI, en we weten dat de Russen heel goed in staat zijn geweest, meerdere keren, om maatschappelijke onrust te veroorzaken of verkiezingen te beïnvloeden. Dat was nog in een tijd van copy/paste en iedereen zag dat het nep was, en toch trapte een deel van de samenleving erin. Nu trapt in potentie iedereen erin. Dat baart me zorgen, daar moeten we ons echt realiseren dat er een aantal landen tegenover ons staan die minder ethische dilemma’s hebben dan wij hebben.’ Defensienota Voor de zomer wil Boswijk met de Defensienota naar de Tweede Kamer. ‘Dan hebben we ook de contouren staan voor wat betreft die Defensie Innovatie en Opschaling Autoriteit. We zien gewoon dat daar de grote uitdaging zit, in het opschalen. En die zit ‘m niet in een nieuw type drone maar veel meer in de manier van werken en denken. Dat is eigenlijk de innovatie die moet plaatsvinden: kort cyclisch werken, vertrouwen en verantwoording zo laag mogelijk organiseren. En ook accepteren dat er wel eens dingen fout zullen gaan en we geld investeren in een systeem dat als het klaar is misschien toch niet het effect heeft dat we hadden voorzien – bijvoorbeeld omdat de wereld weer is veranderd.’ ‘We hebben over de besteding van belastinggelden natuurlijk politiek verantwoording af te leggen, mijn grote verantwoording is de Kamer mee te nemen in het verhaal dat investeren de moeite loont maar dat er een risico is dat we tegen een desinvestering aan lopen. En ja, we hebben het over belastinggeld, en dat maakt het superfrustrerend en waardeloos, en toch: het kan gebeuren. Maar als we nu op safe gaan spelen dan weten we één ding zeker, dan lopen we altijd achter en dat maakt Nederland per definitie minder weerbaar en minder veilig. Daarnaast beogen we met die investeringen in Defensie zoals gezegd ook positieve neveneffecten voor de samenleving.’   (Dit artikel is ook te lezen in GOV Magazine nummer 22 van Atos.)

Pagina's

Abonneren op business