computable

121 nieuwsberichten gevonden
Gartner: overstap naar mainframe soms goedkoper dan bij VMware blijven
3 uur
Broadcom wil met VMware Cloud Foundation de private cloud-markt domineren. Maar terwijl het bedrijf zijn vlaggenschipproduct verder uitbouwt, wijst analistenbureau Gartner op een onverwachte concurrent: de IBM-mainframe. Volgens Alessandro Galimberti, vice president analyst bij Gartner, hebben meerdere organisaties berekend dat een overstap van VMware naar een IBM-mainframe financieel voordeliger uitvalt dan de nieuwe licentiestructuur van Broadcom te aanvaarden. Die nieuwe structuur verplicht klanten praktisch om het volledige Cloud Foundation-pakket af te nemen. ‘Ik was zelf verrast dat deze businesscases kloppen’, zegt Galimberti aan The Register, ‘maar onder bepaalde omstandigheden maakt een mainframe gewoon meer zin.’ Mainframe niet dood Galimberti ziet de mainframe als bijzonder geschikt voor organisaties met grote vloten Linux-VM’s, typisch tussen de 500 en 700 stuks. Hij raadt het mainframe evenwel niet voor alle toepassingen aan. Bedrijfskritische toepassingen, die de komende tien jaar waarschijnlijk niet veel zullen veranderen, zijn volgens hem het meest geschikt voor mainframes. Net als Linux-toepassingen, omdat het open-sourcebesturingssysteem op IBM-hardware draait.De analist vindt dat het idee dat mainframes dood zijn al tientallen jaren bestaat. Hij vindt wel dat consultants migraties weg van mainframes te lang als gegarandeerde succesverhalen hebben verkocht, waarbij ze de complexiteit van zo’n overstap onderschatten. Cloud Foundation groeit, maar traag Ondertussen kondigt VMware versie 9.1 van Cloud Foundation aan, met verbeterde geheugenoptimalisatie, betere opslagcompressie voor ai-workloads en ondersteuning voor AMD Instinct MI350 GPU’s. Het bedrijf meldt meer dan 2.000 implementaties van VCF 9 (= VMware Cloud Foundation) in één jaar, naar eigen zeggen de snelste adoptie ooit voor een VMware-product. Toch nuanceert die vaststelling zichzelf meteen: vóór de overname door Broadcom telde VMware meer dan 350.000 klanten. Minder dan één procent heeft tot nu toe de overstap naar Cloud Foundation gemaakt.Bij Broadcom rekenen ze er bij monde van VCF-marketingverantwoordelijke Prashanth Shenoy op dat de groeiende behoefte aan on-premises ai-infrastructuur meer klanten richting VCF zal duwen. En dat vanwege kosten, regelgeving en beveiligingsoverwegingen. Of die klanten vanuit het mainframe-kamp komen, is zeer de vraag. Gartner verwacht intussen dat tegen 2030 slechts tien procent van de mainframe-gebruikers de overstap naar een ander platform wil maken. De mainframe is dus niet dood. Meer zelfs: Broadcom heeft hem onbedoeld nieuw leven ingeblazen.
Kort: ‘Ai-ontslagen’ betekenen zelden hoger rendement, ai moet maak­in­du­strie verslimmen (en meer)
9 uur
In dit nieuwsoverzicht: Gartner waarschuwt voor ‘ai-ontslagen’, schoonmaakrobots in opmars, Mastercard en Rabobank voeren succesvolle betaling via ai-agent uit, Techleap krijgt andere organisatie en pilot moet ai-inzet in maakindustrie versnellen. Minder personeel door ai leidt niet tot meer rendement Investeren in autonome bedrijfsvoering met ai én personeel ontslaan, betekent niet automatisch dat resultaten verbeteren. Dat stelt Gartner op basis van onderzoek onder 350 internationale executives. Volgens het analistenbureau meldt circa tachtig procent van de organisaties met autonome technologieën een afname van het personeelsbestand. Opvallend is dat deze reducties nauwelijks samenhangen met een hogere return on investment. Gartner concludeert dat bedrijven met betere resultaten juist investeren in vaardigheden, rollen en governance rond ai. Technologieën zoals ai-agents en robotic process automation verschuiven werk, maar vervangen mensen niet volledig. Op langere termijn verwacht Gartner zelfs dat autonome bedrijfsvoering leidt tot meer werkgelegenheid. Door groeiende ai-investeringen en nieuwe rollen zou de technologie tussen 2028 en 2029 per saldo banen creëren. Gom sluit zich aan bij NLrobotics Schoonmaakbedrijf Gom gaat een partnerschap aan met NLrobotics. Met deze stap wil het bedrijf robotisering verder opschalen en structureel integreren in zijn dienstverlening. Gom – onderdeel van Facilicom Groep, een van de grotere schoonmaakorganisaties van ons land – zet momenteel circa honderd schoonmaakrobots in op locaties als kantoren, scholen en industriële omgevingen. De samenwerking met NLrobotics biedt toegang tot een breed ecosysteem van technologiepartners en kennisinstellingen, waardoor nieuwe toepassingen sneller zijn te ontwikkelen. Volgens de partijen markeert de samenwerking een verschuiving van experiment naar grootschalige inzet. Robotisering moet bijdragen aan consistente kwaliteit en efficiënter gebruik van personeel in een krappe arbeidsmarkt. De komende jaren richt Gom zich op verdere standaardisatie en opschaling van robottoepassingen. Eerste ai-betaling in Nederland geslaagd Mastercard en Rabobank hebben voor het eerst in Nederland een betaling uitgevoerd via een ai-agent. De pilot markeert een stap richting transacties die volledig binnen ai-omgevingen plaatsvinden, zonder tussenkomst van webshops. In de proef boekte een ai-agent op basis van een gebruikersprompt een ervaring via Priceless.com, waarbij de betaling werd afgehandeld met een Rabobank-creditcard. De technische verwerking verliep via PayOS en Mastercard Agent Pay, waarbij kaartgegevens afgeschermd blijven. De toepassing moet consumenten in staat stellen direct binnen ai-assistenten aankopen te doen. Volgens de betrokken partijen staan veiligheid, transparantie en gebruikerscontrole centraal. De ontwikkeling past binnen de bredere strategie van Mastercard om ai en tokenisatie (het proces waarbij gevoelige gegevens worden vervangen door een unieke code) in betalingen verder te integreren. Techleap hervormt en splitst publiek-private activiteiten Techleap kent sinds deze maand een nieuwe organisatiestructuur, waarbij publieke en private activiteiten worden gescheiden in twee entiteiten. De aanpassing volgt op een besluit van het ministerie van Economische Zaken om delen van de organisatie te privatiseren. De nieuwe opzet bestaat uit Techleap Deeptech & Ecosystem, gefinancierd door de overheid en gericht op deeptech-innovatie, en Stichting Techleap, die zonder subsidie opereert en zich richt op de community en een nieuwe ai-hub. Beide onderdelen blijven samenwerken binnen één ecosysteem. Met de herstructurering wil Techleap, dat onder leiding staat van Constantijn van Oranje, meer focus en slagkracht creëren in het ondersteunen van startups en scale-ups. Tegelijkertijd vertrekt managing director Maarten Cleeren, die een rol speelde in de ontwikkeling van de organisatie. Pilot moet ai-inzet in maakindustrie versnellen Non-profitorganisatie Kickstartai start samen met Goma, het ministerie van Economische Zaken, ondernemersorganisatie FME en Koninklijke Metaalunie een pilot om productieprocessen in de maakindustrie slimmer te organiseren met ai. De proef vindt plaats bij Goma, een familiebedrijf in de metaalbewerking, en richt zich op een ai-oplossing voor productieplanning, die naar verwachting eind dit jaar operationeel wordt. Aanleiding zijn stijgende energiekosten, netcongestie en personeelstekorten. Binnen de pilot onderzoeken de partijen hoe ai kan bijdragen aan efficiënter energiegebruik en voorspelbare productiekosten. Momenteel worden data verzameld en het productieproces geanalyseerd. De initiatiefnemers willen met het project aantonen dat ai-toepassingen niet alleen experimenteel zijn, maar concreet inzetbaar en opschaalbaar binnen de sector.
Rechter kan verlenging DigiD-contract nog tegenhouden
15 uur
Drie burgers uit de activistische hoek die anoniem willen blijven, doen woensdag een uiterste poging om via de rechter te voorkomen dat de Staat het contract verlengt met Solvinity voor de ondersteuning van het Picard-platform. Op dat platform draaien voorzieningen zoals DigiD en MijnOverheid. Die voorzieningen mogen volgens het trio eisers niet onder de Amerikaanse invloedssfeer komen. Dat zou kunnen gebeuren als de Amerikaanse dienstverlener Kyndryl het voornemen tot overname van het Nederlandse Solvinity doorzet.  Woensdag zal mr. R. Sharaf (Adelmeijer Hoyng Advocaten) in een kort geding voor de Haagse rechtbank eisen dat de Staat wordt verboden de overeenkomst te verlengen. Logius, de it-dienst van het ministerie van BZK, heeft tot 6 mei de tijd om de optie tot verlenging met twee jaar niet te lichten.  Sharaf noemt de verlenging met Solvinity onrechtmatig. Volgens hem leidt dit ertoe dat (gevoelige) persoonsgegevens van een groot aantal burgers toegankelijk worden voor de Amerikaanse autoriteiten. Dit levert strijd op met het privacyrecht, vindt Sharaf. Eisers dreigen daarnaast schade te lijden bij verlenging van de overeenkomst. Staatssecretaris Eric van der Burg (BZK) meent dat het niet mogelijk is om voor augustus aanstaande over te stappen naar een andere partij zonder dat hierbij de continuïteit en veiligheid van de dienstverlening van Logius in gevaar komt. De Tweede Kamer wacht nog op een onderbouwing hiervan. Het kabinet heeft al laten weten de verlenging door te zetten, tegen de wens van een meerderheid in de Tweede Kamer. Tot de verlenging had het ministerie van BZK al eind maart besloten. De petitie ‘Houd DigiD in Nederland’ is inmiddels meer dan 4550 keer ondertekend.
Ai als snelste penetratietester ter wereld, met opensource als achterpoort
15 uur
Wat een team ervaren beveiligingsexperts een jaar kost, zou een ai-model intussen in minder dan drie weken kunnen klaren. Die toegenomen snelheid heeft alvast gevolgen voor organisaties en hun beveiligingsaanpak. ‘De tijd van wekelijkse scans is voorbij.’Dat is de conclusie van nieuw onderzoek van Unit 42, de onderzoekstak van Palo Alto Networks. Aanleiding is onder meer de opkomst van krachtige nieuwe ai-modellen zoals Mythos van Anthropic, die uitzonderlijk sterk presteren op het vinden van beveiligingslekken. Met name in opensourcesoftware, die overigens in vrijwel elke bedrijfsapplicatie verweven zit. De onderzoekers testten de nieuwste ai-modellen op hun vermogen om kwetsbaarheden op te sporen en te misbruiken. Het resultaat is volgens de onderzoekers verontrustend: de ai leest broncode, identificeert fouten en bouwt werkende aanvallen volledig zelfstandig.Bijzonder gevaarlijk is hierbij het vermogen om kleinere lekken te combineren tot grotere aanvalspaden. In één test koppelde de ai twee fouten van gemiddelde ernst aan een minder ernstige fout, samen goed voor een kritieke aanval. ‘Het is net dat soort combinaties dat voor menselijke onderzoekers enorm tijdrovend is om te ontdekken’, klinkt het bij de onderzoekers. Van N-days naar N-hours In cybersecurity bestaat het begrip N-day: een bekend lek waarvoor een patch bestaat, maar die nog niet overal is doorgevoerd. Traditioneel hadden aanvallers dagen tot weken om dat venster te misbruiken. Ai dringt die marge terug tot uren.Securityspecialisten spreken vandaag niet meer van N-days maar van N-hours. In de snelste gedocumenteerde gevallen hadden aanvallers amper 72 minuten nodig om van eerste toegang tot het stelen van bedrijfsdata te gaan. Vorig jaar was dat nog bijna vijf uur. Aanvallen verlopen vandaag vier keer sneller dan een jaar geleden. Drie aanbevelingen Tegelijk verlaagt ai de drempel voor minder ervaren hackers. Wat vroeger jarenlange expertise vergde, lukt nu met een fractie van die kennis. Unit 42 verwacht dan ook een forse toename van zowel zero-day- als N-day-aanvallen in de komende maanden.Vooral de snelheid waarmee aanvallers opereren, is opvallend, vindt ook Jesper Olsen, cso Northern Europe bij Palo Alto Networks. ‘Organisaties die hun detectie- en reactietijd vandaag niet in minuten meten, lopen een groot risico.’Concreet raadt Olsen bedrijven drie dingen aan: ‘Automatiseer het patchen van bekende lekken zodat de N-day-kloof zo klein mogelijk wordt, breng in kaart welke opensourcecomponenten in je software zitten en monitor die actief, en investeer in detectiesystemen die in realtime werken’, somt hij op. ‘De tijd van wekelijkse scans is voorbij.’
Migreren naar soevereine it? Kijk voor budget eerst naar je bestaande contracten
1 dag
In de rubriek De Overstap gidst de doorgewinterde ict‑journalist Robbert Hoeffnagel de ict-pro en -beslisser naar alternatieve zakelijke oplossingen. Deel 4: van slimmer contractmanagement en soevereine cloudkeuzes tot praktische tools en Europese samenwerkingsinitiatieven. Digitale soevereiniteit is geen abstract begrip meer dat alleen in beleidsstukken rondzingt. In gesprekken met it-managers, cio’s en bestuurders komt het onderwerp inmiddels steevast op tafel. Vaak al binnen de eerste tien minuten. De vragen die volgen zijn opvallend consistent: waar begin je met zo’n ingrijpende transitie en – minstens zo belangrijk – hoe financier je die? Dat tweede vraagstuk – het vrijmaken van budget – kreeg voor mij onlangs een interessante invalshoek. Tijdens een gesprek met Harry Arends kwam een oplossing voorbij die minder complex is dan je misschien zou denken. Geen grootschalige reorganisaties of strategische herprioritering, maar iets veel directers: beter onderhandelen over bestaande it-contracten. Volgens Arends betalen veel organisaties structureel (veel) te veel voor softwarelicenties en it-diensten. Niet omdat ze onzorgvuldig inkopen, maar omdat ze simpelweg onvoldoende zicht hebben op wat ‘normaal’ is in de markt. ‘Als je met de juiste informatie het gesprek met leveranciers aangaat, kun je vaak al snel 8 tot 10 procent besparen op je it-budget’, vertelt hij. In enterprise-omgevingen, waar contracten al snel miljoenen euro’s vertegenwoordigen, loopt dat bedrag snel op. Arends werkt bij Green Cabbage, een adviesbureau dat zich specialiseert in het analyseren van it-contracten. Hun aanpak is gebaseerd op iets wat in andere sectoren al langer gebruikelijk is, maar in it nog verrassend weinig gebeurt: benchmarking. Door grote aantallen contracten te verzamelen en te vergelijken, ontstaat een gedetailleerd beeld van marktprijzen en voorwaarden. De impact van een benchmark kan aanzienlijk zijn. Organisaties leveren hun contracten aan, die, eenmaal anoniem gemaakt, vervolgens regel-voor-regel worden afgezet tegen een uitgebreide benchmark. Dat maakt zichtbaar waar afwijkingen zitten: hogere tarieven, minder gunstige voorwaarden of onverwachte clausules. “Het gaat dan echt om serieus geld”, aldus Arends. De rol van partijen als Green Cabbage blijft daarbij bewust beperkt. Zij leveren de analyse en de onderbouwing, maar het gesprek met de leverancier moet de organisatie zelf voeren. Dat gesprek verandert echter wezenlijk als je beschikt over concrete vergelijkingsdata. Niet langer gebaseerd op aannames, maar op wat andere organisaties daadwerkelijk betalen en afspreken. Interessant is hoe deze aanpak raakt aan het bredere soevereiniteitsvraagstuk. Waar die discussie vaak begint bij technologiekeuzes – hyperscalers versus Europese aanbieders, closed source versus open source – laat Arends zien dat de financiële kant minstens zo bepalend is. Zonder budget blijft elke strategie immers steken in theoretische bespiegelingen. Volgens hem ontstaat er bij steeds meer organisaties inmiddels een tweesporenbeleid. Enerzijds wordt in kaart gebracht welke processen en systemen echt cruciaal zijn voor de bedrijfsvoering. Denk aan kernapplicaties, data-infrastructuren en integraties die direct impact hebben op de continuïteit. Juist daar ligt de focus voor migratie naar meer soevereine alternatieven, zoals Europese cloudomgevingen of opensource-oplossingen. Het andere spoor – de minder cruciale applicaties en contracten – kan daarbij een belangrijke rol spelen door financiële ruimte vrij te spelen. Overheid kiest voor eigen weblocatie voor hosten van broncode De problemen die Github en Gitlab kunnen opleveren als het om digitale soevereiniteit gaat, is geen nieuw thema in deze rubriek. Daarom is het een slimme en principiële zet van de Nederlandse overheid om nu zelf het heft in handen te nemen. Met de lancering van code.overheid.nl, een eigen, zelfgehoste omgeving voor opensource-software, toont Nederland dat digitale autonomie geen loze kreet hoeft te zijn. Door te kiezen voor Forgejo, een volledig vrije en zelfstandige oplossing, zet de overheid niet alleen een technisch alternatief neer, maar geeft het ook een duidelijk signaal: wie zijn eigen code en data wil beschermen, moet zelf de regie voeren. Een voorbeeld dat navolging verdient, zou ik zeggen. Supersnel (en gratis) bestanden uitwisselen Wie zoals ik uit het Apple-wereldje komt, is gewend aan supersoepele manieren om bestanden uit te wisselen tussen bijvoorbeeld een iPhone en een MacBook. Gaan we echter weg uit zo’n ecosysteem naar bijvoorbeeld een mix van iPhone, Android-tablet en Linux-laptop, dan wordt het uitwisselen van files ineens een stuk ingewikkelder. Althans, dat lijkt het in eerste instantie. Er zijn echter wel degelijk allerlei oplossingen die vaak verrassend goed werken. Zo is in de Linux-wereld KDE Connect populair. Het is een app die je op al je apparaten installeert (ook Windows, iOS en Android). Vervolgens kun je van het ene systeem bestanden overzetten naar het andere. Maar ja, dat is toch weer een extra app. Een andere oplossing is bestanden naar jezelf emailen. Heb ik ook een tijdje gedaan en ik geef toe: het werkt prima, maar was op termijn toch best omslachtig. Ook file sharing via bijvoorbeeld Nextcloud kan natuurlijk, maar ook dat vraagt weer om een extra app op de telefoon en tablet. Of het mijn definitieve keuze wordt, zal de tijd leren, maar vooralsnog ben ik best wel gecharmeerd van SnapDrop.net. Dat werkt volledig in de browser en maakt het uitwisselen van bestanden heel eenvoudig. Belangrijk is wel dat zowel beide apparaten aan hetzelfde wifi-netwerk zijn gekoppeld. Je uploadt bij het ene apparaat de bestanden via de browser, waarna je in de browser op het andere apparaat een melding krijgt dat een apparaat bestanden wil aanleveren en of je dat apparaat vertrouwt. Simpel, maar zeer effectief. Bundelen van krachten Laatst raakte ik tijdens het kijken naar een hockeywedstrijd van een van mijn dochters aan de praat met een andere ouder. Hij bleek actief in de wereld van cybersecurity, cloud en it-infrastructuur voor banken. Hij uitte ruimschoots zijn verbazing (misschien is ‘frustratie’ wel een betere term) over de gang van zaken die hij daarbij dagelijks tegenkomt. Bijvoorbeeld over het feit dat veel banken cruciale applicaties in Amerikaanse public clouds hebben gezet. En dat iedere bank op it-gebied het eigen wiel aan het uitvinden is. Sterker nog, kijk niet raar op als binnen een grote bank iedere dochter of grote divisie volledig zijn eigen gang gaat en er dus van regie weinig sprake lijkt. Zeker met digitale soevereiniteit en de migraties die daar waarschijnlijk de komende jaren uit voort gaan komen, kwam hij met een interessante suggestie: waarom bundelen de Nederlandse banken niet hun it-infrastructuur voor zover die niet concurrentiegevoelig is en marktverstorend zal werken? Richt daarvoor een nieuw it-bedrijf op die vervolgens op soevereine basis een Europese cloudomgeving inricht waar banken hun basisinfrastructuur kunnen afnemen. Alles wat onderscheidend is bouwen de banken vervolgens zelf. Het idee deed me een beetje denken aan de Coöperatieve Centrale Schadeverzekering. Dat bedrijf is in 1983 (!) opgezet om precies te doen waar deze hockeyouder mee kwam: bundel een aantal niet-concurrentiegevoelige it-diensten voor partijen die actief zijn met schadeverzekeringen. Daarmee wordt wildgroei verwijderd, gaan de kosten omlaag, kunnen wellicht nog een paar stappen worden gezet op het gebied van cybersecurity en – zeker niet in de laatste plaats – kan een migratie naar een Europese soevereine infrastructuur waarschijnlijk veel sneller en makkelijker worden gemaakt. Ik weet het, dit is makkelijker gezegd dan gedaan. Maar wat in 1983 kon, kan natuurlijk ook in 2026. En is dus zeker de moeite van het onderzoeken waard, lijkt me. En wie zich mocht afvragen hoe het is afgelopen met de Coöperatieve Centrale Schadeverzekering, zij bieden tegenwoordig het zogeheten ‘Digital Insurance Platform’ aan, waar meer dan 2000 verzekeraars, distributiecombinaties en beursmakelaars bij zijn aangesloten. Europa’s eerste ‘kill-switch proof’ cloud recovery stack Tijdens de European Data Summit in Berlijn hebben Cubbit, SUSE, Elemento Cloud en StorPool Storage Europa’s een – naar zij claimen – eerste volledig soevereine disaster recovery-omgeving gepresenteerd. Deze biedt organisaties een oplossing om hun afhankelijkheid van buitenlandse cloudinfrastructuur te verminderen en kritieke data te beschermen tegen externe bedreigingen, zoals een ‘kill-switch’ door niet-Europese leveranciers. De service zorgt volgens de initiatiefnemers tevens voor compliance met regelgeving zoals NIS2, DORA en GDPR. Het initiatief combineert bestaande Europese technologieën op het gebied van opslag, cloudbeheer en netwerken in één stack. Hiermee kunnen bedrijven in relatief korte tijd een soevereine recovery-oplossing implementeren, zo stellen de deelnemers aan dit project, zonder dat zij hun bestaande systemen volledig hoeven te vervangen. De service is al succesvol ingezet door een Italiaanse it-dienstverlener en staat open voor integratie door andere organisaties in Europa. MetaVox brengt SharePoint-ervaring naar Nextcloud Organisaties die op zoek zijn naar een alternatief voor SharePoint, maar na een migratie over de volledige metadata van hun documenten willen beschikken, zouden eens kunnen kijken naar MetaVox. Deze app is bedoeld voor gebruik in een Nextcloud-omgeving en maakt het mogelijk om documenten te migreren van SharePoint naar Nextcloud zonder verlies van cruciale metadata — iets wat bij een standaardmigratie vaak wel gebeurt. Rik Dekker, een van de ontwikkelaars van MetaVox, vertelt: “MetaVox 2.0 is speciaal ontwikkeld voor organisaties die de overstap willen maken naar Nextcloud, maar niet willen inboeten op functionaliteit. De app voegt aanpasbare metadata-velden toe aan de Nextcloud-bestandslijst, vergelijkbaar met SharePoint-documentbibliotheken. Gebruikers kunnen zelf velden definiëren (zoals tekst, datums, dropdowns, gebruikers en url’s) en bestanden op dezelfde manier van metadata voorzien, filteren en sorteren als ze gewend zijn.” Nieuw in de laatste versie van MetaVox is onder andere inline bewerken, realtime samenwerking, AI-ondersteuning waardoor AI metadata-waarden suggesteert op basis van documentinhoud en bulkbewerking. MetaVox is beschikbaar in de appstore van Nextcloud. Een intranet bouwen met IntraVox En voor wie dan toch bezig is met Sharepoint-migraties en intranetten, bekijk dan ook eens IntraVox. Daarmee bouw je SharePoint-achtige intranetpagina’s met een drag-and-drop editor. Handig voor bedrijfsintranets, knowledge bases en team wiki’s. Cross-platform notities maken en synchroniseren Als je voor telefoon, tablet en laptop verschillende platformen gebruikt, is het vaak lastig om notities te synchroniseren. Hier thuis doen we dat voor van alles: boodschappenlijstje, een lijstje met dingen die we vorig jaar tijdens de vakantie vergeten waren, klusjes die in huis gedaan moeten worden (en door wie!), noem maar op. Doordat wij in ons gezin allemaal andere apparatuur gebruiken, zocht ik een echt cross-platform notitie-app. Ik vond er snel een paar mooie. Bijvoorbeeld SimpleNote. De naam zegt het heel goed: het eenvoudig te gebruiken om notities op allerlei apparaten te maken en te synchroniseren. Ook via de browser. Zeker ook interessant: Notesnook. Beschikbaar voor iOS, Android, Windows, MacOS en een aantal Linux-smaken. Weer een probleem opgelost, zeg maar. Digitale soevereiniteit is hot. Maar hoe gaan we die overstap van big tech naar Europese oplossingen aanpakken? In de rubriek De Overstap gidst de doorgewinterde ict-journalist Robbert Hoeffnagel de ict-pro en -beslisser naar alternatieve zakelijke oplossingen. Heb je naar aanleiding van deze rubriek tips, reacties of opmerkingen, stuur ze naar redactie@computable.nl.
SAP koopt open-sourceplatform Dremio en ai-bedrijf Prior Labs
1 dag
Twee overnames, één strategie: SAP wil de datalaag voor agentic ai bezitten SAP heeft vandaag twee overnames aangekondigd die samen een duidelijk strategisch verhaal moeten ondersteunen: wie enterprise ai serieus neemt, moet eerst de data op orde hebben. Met Dremio haalt SAP alvast een open, krachtig data-lakehouseplatform in huis. Met Prior Labs koopt het concern een pionier in zogenaamde tabular foundation models. Enterprise ai-projecten mislukken zelden door het model. Ze mislukken door de data. Die zit verspreid over tientallen systemen, is opgesloten in gesloten formaten en mist de bedrijfscontext die nodig is om er betekenis aan te geven. Het gevolg is een patroon dat veel it-organisaties herkennen: pilots die niet schalen, integraties die te lang duren en compliance-risico’s wanneer een ai-beslissing niet meer te verklaren valt. Met de twee aangekondigde overnames wil SAP precies dergelijke uitdagingen aanpakken. ‘Krachtige ai begint met kwalitatieve data die uitstekende voorspellingen mogelijk maakt’, stelt SAP-ceo Christian Klein in een mededeling naar aanleiding van de overnames. Dremio: deal met meeste impact De overname van Dremio is strategisch de meest impactvolle van de twee. Dremio is weliswaar een relatief kleine speler, met zowat vierhonderd medewerkers en een omzet van zowat 40 miljoen dollar. Maar in de datawereld heeft Dremio een sterke naam opgebouwd dankzij zijn vermogen om razendsnel grote hoeveelheden data te bevragen. De kracht van Dremio zit in zijn architectuur. Het platform is volledig open source en maakt gebruik van Apache Arrow voor extreem snelle in-memory dataverwerking. Via SQL kunnen eindgebruikers grote datasets rechtstreeks bevragen vanuit uiteenlopende bronnen, van klassieke Hadoop- en Oracle-omgevingen tot moderne cloudopslag. Om vervolgens de resultaten door te sturen naar visualisatietools als Tableau. Dremio heeft altijd ingezet op een leveranciersneutraal ecosysteem. Precies die openheid maakt de combinatie met SAP op het eerste zicht best verrassend. SAP staat historisch bekend als een gesloten, proprietair ecosysteem. Anderzijds lanceerde SAP eerder al SAP Business Data Cloud, een dataplatform dat SAP- en niet-SAP-data samenvoegt als fundament voor AI-toepassingen. De aankondigingen bouwen hier op verder. ‘We zijn van plan om data-barrières verder te doorbreken’, aldus SAP-ceo Christian Klein. Prior Labs: de wetenschappelijke inzet Naast Dremio kondigt SAP ook de overname aan van Prior Labs, een Duits ai-onderzoeksbedrijf gevestigd in Freiburg. Prior Labs is de bedenker van tabular foundation models (tfm’s), een categorie ai-modellen die specifiek gebouwd zijn voor gestructureerde, tabellarische data. Dat onderscheid is relevant. Grote taalmodellen zoals GPT of Gemini zijn krachtig in tekst, maar presteren eerder zwak op tabellen, cijfers en statistische redenering. Tfm’s zijn precies daarvoor ontworpen. Ze kunnen op basis van tabeldata nauwkeurig bedrijfsuitkomsten voorspellen: betalingsvertragingen, leveranciersrisico’s, klantverloop, upsell-kansen. Prior Labs’ vlaggenschipmodel TabPFN-2.6 staat momenteel bovenaan TabArena, de toonaangevende benchmark voor tfm’s. SAP verbindt zich ertoe meer dan één miljard euro te investeren over de komende vier jaar om het uit te bouwen tot een van de toonaangevende ai-labs ter wereld. Hierbij blijft Prior Labs als zelfstandige entiteit opereren. Open formaten zijn in Beide transacties zijn nog onderhevig aan regulatoire goedkeuring. Financiële details werden voor geen van beide deals bekendgemaakt. Beide deals verwacht SAP in de loop van 2026 af te ronden, om ook het integratiewerk te kunnen aanvatten. In elk geval wijzen de twee overnames op een geheel. Dremio moet het data-integratievraagstuk helpen oplossen: alle data (SAP en niet-SAP) beschikbaar maken op één open platform, snel en zonder onnodige verplaatsing. Prior Labs levert de voorspellende intelligentielaag. Dit allemaal in teken van het tijdperk van agentic ai. De overnames passen tenslotte ook in een bredere sectortrend. Cloud- en ai-leveranciers als Databricks, Snowflake en Microsoft investeren zwaar in open dataformaten en ai-gedreven analytics. SAP, traditioneel sterk in transactionele bedrijfssystemen maar minder dominant in de analytische datamarkt, probeert met deze stappen een positie te veroveren als end-to-end platform voor enterprise ai.
Kort: Albert Heijn pakt met ai broodverspilling aan, 5 jaar garantie Brother-printers (en meer)
1 dag
In dit nieuwsoverzicht: Albert Heijn bakt brood slim af met ai, 1,8 miljoen voor Alalpha.one, Palo Alto Networks neemt Portkey over, robotmaaiers van Roborock naar de Benelux en Brother-printers krijgen vijf jaar garantie. Albert Heijn gebruikt ai voor minder broodverspilling Albert Heijn rolt in alle Nederlandse winkels een combinatie uit van slim afbakken en dynamisch afprijzen op de broodafdeling. Met intern ontwikkelde ai-systemen voorspelt de supermarkt per winkel de vraag naar brood, waarna het aanbod hierop wordt afgestemd. Overgebleven producten worden later op de dag automatisch afgeprijsd, met kortingen tot 70 procent. De landelijke uitrol start op 4 mei. Volgens Albert Heijn kan hiermee jaarlijks ruim twee miljoen kilo voedselverspilling worden voorkomen. De aanpak bouwt voort op de bakkerijapplicatie Bak, die in 2025 is ingevoerd en al leidde tot minder overproductie. Ai-startup Alalpha.one ontvangt 1,8 miljoen Het Amsterdamse Alpha.one heeft 1,8 miljoen euro aan groeikapitaal opgehaald voor de verdere ontwikkeling van zijn ai-platform dat marketingprestaties voorspelt. De investeringsronde is geleid door Orange Mills Ventures (eigendom van deeptech-investeerder Cees Meeuwis), samen met investeringsmaatschappij Capital Mills en het managementteam. Het platform gebruikt neurowetenschappelijke data om te voorspellen welke marketingcontent naar verwachting het beste presteert. Met de financiering wil Alpha.one zijn modellen verder trainen en het platform doorontwikkelen richting actieve optimalisatie van content. Het bedrijf werkt onder meer voor internationale klanten als Google, Ikea en Vodafone en wil zijn activiteiten verder uitbreiden in Europa, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Palo Alto Networks wil Portkey overnemen voor beveiliging van ai‑agents Palo Alto Networks is van plan ai‑startup Portkey over te nemen. Dit bedrijf uit San Francisco ontwikkelt zogeheten ai‑gateways voor het beheren en beveiligen van autonome ai‑agents. Na afronding van de overname moet Portkey worden geïntegreerd in Prisma AIRS, het ai‑securityplatform van Palo Alto Networks. Met de overname speelt het Amerikaanse beveiligingsbedrijf in op de toename van ai‑agents die zelfstandig taken uitvoeren binnen organisaties. Deze agents krijgen vaak brede toegangsrechten en vormen daarmee een nieuw beveiligingsrisico. Financiële details zijn niet bekendgemaakt. De transactie moet in het vierde kwartaal van boekjaar 2026 worden afgerond. Roborock brengt robotmaaiers naar de Benelux Het Chinese Roborock introduceert in de Benelux Nederland een nieuwe productlijn met robotgrasmaaiers. Het gaat om de RockNeo‑ en RockMow‑series, bedoeld voor uiteenlopende tuinen, van kleinere stadstuinen tot grotere en complexere percelen. De maaiers maken gebruik van sensoren, navigatie en ai‑gestuurde software om het gazon automatisch te onderhouden, zonder perimeterdraad. De modellen verschillen in capaciteit, aandrijving en prijs, waarbij de duurste varianten zijn ontworpen voor grotere oppervlakken en hellingen. De robotmaaiers zijn vanaf deze maand verkrijgbaar via geselecteerde retailers in Nederland en België. Met de robotmaaiers gaat Roborock onder meer de concurrentie aan met de slimme machines van Husqvarna. Brother verlengt printergarantie tot vijf jaar Brother, gevestigd in Amstelveen, biedt voortaan tot vijf jaar garantie op al zijn printers. Klanten krijgen na registratie boven op de standaard fabrieksgarantie van twee jaar extra garantie, zonder meerprijs. Voor zakelijke modellen geldt in het eerste jaar na registratie on-site service. Voor printers die worden ingezet binnen managed print services kan Brother inmiddels tot zeven jaar service leveren. Met de maatregel wil het bedrijf apparaten langer in gebruik houden en vervanging uitstellen. De verlengde garantie sluit aan bij eerdere initiatieven rond hergebruik, recycling en het verlengen van de levensduur van hardware. Daarnaast introduceert Brother een nieuwe generatie kleurenlaserprinters, uitgerust met de nieuwste chips en speciaal ontwikkeld voor de werkomgeving. De modellen verenigen een strak en compact ontwerp – tot wel 25 procent kleiner dan hun voorgangers – met een sterke focus op beveiliging.
Nederlands ai-bedrijf Nebius koopt Amerikaanse Eigen AI
1 dag
Nebius neemt voor 643 miljoen dollar het Amerikaanse Eigen AI over. Dit heeft Nederlands grootste ai-cloudbedrijf aangekondigd. Een vestiging voor engineering en onderzoek wordt opgezet in de buurt van San Francisco. Onderzoekers van Eigen AI die optimalisatietechnieken en -tools hebben ontwikkeld voor ai-infrastructuur zullen zich bij Nebius voegen. De kern bestaat uit een team van wetenschappers afkomstig van het MIT HAN Lab. De acquisitie moet leiden tot een snellere implementatietijd van ai-projecten, aanzienlijk betere kostenefficiëntie en de mogelijkheid om sneller nieuwe modellen te implementeren. Nebius heeft zijn hoofdkantoor aan de Amsterdamse Zuidas. Dankzij contracten met Meta en Microsoft ten bedrage van 46 miljard dollar kan het techbedrijf een enorme financiële armslag maken. Nvidia investeerde tweemiljard dollar in het bedrijf dat veel computerwetenschappers kent die uit Rusland zijn geëmigreerd.  Russische wortels Het snelgroeiende Nebius komt voort uit Yandex N.V., de Nederlandse moeder van het Russische Yandex. In 2024 werden alle Russische activiteiten uit de Nederlandse vennootschap gehaald. Het bedrijf werd afgesplitst van Yandex, het ‘Russische Google’. Eigen AI bestaat uit vooraanstaande onderzoekers op het gebied van ai-computing en optimalisatie van modellen. Ze zijn gespecialiseerd in inferentie, de fase in een ai-systeem waarin een getraind model beslissingen neemt of voorspellingen doet op basis van nieuwe, onbekende data. Wat een systeem dat is getraind op grote datasets eerder heeft geleerd, gaat het in de inferentie-fase toepassen op binnenkomende data. De overname zorgt ervoor dat Nebius Token Factory een sterker en completer platform wordt voor het draaien van ai‑modellen. Eigen AI combineert zijn bestaande optimalisatietechniek met de wereldwijde rekenkracht en ai‑cloud van Nebius dat meerdere datacenters bezit. Nebius haalt met de overname extra topexperts in huis, waardoor hun eigen ai‑onderzoek en ontwikkeling een flinke boost krijgt. Inferentie Het is de bedoeling om de inferentie- en optimalisatielagen (post-training) van Eigen AI direct te integreren in Nebius Token Factory. Dit platform biedt bedrijfsbrede, automatisch schaalbare endpoints en ‘fine-tuning pipelines’ voor alle belangrijke open-source modellen. De twee bedrijven hebben al gezamenlijk geoptimaliseerde implementaties van toonaangevende opensource-modellen geleverd die tot de snelste behoren als het gaat om ‘artificial analysis’. Inferentie is momenteel het snelst groeiende segment van ai. Naar verwachting zal dit later dit jaar ongeveer twee derde van de rekenkracht voor zijn rekening nemen. Het gebruik van opensource-modellen neemt eveneens toe. Nu steeds meer workloads in productie worden genomen, wordt de systeem-optimalisatielaag een cruciale infrastructuur. Grenzen verleggen Roman Chernin, medeoprichter Nebius, wijst op de beperkte rekencapaciteit voor ai. Geoptimaliseerde inferentie en schaalbare infrastructuur zijn daardoor hard nodig. Ryan Hanrui Wang, medeoprichter van Eigen AI, wil de grenzen van inferentie-prestaties verleggen. ‘Samen met Nebius nemen we de frictie weg bij het aanpassen en implementeren van ai-modellen, zodat ontwikkelaars modellen betrouwbaar in productie kunnen draaien zonder de onderliggende infrastructuur te hoeven beheren.’ Het efficiënt uitvoeren van inferentie in productie is inherent complex. Volgens Nebius vereist dit diepgaande expertise over de gehele uitvoeringsstack, van hoe modellen worden weergegeven tot hoe gpu-kernels ze uitvoeren en hoe workloads in realtime worden gepland. Full-stack optimalisatie Open-sourcemodellen worden doorgaans niet geoptimaliseerd geleverd, en nieuwere architecturen zoals Mixture-of-Experts (MoE), Compressed Sparse Attention (CSA), redeneermodellen en modellen met een lange context introduceren extra uitdagingen op het gebied van geheugen, routing en rekenkracht. De meeste teams hebben niet de capaciteit om deze problemen intern op te lossen, stelt Nebius. Eigen AI pakt deze uitdaging aan met een full-stack optimalisatie-aanpak die de gehele levenscyclus van het model omvat. Van post-training en finetuning tot optimalisatie van inferentie in productie, voor alle belangrijke opensource-modellen die in productie worden gebruikt, waaronder GPT-OSS, Gemma, Qwen, Llama, Nemotron, DeepSeek, GLM, Kimi en MiniMax.
Rotterdam verbreekt samenwerking Centric voor nieuw belastingsysteem
4 dagen
De gemeente Rotterdam stopt de samenwerking met Centric bij de ontwikkeling van een gemeentelijke belasting-applicatie. De it-dienstverlener zou voor de Maasstad een nieuw it-systeem voor de gemeentelijke heffingen ontwikkelen. Maar het project, De Nieuwe Hef genaamd, loopt zo slecht dat Rotterdam Centric ervan af haalt.  Sinds het afsluiten van de aanbesteding is gebleken dat Centric mijlpalen miste, zo staat in een brief aan de gemeenteraad. Planning en afspraken worden niet nagekomen. Vanaf de start vorig jaar doen zich structurele problemen voor, aldus de gemeente. De impasse leidde ertoe dat Centric afgelopen januari formeel in gebreke is gesteld.  Vervolgens zijn er gesprekken gevoerd en stukken gewisseld. Maar die hebben niet geleid tot meer vertrouwen bij de gemeente in een succesvolle tijdige afronding van de implementatie. Het boterde ook in de dagelijkse samenwerking niet tussen beide partijen. Zowel qua proces als inhoud bleef verbetering uit, zo blijkt uit de brief.  De gemeente vreest dat als op deze wijze wordt doorgegaan, de continuïteit van het belastingproces onder druk komt te staan. Dit zou een direct effect hebben op de belastingbaten als belangrijke inkomstenbron voor de gemeente. Wethouder Robert Simons (onder meer voor bestuur) noemt dat een onaanvaardbaar risico.  Wachtkamer Centric heeft nog niet gereageerd op het beëindigen van de samenwerking. Overigens is er een wachtkamerovereenkomst met een, niet nader genoemde, alternatieve leverancier. Deze overeenkomst stelt de gemeente in staat om binnen de kaders van de Aanbestedingswet op korte termijn door te starten met deze leverancier. Daarmee wordt de continuïteit van het belastingproces gewaarborgd. In de tussentijd blijft de huidige zelfgebouwde belastingapplicatie ONS live.   De gemeente tracht de gemaakte en nog te maken kosten zoveel mogelijk binnen de contractuele kaders te verhalen. Financiële details ontbreken nog. Centric kent een groot aantal gemeenten als klant. De it-dienstverlener werd in de zomer van 2024 overgenomen door een groep Nederlandse ondernemers actief in de it-dienstverlening. Adriaan Mol (Mollie en Bird), Ronald Bezuur (Uniserver) en Bram Bastiaansen (ACT Group) staken er geld in. Centric leek na de exit van Gerard Sanderink in rustig vaarwater te zijn beland. 
SaaS‑pocalypse
4 dagen
Wie overleeft de ai-golf? De bomen leken voor veel klassieke softwarebedrijven tot in de hemel te groeien. Tot voor kort. Want in het ai-tijdperk is niet iedere softwareleverancier automatisch een winnaar. Geavanceerde ai-tools kunnen traditionele bedrijfssoftware vervangen. Leveranciers met een verdienmodel dat kwetsbaar is voor ai-gestuurde automatisering moeten op hun tellen passen.  Begin februari verdween er ongeveer driehonderd miljard dollar aan marktwaarde uit aandelen van software- en databedrijven. Een handelaar van Jefferies bedacht hiervoor de term ‘SaaSpocalypse’ en beschreef het handelsgedrag als paniekverkopen: beleggers wilden vooral zo snel mogelijk van hun aandelen in enterprise-softwarebedrijven af. De directe aanleiding voor deze onrust was dat Anthropic op 30 januari elf open-source-plug-ins voor hun ai-agent Claude Cowork uitbracht. Deze plug-ins richten zich op werkprocessen zoals juridische taken, sales, marketing, financiën en data-analyse. Het was de eerste keer dat een grote llm-aanbieder zich rechtstreeks op verticale bedrijfsapplicaties richtte. De recente aankondiging van de met ai ontwikkelde ai-bot OpenClaw, die zelfstandig allerlei taken kan overnemen, past in dezelfde trend. Businessmodel Bedrijven die vooral verdienen aan het digitaliseren of efficiënter maken van processen, lopen dus risico. Want ai-agenten kunnen dat werk zelf steeds beter doen, zo is de gedachte. En dat stadium is nu bereikt. Ook workflowsoftware, databedrijven en consultancy zitten in de hoek waar klappen vallen. Hamvraag is de mate waarin ai bedrijfsmodellen ondermijnt. Wie blijft overeind als ai-automatisering écht doorzet? En is het businessmodel van saas houdbaar? ‘Veel taken die nu via software of consultants gaan, kan ai straks direct overnemen. Denk aan documenten maken, workflows beheren, vertalen, analyseren. Kenniswerkers worden sleets,’ zegt Sander Wolfensberger, cco en mede-oprichter van AIAIAI.eu. ‘Alle banen die digitale output creëren, veranderen sowieso. De impact van ai begint nu echt voelbaar te worden. De collectieve brainpower van de fysieke medewerkers in een bedrijf is straks vele malen kleiner dan die van ai.’ Modulaire software Leveranciers van traditionele software krijgen het moeilijk. Het tijdperk van dominantie door saas-leveranciers loopt ten einde, waarschuwt Gartner. Nieuwe vormen van ai‑agents maken het voor organisaties makkelijker om dure, starre saas‑tools te vervangen, stelt deze marktvorser. Veel van die oude tools leveren steeds minder op terwijl ze wel veel geld kosten. Bedrijven die kiezen voor flexibele, modulaire software die vanaf het begin goed met api’s en ai werkt, kunnen sneller vernieuwen en goedkoper werken. Zij lopen voorop in de race om de beste ai‑diensten te bouwen. Wolfensberger legt uit: ‘Ai is in staat functies over te nemen waar medewerkers voorheen aparte software voor gebruikten. Denk aan het opstellen van jaarcijfers voor een jaarverslag of het bijhouden van sales in het crm-pakket. Daar hebben bedrijven binnenkort echt geen speciale software meer voor nodig. Ai doet het zodra het is gekoppeld aan de bronsystemen zoals bancaire gegevens. Je ziet dat klassieke aanbieders allerlei ai in hun producten stoppen om relevant te blijven. Maar een echte, alwetende ai-kern zal het binnenkort toch over gaan nemen. De waarde van software-ip zal heel snel verdwijnen. Ai maakt binnenkort alle software on demand na.’ Ook Mark van Kampen, sectorspecialist TMT bij Rabobank, ziet dat software-oplossingen makkelijker zijn na te bouwen, maar hij verwacht dat kleinere apps die een slim dingetje kunnen doen, makkelijker door ai kunnen worden vervangen dan bijvoorbeeld een heel groot erp-systeem. ‘Complexe systemen zijn nog niet snel in te ruilen, zeker niet als daar stukken maatwerk in zitten.’  Grootste verliezers Gartner rekent traditionele saas-bedrijven tot de grootste verliezers van de verschuivingen als gevolg van ai-agenten. Dat geldt voor leveranciers die blijven vasthouden aan gesloten systemen waardoor agentic ai van derden buiten de deur blijft. De markt zal deze leveranciers afstraffen als gebruikers zelf geen agenten kunnen ontwikkelen en niet kunnen samenwerken met agenten van derden die op andere platforms zijn ontwikkeld. Ook het opleggen van restrictieve, eigen governance-modellen kan tot verlies aan klanten leiden. Minder developers nodig Softwarebedrijven zullen uiteraard ook zelf profiteren van ai. Door ai toe te voegen aan bestaande producten kunnen zij efficiënter werken en meer waarde bieden aan klanten. Maar als ze minder softwareontwikkelaars nodig hebben, kunnen ze die ook goedkoper inhuren. Wolfensberger: ‘Bepaalde developers die een paar jaar geleden nog met een salaris van 180.000 euro per jaar werden binnengehaald, krijgen nu 70.000 euro aangeboden. We hebben momenteel al veel ondersteunende agenten draaien, die automatisch bugs oplossen. We zien dan ook dat de snelheid van software development al tien keer hoger is dan zo’n anderhalf jaar geleden.’ Marcus Groeneveld, oprichter en ceo van Freeday.ai, ziet bij een groter aanbod van developers meer ruimte ontstaan voor nieuwkomers die alternatieven bouwen voor klassieke software-oplossingen. ‘Dit kan leiden tot lichtere pakketten voor kleinere organisaties.’ Meer aanbod betekent lagere prijzen waardoor de ‘consumptie’ van software stijgt.  Vrijdagmiddag Tech-educator Jim Stolze: ‘De code die ai-agenten schrijven, is kwalitatief beter dan die van een gemiddelde programmeur. Deze ‘robots’ voelen ook geen stress als de baas vrijdagmiddag roept dat hun werk nog dezelfde week af moet. Evenmin wordt gedacht: ‘we leveren het gewoon op en fixen de fouten de volgende maand wel.’ Ai-agenten werken gewoon rustig door en komen met een goed product dat ook netjes is gedocumenteerd’. Roel Hoeks, mede-oprichter van low-code ontwikkelaar EsperantoXL, verwacht niet dat klassieke softwarebedrijven helemaal worden weggevaagd. Software ontwikkelen is niet alleen coderen, maar ook nadenken over het totale plaatje, de risico’s en het in control zijn: ‘Met de komst van de cloud veranderde de security. Ai brengt weer nieuwe gevaren met zich mee.’  Ook Jim Stolze ziet traditionele softwarehuizen niet zomaar verdwijnen. Wel dreigt concurrentie van kleinere bureaus en startups. Die kunnen nu een grote broek aantrekken door een legertje ai-agenten in te schakelen. Grotere leveranciers hebben wel het voordeel dat ze de mensen hebben om goed naar nieuwe producten te kijken. ‘Ze voelen ook meer verantwoordelijkheid. Ervaringen uit het verleden kunnen uitglijders voorkomen.’ Zaken als compliance en governance zijn dus over het algemeen beter bij de grotere leveranciers geregeld. Maar bedrijven die ai-native software ontwikkelen, leren snel bij. Roel Hoeks: ‘Je kunt guardrails inbouwen door ai-agenten alleen dingen toe te staan die menselijke medewerkers mogen doen.’   Erp-leveranciers Veel discussie is gaande over de toekomst van grote erp-leveranciers als Oracle en SAP. Hoeks: ‘De klant krijgt bij hen software met functies die door anderen zijn bedacht. Anders gezegd: je bent gebonden aan wat de leverancier aanbiedt. Wil je iets speciaals dan is vaak duur maatwerk nodig. Ai-native software is flexibeler. Rekening wordt gehouden met de functionaliteit en de ‘business rules’ die je wenst.’ Hoeks ziet bedrijfssystemen onder invloed van ai sterk evolueren. De manier van werken wordt anders. Je hoeft niet meer dagelijks achter een computer te zitten. Een vr- of ar-bril waarop een ai-agent is aangesloten, kan als interface dienen. Al lopende door een magazijn kan je vragen inspreken over de voorraad en direct het antwoord krijgen. Ai biedt meer mogelijkheden als de software toegang heeft tot allerlei data. In plaats van stap voor stap te werken kan je met processen converseren.  Agenten kunnen ook zelf inkooporders geven of op verkoopopdrachten reageren. Van Kampen ziet dat ai-agenten echte uitvoerders van processen worden waarbij de mensen alleen nog de eindcontrole doen. Leveranciers die deze features niet inbouwen, gaan de boot missen. Volgens Groeneveld verandert de betekenis van ai-software. Eerst had je software die mensen efficiënter laat werken. Nu zie je de opkomst van ai-agenten die het werk helemaal overnemen. Daarbij zijn pakketten noch mensen meer nodig. De Freeday-ceo: ‘Je ziet al teams van meerdere agents actief worden. Ze kunnen tussenstappen automatiseren en werk aan elkaar geven. Mensen kunnen feedback aan hen geven waarmee deze agenten bij de bouw rekening kunnen houden.’ Ook komt het al voor dat ai-agenten zelf aangeven wanneer ze meer menselijke collega’s erbij willen krijgen.  Verdienmodellen Behalve andere concurrentieverhoudingen krijgen klassieke saas-leveranciers ook een minder sterke positie tegenover klanten. Traditionele saas-verdienmodellen die uitgaan van het aantal gebruikers, zijn op hun retour. Relevant wordt of de gebruiker er allerlei slimme dingen mee kan doen, niet zozeer de beschikbaarheid an sich. De vraag is welke invloed deze verschuiving heeft op de kasstromen van leveranciers. ‘Die financiële resultaten worden mogelijk minder voorspelbaar. Een van de redenen is dat de vaste saas-abonnementen door de komst van ai-agents steeds meer onder druk staan. Bij de inzet van ai-agents wordt steeds vaker afgerekend op basis van het daadwerkelijk behaalde resultaat, bijvoorbeeld de behaalde efficiency uitgedrukt in een bedrag in euro’s. Daardoor kan de omzet van softwarebedrijven per maand flink schommelen, omdat inkomsten niet meer gegarandeerd zijn maar afhangen van het succes dat de klant met de software behaalt,’ stelt Van Kampen. Agenten in bedrijven Jim Stolze onderscheidt aan de klantzijde drie categorieën bedrijven.  Organisaties die het gebruik van ai-agenten verbieden met de kans dat er shadow it, ontstaat wat de risico’s vergroot.  Organisaties waarin ai-agenten als een soort junior-programmeur met ervaren senior-ontwikkelaars samenwerken. Zulke op rol of taak gebaseerde ontwikkelaars die toegang hebben tot GitHub,voelen als een superkracht. Routine-klussen worden overgenomen en senior-ontwikkelaars krijgen dan de tijd om nieuwe dingen te bedenken. Organisaties waarin ai-agenten in plaats van alleen een rol ook een doel meekrijgen en zelf bepalen hoe ze dat bereiken. OpenClaw biedt die mogelijkheid.Bedrijven die in de eerste  categorie zitten, krijgen het moeilijk. Stolze: ‘Vroeger had je tien jaar de tijd om zo’n achterstand in te halen. Nu gaan de ontwikkelingen zo snel dat je er meteen mee aan de slag moet. Anders wordt het heel lastig om nog aan te haken.’ Het gebruik van ai neemt hand over hand toe. Van Kampen refereert aan studies waaruit blijkt dat in een jaar tijd tien keer zoveel bedrijven met ai-agenten zijn gaan werken. Adoptie van ai Bij de adoptie van ai onderscheidt Wolfensberger vier fasen:1.    Gebruik van ChatGPT zonder achtergrond;2.    Gebruik van ai-software die de context van bedrijven meeneemt;3.    Software die proactief werkt in plaats van alleen reactief. De ai-modellen en agenten zijn naadloos gekoppeld aan externe data, tools en systemen;4.    Agenten die helemaal zelfstandig beslissingen gaan nemen. Informatie wordt teruggesluisd naar bronsystemen.De derde fase is al binnen het bereik van voorlopers. Wolfensberger: ‘Dit is waar we met AIAIAI.eu mkb-bedrijven nu mee helpen.’ Ook Groeneveld’s Freeday.ai ziet veel progressie. Dit uitzendbureau voor digitale medewerkers heeft zelf dertig werknemers die worden bijgestaan door zeventig agents die het werk doen voor 250 man personeel.  Dit artikel staat ook in Computable Magazine 2026 #3.
Ai-wedloop Big Tech centraal bij kwar­taal­cij­fers
4 dagen
Bij de cijfers die Big Tech deze week presenteerde, staat de omvang van de investeringen centraal in plaats van omzet en winst zoals gebruikelijk is. Ai vergt enorme bedragen. En de ene tech-gigant tast nog dieper in de geldbuidel dan de andere.  De vier grootste Amerikaanse cloudspelers gaan in 2026 voor 770 miljard dollar in ai-infrastructuur steken. De gedachte achter deze investeringsdrift is dat wie leidend is in infrastructuur de ai-race wint. Big Tech is ervan overtuigd dat een ‘nieuwe cloud’ nodig is, specifiek afgestemd op de verwerking van de ai-workloads die veel routinewerk overnemen dat nu nog door mensen wordt gedaan.  Miljarden AWS investeert dit jaar tweehonderd miljard dollar, 60 procent meer dan in 2025 toen Amazon al de meest expansieve hyperscaler was. Alphabet/Google verwacht dit jaar 180 miljard à 190 miljard dollar te investeren. Microsoft is van plan in 2026 ongeveer hetzelfde bedrag te spenderen in ai-infrastructuur. In twee jaar verdubbelt de datacenter-capaciteit.  Meta, moeder van Facebook, Whatsapp en Instagram, is van plan dit jaar voor 145 miljard dollar aan kapitaaluitgaven te doen. Het merendeel daarvan gaat naar datacenters om ai-modellen te trainen en te gebruiken.  Vlak ook Oracle niet uit. Dit fiscale jaar trekt de database-gigant vijftig miljard dollar uit voor een agressieve expansie in ai-datacenters. IBM en Apple houden zich tussen al dit geweld relatief rustig. Opdrijven Zeker is dat de huidige investeringsgolf de kosten van ai-datacenters opdrijft. De gpu’s die snelle ai-berekeningen mogelijk maken, zijn al een tijd lang schaars. Hetzelfde geldt voor geheugens met een hoge bandbreedte evenals andere componenten. De beurs houdt zijn adem is. De hamvraag is hoe lang het duurt voordat deze investeringen zijn terugverdiend. Beleggers vragen zich af hoe hoog het rendement op deze ‘ai-avonturen’ wordt. Het is een onbekende tak van sport.  AWS De kwartaalcijfers die Big Tech-bedrijven deze week presenteerden, zijn goed. De inkomsten uit de cloud groeien snel. Bij AWS namen deze in het tweede kwartaal van het fiscale jaar met 28 procent toe vergeleken met dezelfde periode een jaar eerder. Dat was de snelste groei in vijftien kwartalen. Als het tempo waarin de vraag naar ai-diensten in het huidige tempo blijft groeien, stijgen de ai-inkomsten van AWS (run rate) dit jaar naar vijftien miljard dollar. De verkoop van chips (Graviton, Trainium en Nitro) loopt dit jaar op tot twintig miljard (run rate).  Amazon meldt een netto omzetstijging van 17 procent tot 181 miljard dollar in het eerste kwartaal. De nettowinst kwam uit op 30,3 miljard dollar Google Alphabet/Google zag de inkomsten over het eerste kwartaal met 22 procent stijgen tot 110 miljard dollar, terwijl de winst 81 procent omhoog spoot tot 62,6 miljard dollar. Ai stimuleert het gebruik van de cloud aanzienlijk. Die divisie haalde twintig miljard aan omzet binnen; 63 procent meer dan in dezelfde periode een jaar eerder. Google heeft nu voor 460 miljard dollar aan getekende contracten in de boeken staan tegen 240 miljard in het vorige kwartaal. Niet alleen rekenkracht, maar ook toegang tot ai-platforms wordt op grote schaal ingekocht. Google’s ai-chips verkopen als warme broodjes.  Sundar Pichai, topman van Alphabet en Google, zei: ‘2026 is fantastisch van start gegaan. Onze investeringen in ai en onze full-stack aanpak geven een boost aan elk onderdeel van het bedrijf. De zoekfunctie kende een sterk kwartaal, waarbij ai-ervaringen het gebruik stimuleerden, het aantal zoekopdrachten een recordhoogte bereikte en de omzet met 19 procent groeide.’ Microsoft Ook Microsoft meldt een snelle groei (40 procent) van haar cloud (Azure en een aantal andere clouddiensten). Azure geldt als de voornaamste infrastructuur waarop OpenAI en een aantal andere grote ai-aanbieders hun business baseren. Als de trend van het afgelopen kwartaal doorzet, komt de ai-omzet dit jaar uit op 37 miljard dollar; 123 procent meer dan een jaar geleden. De totale cloud-omzet bedroeg 54,5 miljard dollar, een stijging van 29 procent. De totale Microsoft-omzet steeg met 18 procent naar 82,9 miljard dollar, terwijl 31,8 miljard dollar nettowinst werd behaald. ‘We zijn gefocust op het leveren van cloud- en ai-infrastructuur en -oplossingen die elk bedrijf in staat stellen hun resultaten in het agentic computing-tijdperk te maximaliseren,’ zegt Satya Nadella, voorzitter en ceo van Microsoft. IBM IBM begon het jaar goed. De omzet over het eerste kwartaal steeg 9 procent tot 15,9 miljard dollar. De inkomsten uit infrastructuur (15 procent) namen het meest toe, gevolgd door software (11 procent) en consultancy (4 procent). Vooral hybride infrastructuur en dan met name IBM Z zit stevig in de lift.  ‘Ai blijft een drijvende kracht achter onze wereldwijde activiteiten. IBM-producten en -diensten helpen klanten bij het orkestreren, implementeren en beheren van ai in hybride omgevingen,’ aldus Arvind Krishna, topman van IBM. 
Kort: Atos bundelt krachten met Elastic voor ai-uitrol, 2 miljoen voor Delfts Fiducial (en meer)
4 dagen
In dit nieuwsoverzicht: Atos en Elastic sluiten ai-pact, Descartes koopt Idelic, verzekeraar Stoïk naar Nederland, Mnemonic opent soc in Utrecht en dronesoftwaremaker Fiducial krijgt twee miljoen euro.Atos en Elastic werken samen aan ai-dataplatformsAtos en Elastic starten een samenwerking rond de uitrol van dataplatforms voor ai-toepassingen in de Benelux en Nordics. Atos neemt het Elasticsearch‑platform op in zijn Smart Platforms‑portfolio voor data-, security- en ai-oplossingen.De partners richten zich op organisaties die hun data-architectuur willen voorbereiden op schaalbare en veilige ai‑workloads, met aandacht voor lokale en sectorspecifieke eisen. Atos levert integratie en beheer, terwijl Elastic technologie biedt voor data-analyse en zoekfunctionaliteit. De samenwerking moet later worden uitgebreid naar andere Europese landen.Descartes breidt software voor wagenparkveiligheid uit met overname IdelicDescartes Systems Group uit Waterloo (Ontario, Canada) heeft Idelic overgenomen, een leverancier van software voor chauffeursveiligheid en prestatiebeheer. Idelic, gevestigd in Pittsburgh (Pennsylvania, VS), ontwikkelt een safety‑intelligenceplatform dat training, monitoring, rapportage en coaching voor wagenparken samenbrengt. De oplossing analyseert onder meer telemetrie- en ongevalsdata om rijrisico’s te signaleren.Descartes zegt de technologie te integreren in zijn eigen logistieke netwerk, onder meer voor toepassingen in last‑mile‑distributie en route-uitvoering. De overnamesom bedraagt circa 28 miljoen dollar, aangevuld met een mogelijke prestatieafhankelijke nabetaling tot 12 miljoen dollar.Cyberverzekeraar Stoïk start in Nederland met Robert Spaan als directeurStoïk, een aanbieder van cyberverzekeringen, betreedt de Nederlandse markt. Het bedrijf, gevestigd in Parijs, richt zich op het mkb en combineert verzekering met preventie, monitoring en incidentrespons. Voor de Nederlandse activiteiten is Robert Spaan aangesteld als ‘country manager’. Hij was eerder onder meer managing director bij Aon en verantwoordelijk voor Europese business development bij Eye Security.Volgens Stoïk neemt het aantal cyberincidenten en claims onder Europese bedrijven snel toe, met name door e-mailfraude en ransomware. De uitbreiding naar Nederland past in de bredere Europese groei van het bedrijf, dat actief is in meerdere landen en samenwerkt met verzekeringsintermediairs.Mnemonic opent Nederlands soc in nieuw kantoor UtrechtDe Noorse cybersecurityspecialist Mnemonic heeft een soc (security operations centre) geopend in zijn nieuwe kantoor aan de Hondiuslaan in Papendorp, Utrecht. Vanuit dit soc biedt het bedrijf uit Oslo ook eerstelijns-monitoring en incidentafhandeling in het Nederlands, uitgevoerd door lokale analisten. De dienstverlening wordt ondersteund door soc‑teams in andere Noord‑Europese landen, waaronder Noorwegen en Zweden.Mnemonic is sinds negen jaar actief in de Benelux en bedient organisaties in onder meer vitale en gereguleerde sectoren. De uitbreiding moet verdere groei in Nederland en België ondersteunen. Het bedrijf stelt dat het met zo’n lokaal soc tegemoet komt aan de groeiende behoefte aan Europese, soevereine cybersecuritydiensten.Graduate Ventures en SecFund steken 2 miljoen in FiducialGraduate Ventures investeert samen met SecFund ruim twee miljoen euro in Fiducial, een ontwikkelaar van computer‑visionsoftware voor autonome drones. De startup is gevestigd in Delft en opgericht door hoofdzakelijk TU Delft‑alumni. De software stelt drones in staat te navigeren en objecten te detecteren in omgevingen waar gps en radar onvoldoende functioneren. De financieringsronde omvat ook een lening van Rabobank.Fiducial begon in 2022 als studentenproject aan de TU Delft, gericht op visuele inspectie voor industriële toepassingen. Sinds 2025 wordt de technologie ook ingezet voor defensiegerelateerde scenario’s.Graduate Ventures, gevestigd in Rotterdam, is een investeringsfonds van alumni van de Erasmus Universiteit Rotterdam, Erasmus MC en TU Delft en richt zich op deeptech‑startups met een universitaire oorsprong. SecFund is een samenwerking van het ministerie van Defensie, ministerie van Economische Zaken en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen, verenigd in ROM-Nederland. Het fonds investeert in defensietechnologie.
UWV stopt met Le Chat, start proef met Copilot
4 dagen
Vanaf half mei start UWV een pilot met de ai-chatbot Microsoft Copilot Chat Web. Deze proef duurt tot het einde van dit jaar. Dit betekent dat de uitvoeringsorganisatie stopt met het gebruik van Le Chat van het Franse Mistral AI. Le Chat is de ai‑assistent van het Franse bedrijf Mistral AI. Het is vergelijkbaar met ChatGPT, maar met een sterke focus op Europese datasoevereiniteit, snelheid en agent‑functionaliteit. Toch stopt het UWV met deze, sinds juni 2025 actieve, ai-agent. ‘Le Chat was bedoeld als een tijdelijke oplossing totdat een gecontracteerde ai-toepassing beschikbaar kon worden gesteld’, zegt een woordvoerder. ‘Daarom onderzoekt UWV of ai-toepassingen die beschikbaar zijn binnen het Microsoft Copilot-ecosysteem, verantwoord kunnen worden ingezet.’ Betere resultaten Volgens de zegsman draait Copilot Chat Web binnen de Microsoft-omgeving van UWV. Daardoor kunnen meer instellingen beheerd worden en zijn er betere mogelijkheden om de beveiliging af te stemmen op UWV-eisen. De verwachting is dat Copilot Chat Web betere resultaten oplevert, wat voor meer gebruiksgemak zorgt en shadow-ai tegengaat. Eind van dit jaar worden de uitkomsten van deze pilot geëvalueerd. Toch lijkt het inruilen van een Europese tool voor een Amerikaanse vanuit het oogpunt van soevereiniteit en digitale autonomie niet handig in deze geopolitieke tijden. UWV meldt desgevraagd hierover: ‘Ondertussen wordt ook gekeken naar andere betrouwbare (soevereine) alternatieven.’
Google zet alles op Gemini Enterprise: ambitie, architectuur én een leger consultants
4 dagen
Google zet zwaar in op Gemini Enterprise als end-to-end-systeem voor het agentic-tijdperk. Maar naast de technologie is de samenwerking met de nodige consultants een cruciale factor voor succes. ‘In enterprise ai zijn het de consultants die de klant bezitten. En Google weet dat.’Google Cloud heeft een duidelijke strategische keuze gemaakt: Gemini Enterprise wordt het centrale platform voor de zogenaamde ‘agentic enterprise’, waarbij autonome ai-agents niet langer adviseren maar ook zelfstandig handelen.Tijdens de voorbije Google Cloud Next ’26 werden de contouren van die ambitie concreet. ‘Gemini Enterprise is het bindweefsel tussen data, mensen, apps en agents dat alle processen binnen organisaties kan omzetten in één intelligente workflow’, aldus Thomas Kurian, ceo van Google Cloud. ‘We bieden een verticaal geoptimaliseerde stack waarin alles gezamenlijk is ontwikkeld.’ Gemini Enterprise als totaalplatform Gemini Enterprise wordt dus uitgebreid met een volledig ontwikkel- en beheerplatform voor ai-agents. Daarmee wordt de aankondiging van oktober vorig jaar dus flink opgeschaald. Google wil af van het imago van aanbieder van losse bouwstenen. Met functies als agent studio, long-running agents en een agent marketplace – met partners als Workday, ServiceNow en Atlassian – positioneert het zich als orkestrator van het volledige enterprise ai-ecosysteem. De verdere aankondigingen tijdens Google Cloud Next ’26 omvatten onder meer nieuwe tpu-generaties, een agentic data cloud, een vernieuwd cyberbeveiligingsplatform en uitgebreide Workspace-updates die volledige aankoopprocessen via natuurlijke taal afhandelen. De consultant als troefkaart Technologie alleen wint geen enterprise-contracten. Precies daar zit de tweede strategische laag van Next ’26, en die draait niet om technologie, maar wel om een investeringsfonds van 750 miljoen dollar om adoptie via partners te versnellen.Google stalt eigen engineers bij Accenture, Deloitte en Cognizant, geeft McKinsey, BCG en Bain vroege toegang tot Gemini-modellen, en zet in op een ecosysteem van 120.000 partners met meer dan 330.000 getrainde experts. ‘Het is niet alleen het inschakelen van consultants, maar het uitbeden van je distributie’, oppert Alex Richards, vice president of partnerships bij analyseplatform Quantum Metric. De logica is volgens hem helder. Als Accenture herhaalbare agentic ai-oplossingen bouwt op Gemini, wordt Gemini automatisch aanbevolen aan elke Fortune 500-klant. Niet per se omdat het de beste keuze is, maar omdat het het meest ingebedde platform is. Richards vat het samen: ‘In enterprise ai zijn het de consultants die de klant bezitten. En Google weet dat.’Daarmee wordt ook de rivaliteit met Microsoft en AWS volgens hem scherper. ‘Microsoft vertrouwt op de integratie van OpenAI in bestaande workflows, AWS op infrastructuurdominantie via Bedrock. Google koopt zich in bij de bedrijven die de transformatiebudgetten al beheren.’ En daarvoor heeft het 750 miljoen dollar en een leger consultants aan zijn zijde.
De toekomst van Max en Vera
5 dagen
DATAREVIVAL – Tot haar grote genoegen (persoonlijk en financieel) krijgen de kinderen van mijn vriendin de komende maanden hun hbo-diploma’s en betreden zij de arbeidsmarkt. Max gaat als verpleegkundige de zorg in en Vera de ict. Tot voor kort dacht ik dat beiden zich geen zorgen hoefden te maken over hun toekomst. Door de vergrijzing komt de zorg elk jaar meer handen tekort en de ict is in een digitaliserende samenleving eveneens een groeimarkt. Daar denk ik nu heel anders over. Laten we beginnen met Max, de verpleegkundige. De komende jaren is er geen vuiltje aan de lucht voor handen aan het bed, maar de dreiging heet robotica. Tien jaar geleden hadden we in Nederland een idiote hype rond robots die op het punt stonden om mensenwerk over te nemen, maar dat dit binnen de komende tien jaar wel staat te gebeuren is helemaal geen hype. De tekenen zijn overal. Kort geleden wees een Nederlands bedrijfje een overnamebod van vijfhonderd miljoen dollar van OpenAI af. Het bedrijf verzamelde trainingsdata, goud voor het aanleren van de (fijne) motoriek van robots. Die kunnen op een dag dus een klysma plaatsen of een injectie doen. En de ai-taalmodellen die nu bezig zijn om de wereld te veroveren, lijken zeer geschikt voor het voorkomen van medische missers. Robots die zowel fysiek als mentaal competent zijn kunnen in beginsel elke fysieke menselijke activiteit overnemen. Op een dag worden het dus robot-handen aan het bed. Waarschijnlijk zijn het ook warme handen, want de vermoedelijk benodigde rekenkracht vereist wel een Nvidia-gpu en die doen het niet op AAA-batterijtjes. Dit alles wordt nog onderstreept door de pivot die Tesla maakt van (steeds maar niet) zelfrijdende auto’s naar humanoïde robots die onder meer een auto kunnen besturen. Het is na Spacex en Tesla zelf Elon Musks derde grote gok, maar Musk heeft bepaald een goed track record. Op een kwade dag wordt Max misschien door de robot die de zorg voor zijn patiënten overneemt naar het UWV gereden (waar ze zijn gegevens invoeren in het ww-systeem uit de jaren tachtig van de vorige eeuw). Wat voor Max mogelijk nog tien of twintig jaar duurt, staat voor Vera de ict’er nu al voor de deur. Mijn vorige Data Revival was gewijd aan een experiment om ChatGPT een database te laten ontwerpen. ChatGPT zakte daarbij flink door het ijs, maar dat krijg je als je een ai traint op een wereld van slecht ontworpen databases. Ik vermoed dat het nu al stukken beter kan als je zorgt voor adequate prompts, maar ik stelde ook dat de huidige ai’s uitermate geschikt zijn voor database herstructurering en gegevensconversies. Waar een echte database-ontwerpblunder (voorbeeld) in de praktijk niet te herstellen is, kan dat met ai wel. Dat zou betekenen dat legacy-systemen werkelijk een tweede leven kunnen krijgen en we niet meer zijn gebonden aan de keuze tussen kostbaar doormodderen (‘softwareveroudering’) en kostbaar en gevaarlijk herbouwen. Dat gaat heel veel banen kosten. Veel meer acuut is wat ai nu al doet voor de productiviteit van ontwikkelaars. Het algemene beeld rond ai is dat het vooral nuttig is in de handen van experts en dat was ook de conclusie in mijn vorige Data Revival. Maar voor beginnende of minder begaafde software ontwikkelaars is dat helemaal niet zo. Zelf behoor ik tot die tweede categorie en ik kan uit eigen ervaring melden dat mijn productiviteit door het dak gaat met ChatGPT. En het is niet alleen de productiviteit maar ook de consistentie. Het bedrijf Block (van Twitters Jack Dorsey) besloot om 40 procent van het personeel te lozen Ik heb bijvoorbeeld een hekel aan sommige aspecten van de SQL syntax (joins) en mijd deze, tot groot ongenoegen van mijn collega’s. Nu doe ik mijn eigen ding en laat het resultaat herschrijven in de stijl van mijn collega’s. Het lijkt triviaal, maar wat er nu al kan en gebeurt rond software is een enorme revolutie. En zelfs als we er voor zouden kiezen om software ontwikkeling volledig uit te besteden aan junioren, ict-kneuzen en rommelende vibe coders zou er nog geen man overboord zijn als de beroerde resultaten door ai kunnen worden herontworpen en hercodeerd. Het oude en niet zo succesvolle idee van softwareprototyping door niet-ict’ers met materiekennis komt misschien wel weer terug, terwijl iedereen die zich nu architect noemt een andere baan kan gaan zoeken. En ook hier is de toekomst er al. Het bedrijf Block (van Twitters Jack Dorsey) besloot om 40 procent van het personeel te lozen. Softwareontwikkeling gaat extreem veel sneller met kleine teams met ai. Block is ook niet het enige voorbeeld, al vind ik zo snel nog niets uit Nederland. Max en Vera bezitten gelukkig straks hun professionele kwalificaties en per saldo maken we ons weinig zorgen. Gelukkig zijn ze midden twintig en flexibel en zitten ze nog niet op een ‘veilige’ positie in een zorginstelling of op een ict-afdeling. Het komt vast goed, maar spannend wordt het wel. Datarevival is een rubriek van René Veldwijk over de wondere wereld van data. Veldwijk is associé bij Ockham Groep en opiniemaker bij Computable. Dit artikel staat ook in Computable Magazine 2026 #3. Deze embed gebruikt marketing cookies. Accepteer marketing cookies om de embed te tonen. Accepteer marketing cookies
Kort: Fujitsu en Carnegie Mellon onderzoeken fysieke ai, Broeders nieuwe ciso Rijk (en meer)
5 dagen
In dit nieuwsoverzicht: onderzoekscentrum Fujitsu en Carnegie Mellon voor fysieke ai, Zebra Ventures steekt geld in Apera AI, IG&H lijft Alii in, Crayon gaat verder onder naam SoftwareOne en Justin Broeders wordt nieuwe ciso Rijk. Fujitsu en Carnegie Mellon starten onderzoekscentrum voor fysieke ai Fujitsu Limited, gevestigd in Tokio, en Carnegie Mellon University (CMU) uit Pittsburgh hebben een gezamenlijk onderzoekscentrum opgericht voor zogeheten fysieke ai. In het Fujitsu–Carnegie Mellon Physical AI Research Center werken onderzoekers van beide organisaties aan technologieën die kunstmatige intelligentie toepasbaar maken in machines en apparaten die opereren in de fysieke wereld. Het centrum richt zich op onderzoek naar onder meer robotica, machine learning, simulatie en mens-robotinteractie. Doel is om ai-systemen te ontwikkelen die inzetbaar zijn in sectoren als industrie, logistiek, infrastructuur en zorg. Daarbij wordt gebruikgemaakt van faciliteiten van CMU’s Robotics Innovation Center in Pittsburgh. De onderzoeksresultaten moeten op termijn worden verwerkt in Fujitsu’s Kozuchi Physical OS, een platform dat robots, sensoren en systemen gezamenlijk aanstuurt, van cloud tot edge. Zebra Ventures investeert in vision‑startup Apera AI Zebra Ventures, de investeringsarm van het Amerikaanse Zebra Technologies, heeft een minderheidsbelang genomen in Apera AI. Dat Canadese bedrijf, gevestigd in Vancouver, ontwikkelt 4d‑visionsoftware waarmee industriële robots objecten herkennen en hanteren in wisselende productieomgevingen. De technologie combineert 3d‑beeldvorming met ai en is bedoeld voor toepassingen waar onderdelen overlappen, glanzen of transparant zijn. Met de investering wil Zebra zijn aanbod voor fabrieks- en logistieke automatisering uitbreiden. Apera AI kan het kapitaal gebruiken om implementaties bij fabrikanten op te schalen. De software is ontworpen om te integreren met bestaande robotsystemen en vraagt relatief weinig kalibratie. IG&H neemt ai-zorgplatform Alii over IG&H, een Utrechts advies- en technologiebedrijf, neemt zorgplatform Alii over. Met de overname breidt IG&H zijn activiteiten in de zorg uit met ai-ondersteunde besluitvorming voor zorgprofessionals. Het platform van Alii vertaalt medische richtlijnen, protocollen en patiëntgegevens naar beslisondersteuning tijdens het zorgproces. Dat moet helpen bij consistentere keuzes in een sector met personeelstekorten en toenemende zorgvraag. Alii is eveneens gevestigd in Utrecht en telt tien medewerkers. De oplossing wordt al ingezet in onder meer ggz, ziekenhuiszorg en langdurige zorg en kan integreren met bestaande epd-omgevingen. IG&H zegt cliënten zo één aanbod te bieden voor strategie, implementatie en ai-toepassingen in de dagelijkse zorgpraktijk. De techconsultant meldde haast gelijktijdig ook al de overnamedeal rond CloudNation. Crayon-naam verdwijnt na integratie met SoftwareOne SoftwareOne voert de merknaam Crayon niet langer en gaat verder onder één naam. Dat maakt het bedrijf bekend na de afronding van de fusie tussen SoftwareOne en Crayon, die in juli 2025 werd voltooid. Het Zwitserse bedrijf kocht zijn Noorse concurrent Crayon Group voor omgerekend ruim 1,3 miljard euro. De rebranding wordt vanaf april gefaseerd doorgevoerd. Volgens SoftwareOne moet één merk de organisatie duidelijker positioneren richting klanten en partners. Het bedrijf richt zich op dienstverlening rond software-inkoop, cloud en aanverwante it-diensten. SoftwareOne is gevestigd in Zwitserland en telt circa 13.000 medewerkers in meer dan zeventig landen. In Nederland opereert het bedrijf vanuit Amsterdam. Justin Broeders nieuwe ciso Rijk Justin Broeders is met ingang van 1 juni aanstaande benoemd tot chief information security officer (ciso) Rijk. Hij heeft ruime ervaring binnen en buiten de overheid op gebied van informatiebeveiliging.  Broeders volgt als ciso Rijk Aart Jochem op die eind 2025 na vijf jaar afzwaaide en tijdelijk werd opgevolgd door Martijn de Hamer. Art de Blaauw, de huidige cio Rijk bij het ministerie van BZK, roemt het overzicht dat Broeders heeft en de rust die hij uitstraalt. Broeders maakt al drie jaar deel uit van de Ciso-raad van de rijksoverheid. Hij wordt daar nu ook de voorzitter van.  Belangrijke verantwoordelijkheid bij zijn rol is het vormgeven en borgen van een veilige digitale overheid. De ciso Rijk speelt een sleutelrol in het versterken van de digitale weerbaarheid en autonomie van Nederland. 
Datacenter in Vijfhuizen kan 9 jaar wachten op stroom
5 dagen
Infrastructuur-reus Goodman moet mogelijk negen jaar wachten voordat het geplande datacenter in Vijfhuizen van stroom wordt voorzien. Netbeheerder TenneT hoeft het aansluittraject met de Australische projectontwikkelaar, die nabij verkeersknooppunt Rottepolderplein een datacentern wil neerzetten, niet voort te zetten. De verplichting tot hervatting hiervan ontbreekt omdat er geen sprake is van een gecontracteerde afnemer.  Zo heeft de rechtbank Gelderland bepaald. TenneT handelt niet onrechtmatig door de projectontwikkelaar vanwege netcongestie in het focusgebied op wachtlijst te zetten. De rechter vindt dat het belang van TenneT bij een veilig en goed functionerend elektriciteitsnet het zwaarst weegt. Dat belang gaat boven het (zuiver financiële) belang van Goodman om de door haar aangevraagde aansluiting op het net binnen de door haar gewenste termijn te hebben gerealiseerd.  Goodman eiste dat ze de beloofde 70 MW-aansluiting uiterlijk in het vierde kwartaal van 2029 in gebruik kan nemen. Begin dit jaar kreeg het datacenter-bedrijf van TenneT te horen dat dit onmogelijk is vanwege congestie. Goodman had in 2023 de offerte ondertekend voor werkzaamheden die TenneT in het voortraject zou doen. Maar daarmee had TenneT nog geen verplichting tot het sluiten van realisatieovereenkomsten, aansluit- en transportovereenkomsten.  In oktober 2025 kreeg Goodman te horen dat die contracten er voorlopig ook niet aankwamen omdat het te druk werd op het stroomnet. Goodman is op de wachtlijst geplaatst. De netcongestie in Noord-Holland zal pas in 2033-2036 zijn opgelost. Dit betekent dat Goodman nog wel negen jaar kan wachten. En dat terwijl beide partijen al vijf jaar praten over realisatie van de aanvraag. Goodman had al de komende zomer met de bouw willen beginnen. Samen met het Canadese pensioenfonds CPP Investments steken de Australiërs acht miljard euro in Europese datacenters.
Cloudsector voelt zich gepasseerd bij keuze voor StackIT
5 dagen
De brancheorganisatie Dutch Cloud Community (DCC) vindt dat de raamovereenkomst die de rijksoverheid met het Duitse StackIT aanging, ook met de Nederlandse sector had moeten worden afgesloten. Het is nog niet te laat om dat alsnog te doen. Als vertegenwoordiger van de Nederlandse cloud- en hostingsector heeft DCC herhaaldelijk voorgesteld aan de rijksoverheid en aan Strategisch Leveranciersmanagement Rijk (SLM Rijk) om samen aan de slag te gaan. Simon Besteman, director of public affairs bij DCC, betreurt het dat het SLM Rijk hier nooit gehoor aan heeft gegeven. Hij vindt het moeilijk te verteren dat het Rijk voor het Duitse StackIT koos, zonder de Nederlandse sector te spreken. Het kwam nooit tot verkennende gesprekken, laat staan tot een roadmap met stappen die van beide kanten genomen moeten worden om een level playing field te maken. Nederlandse bedrijven zouden ten minste de kans moeten krijgen om mee te dingen naar opdrachten van de rijksoverheid, vindt Besteman. Geen contact Ook toen SLM de opdracht kreeg om naast de overeenkomsten met Microsoft, AWS en Google naar een soevereine partij te kijken om daar afspraken mee te maken, is er volgens Besteman geen contact gezocht met de eigen Nederlandse cloudsector.  En dat terwijl de sector de voorbereidingen heeft getroffen voor zo’n raamovereenkomst. Besteman: ‘Wij hebben een overzicht van Nederlandse bedrijven die aan de eisen van digitale autonomie en soevereiniteit voldoen. Wij hebben met de bedrijven een accreditatie ontworpen. Initiatieven als de Open Cloud Alliantie laten ook zien dat de branche in staat is om de consortia te vormen die nodig zijn om als opdrachtgever van de overheid te dienen.’ Niet doorpakken Besteman spreekt van een gemiste kans. ‘Het aanbod is er, de bedrijven zijn er, de structuur die nodig is om zo’n overeenkomst te sluiten is aanwezig.’ De DCC-woordvoerder constateert dat de politieke wil er zeker is. Het kabinet-Jetten kent immers een staatssecretaris voor Digitale Economie en Soevereiniteit. Met de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) is er ook een strategie. Maar de rijksoverheid weet volgens Besteman niet door te pakken. De ministeries van EZK en Justitie en Veiligheid zijn om commentaar gevraagd. Afgelopen dinsdag stelde het kamerlid Barbara Kathmann (GroenLinks-PvdA) al vragen over de raamovereenkomst met StackIT.
Kamer zet kabinet onder druk om DigiD‑contract alsnog te torpederen
5 dagen
De Tweede Kamer wil weten of het kabinet toch nog mogelijkheden heeft om begin mei af te zien van verlenging van het contract met Solvinity voor de ondersteuning van het DigiD-platform. Over deze voortzetting heeft het ministerie van BZK al op 27 maart jongstleden besloten, maar de overeenkomst tot verlenging met twee jaar is nog niet ondertekend.  Uit vragen die de Kamerleden Barbara Kathmann (GroenLinks-PvdA), Chris Stoffer (SGP) en Henk Vermeer (BBB) op 29 april hebben gesteld, blijkt dat betrokken fracties in deze kwestie een uiterste poging willen doen om de verlenging tegen te houden. Ze hopen te kunnen voorkomen dat het beheer van DigiD onder de Amerikaanse invloedssfeer komt te staan.  Het liefst ziet een Kamermeerderheid dat de voorgenomen overname van Solvinity door het Amerikaanse Kyndryl helemaal niet doorgaat. Het zo snel mogelijk beëindigen van het contract voor de levering van infrastructuur-diensten voor DigiD is een andere mogelijkheid.  Alles bij het oude laten Logius, de it-dienst die onder BZK valt, heeft tot 6 mei aanstaande de tijd de optie tot verlenging van het contract met twee jaar niet te lichten en een nieuwe aanbesteding uit te schrijven. Maar de ambtenaren van Logius willen gewoon alles bij het oude laten en met Solvinity doorgaan, ook al raakt dit bedrijf in Amerikaanse handen.  Eerder genoemde Kamerleden willen weten welke overwegingen aan deze keuze ten grondslag liggen. Ook vragen zij of het niet verlengen van het contract wel serieus is overwogen. En of er (juridische) mogelijkheden zijn om voor woensdag aanstaande alsnog af te zien van de contractverlenging van twee jaar. En zo niet, of er dan een mogelijkheid is om het contract slechts onder voorbehoud te verlengen zolang Solvinity niet door een Amerikaans bedrijf wordt overgenomen. Contract weghalen Tot slot willen GroenLinks-PvdA, SGP en BBB weten of het DigiD-contract bij Solvinity valt weg te halen en wat hiervan de kosten zijn. Pieter van Oordt, chief privacy officer van Logius, opperde onlangs het plan met Kyndryl te onderhandelen over uitstel van de overname van Solvinity met enkele maanden. In de tussentijd zou het DigiD-contract naar een partij kunnen worden overgeheveld die Nederlands is en ook blijft. Maar Van Oordt mocht dit plan van de Logius-leiding niet aan de betrokken staatssecretaris presenteren. De privacy-ambtenaar werd met bijzonder verlof gestuurd.  Volgens staatssecretaris Eric van der Burg (BZK) is het niet mogelijk is om voor augustus 2026 over te stappen naar een andere partij zonder dat hierbij de continuïteit en veiligheid van de dienstverlening van Logius in gevaar komt. De drie Kamerleden willen een nadere uitleg hiervan, liefst ook met onderzoek dat deze conclusie onderbouwt. Inmiddels zijn burgers een petitie gestart om het DigiD-platform en ook andere overheidsdiensten buiten de Amerikaanse invloedssfeer te houden. 
Hoge Colleges van Staat ruilen Oracle in voor SAP S/4Hana  
5 dagen
WIE GUNT WAT – De Hoge Colleges van Staat vervangen hun bestaande financiële Oracle-landschap door SAP S/4Hana. Het project wordt uitgevoerd door iQibt uit ’s‑Hertogenbosch, dat optreedt als managed service provider en centraal aanspreekpunt. Het contract heeft een looptijd van tien jaar en een waarde van zo’n acht miljoen euro. De implementatie neemt naar verwachting een jaar in beslag. De Tweede Kamer, Eerste Kamer, Raad van State, Algemene Rekenkamer en Nationale ombudsman – de Hoge Colleges van Staat (HoCoSta’s) – doen mee aan het traject. Aanleiding voor het project is de verouderde software en het veranderende kader waarin de organisaties opereren. Wet- en regelgeving, governance-eisen en it‑architecturen zijn de afgelopen jaren sterk in beweging geweest. Momenteel is er sprake van één FIS (Financieel Informatie Systeem) dat door zowel de Tweede Kamer (de grootste én hoofdgebruiker) als de vier andere genoemde HoCoSta’s wordt gebruikt.   Complex beheer Het beheer van het Oracle EBS-FIS is momenteel onderverdeeld. De eigen it-dienst van de Tweede Kamer is er voor de infrastructuur en het operating system (OS) van de applicatieserver, de functionele ondersteuning hoort bij leverancier Apps&Us, het databasebeheer bij leverancier DBA.nl en het technisch beheer bij leverancier MCX. Daarnaast is er nog het beheer van de aanpalende systemen Apro, Apro Banking en Cognos door de respectievelijke leveranciers Apro, Apps&Us en Centric. De verschillende verdeelde verantwoordelijkheden die bij de diverse partijen zijn belegd, creëren momenteel coördinatieproblemen. Deze beheeruitdaging is een belangrijke reden een oplossing te zoeken in een saas-cloudoplossing, aldus het bestek van deze tender. Toekomstige gewenste situatie Er wordt een saas-cloud-oplossing op basis van SAP S/4Hana – het Rijk is een groot SAP-gebruiker – neergezet die minimaal de huidige functionaliteiten in het FIS weet te dekken en mogelijkheden biedt om verder te optimaliseren. Daarnaast wordt elke HoCoSta verantwoordelijk voor het onderhoud en beheer van het eigen deel van de applicatie in plaats van afhankelijk te zijn van de dienstverlening vanuit de Tweede Kamer. Elke organisatie krijgt een eigen, logisch gescheiden SAP‑omgeving binnen één platform, waarbij wordt samengewerkt met twee it-partners (iQibt en SAP) in plaats van de huidige riedel. Wie gunt wat: Veel ict-opdrachten worden verstrekt via een aanbestedingstraject. Computable maakt regelmatig melding van de publiek gemaakte gunningen.
Space datacenters blijven voorlopig sciencefiction
6 dagen
Datacenters in de ruimte; een futuristische fantasie of een serieuze optie om de explosieve vraag naar ai-rekencapaciteit te dekken? Bestaat er een toekomst waarin computerkracht niet langer op aarde staat, maar in een baan eromheen draait?  Begin februari voegde Elon Musk zijn ai-bedrijf xAi bij zijn rakettenfirma SpaceX om ‘de meest ambitieuze, verticaal-geïntegreerde innovatiemachine’ te vormen waarin ai, ruimtevaart, space-based internet en direct-to-mobile communicatie samenkomen. Musk stelde dat ‘het lanceren van een miljoen ton satellieten per jaar met 100 kW rekenkracht per ton jaarlijks 100 gigawatt ai-rekencapaciteit zou toevoegen, zonder voortdurende operationele of onderhoudsbehoeften. Uiteindelijk is er een pad om 1 TW per jaar vanaf de aarde te lanceren. Mijn schatting is dat binnen twee tot drie jaar de goedkoopste manier om ai-computing te genereren in de ruimte zal zijn.’  Plannen prematuur Musks visie om tot een miljoen ton ai-satellieten te lanceren die functioneren als ai-datacenters is bepaald niet onomstreden. Vrij unaniem is de mening die Computable optekende, dat de plannen van de rijkste man ter wereld in ieder geval prematuur zijn. Realisatie is niet onmogelijk, maar dan moet er veel, zo niet alles, meezitten.  Patrick Bolder, strategisch adviseur NLR (Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum) en HCSS (The Hague Centre for Strategic Studies), ziet qua technologie wel kansen. Maar hij gaat er niet vanuit dat de Amerikaanse tech-miljardair zijn droom snel realiseert. ‘Het kan nog wel tien tot vijftien jaar duren voordat dit soort datacenters rendabel worden.’ Ook Rick Pijpers, bestuurslid NSDC (Nederlandse Soevereine Datacenter Coöperatie), denkt dat Musk nog een lange weg te gaan heeft. Bolder en Pijpers denken dat het realisme bij Musk nog ver is te zoeken. Behalve economische, ecologische, juridische en politieke bezwaren zijn er ook technische belemmeringen.  Het mooie is dat Nederland juist een aantal belangrijke knelpunten voor Musk kan oplossen. Bolder: ‘Laser-communicatie maakt het mogelijk data veilig en duurzaam naar de aarde te brengen. Ook bij de ontwikkeling van energiezuinige photonica loopt Nederland voorop. En om de risico’s op botsingen tussen satellieten en brokstukken in de ruimte te verminderen zijn geavanceerde radars nodig. Thales in Hengelo maakt radars met een bereik van wel tweeduizend kilometer. Deze drie technische ontwikkelingen zijn cruciaal voor het slagen van Musk’s plannen.’ Desondanks heeft Bolder nog veel vraagtekens. Voor een aantal problemen is geen snelle oplossing te voorzien. Musk stelt dat ai-datacenters in de ruimte de enige manier zijn om echt te schalen. Volgens de miljardair wordt de ruimte niet voor niets ‘ruimte’ genoemd. Maar de realiteit is dat de lage aardbanen (500 tot 2500 km boven de aarde) die zich het beste lenen voor datacenters, al behoorlijk vol zitten. Je vindt daar satellieten, brokstukken daarvan, rondzwevende onderdelen en ruimtepuin. Alle kans dus op cascade-effecten. En bij grote constellaties nemen de risico’s op botsingen exponentieel toe.  Bolder waagt het dan ook te betwijfelen of voor de aantallen satellieten die Musk in zijn hoofd heeft, wel voldoende plek is. En ook geopolitiek zit dit moeilijk. Behalve Musk en mede-miljardair Bezos (Amazon) heeft ook China enorme ambities om de banen rond de aarde met satellieten te vullen. En de ruimte wordt ook steeds belangrijker voor militaire operaties, wat weer tot extra spanningen kan leiden.  Koeling Musks idee dat de zon in de ruimte altijd schijnt en de hoeveelheid energie kolossaal groot is, klopt natuurlijk wel. Maar daartegenover staat dat de koeling van de chips een uitdaging is. Bolder: ‘Aan de zonzijde ontstaat een enorme hitte, terwijl het aan de andere kant heel koud is. De hitteafvoer in vacuüm is moeilijker dan op aarde. Vloeistofleidingen kunnen de chips koeler maken, maar dat maakt de satelliet weer zwaarder. Snelle oplossingen zijn er niet.’ Chips zijn bovendien niet goed bestand tegen straling. De apparatuur in de datacenters zal snel moeten worden vervangen. Daar komt bij dat onderhoud zeer moeilijk en kostbaar is. Een ander knelpunt zijn de hoge kosten die de bouw van datacenters in de ruimte met zich meebrengt. Datacenters hebben een hoog gewicht. Musk speelt met de gedachte wel een miljoen extra servers de ruimte in te sturen. Een server rack weegt al gauw meer dan duizend kilo. En de lancering kost minimaal tweehonderd dollar per kilo, stellen deskundigen.  Bolder: ‘De kosten van een lancering zijn per kilo materiaal dat naar de ruimte wordt gebracht, de afgelopen jaren weliswaar flink gedaald, maar nog altijd aanzienlijk. SpaceX heeft met zijn Falcon 9 raketten op dit gebied indrukwekkende resultaten bereikt. Toch is er nog een flinke kostendaling nodig om dergelijke projecten rendabel te maken. Volgens Bolder kan dat nog wel tien tot vijftien jaar duren.  Zoektocht nieuwe infrastructuur Ai verbruikt veel stroom op aarde. Volgens Musk lopen de energie‑ en koelcapaciteit van datacenters tegen de grenzen aan. Bedrijven als Starcloud schetsen hun concepten vaak als kolossale satellieten, waarbij een compacte ai‑server kern wordt omgeven door enorme ringen van zonnepanelen die de installatie van stroom voorzien. Stijn Grove, managing director Dutch Datacenter Association (DDA), noemt het idee van datacenters in de ruimte technologisch interessant. ‘Dit past in de bredere zoektocht naar nieuwe infrastructuur voor een snel groeiende digitale economie. Vanuit de datacenter-sector zien we het vooral als een mogelijke aanvullende ontwikkeling, niet als een vervanging van de bestaande infrastructuur op aarde.’  Rick Pijpers (NSDC) denkt dat deze op zonne-energie gebaseerde rekencapaciteit vooral de basisvraag voor het trainen van ai-modellen kan dekken. Net als kernenergie en waterkracht vormt zonne-energie vanuit de ruimte een continue bron van stroom. Verschillen tussen dag en nacht zijn er niet. Maar ook Pijpers noemt de praktische haalbaarheid van Musk’s ideeën beperkt. Hij vindt het een aannemelijk scenario dat kernfusie in reactoren op aarde in de toekomst de vraag naar rekenkracht voor ai-training gaat dekken.  Pijpers: ‘Op de termijn van drie tot vijf jaar die Musk denkt nodig te hebben om de eerste ruimte-datacenters draaiende te krijgen, zijn alleen heel kleine voorlopers mogelijk. Maar dan spreek je echt om rekencapaciteit in de marge.’ Voorlopig gaat Musk uit van theorie. Hij heeft echter wel bewezen snel ideeën vanuit de theorie naar de praktijk te kunnen brengen. De satellieten die SpaceX lanceerde voor communicatie tot in de verste uithoeken van de wereld, zijn een groot succes.  Latency Grove ziet eveneens grote vraagstukken rond latency, connectiviteit, onderhoud, betrouwbaarheid en enorme kosten van lancering en infrastructuur. Data moet uiteindelijk altijd naar gebruikers en netwerken op aarde, waardoor terrestrische netwerken en datacenters essentieel blijven. Grove: ‘Daarom is het realistischer om dergelijke initiatieven te zien als experimentele of aanvullende capaciteit voor specifieke toepassingen, bijvoorbeeld voor bepaalde vormen van high-performance computing of specifieke dataverwerking dicht bij satellietsystemen. Het zal echter niet de bestaande datacenter-architectuur vervangen.  ‘De ontwikkeling van digitale infrastructuur beweegt juist richting een steeds meer gedistribueerd model. We zien een combinatie van grote internationale hubs, nationale en regionale datacenters en een groeiend netwerk van edge-locaties. Die infrastructuur groeit omdat de vraag naar data, compute en opslag blijft stijgen. Nieuwe concepten, of dat nu onder water, in de ruimte of in andere innovatieve vormen is, kunnen daarbij een rol spelen. Maar ze zullen vooral aanvullend zijn op de bestaande ecosystemen die de digitale samenleving vandaag al draaiende houden.’ Thermisch beheer Met ai-workloads neemt de vermogensdichtheid in datacenters aanzienlijk toe. Dit verandert de eisen aan de infrastructuur. Koeling, energieverbruik en systeemevaluatie moeten opnieuw worden bekeken. Een factor die lange tijd als een bijproduct werd beschouwd, komt nu in beeld: restwarmte. Een rack met een stroomverbruik van 150 kilowatt zet bijna al deze energie om in restwarmte. Alleen luchtkoeling is niet langer voldoende. Thermisch beheer is een van de voornaamste uitdagingen waarvoor Musk zich gesteld voelt. De afvoer van hitte in een vacuüm, zoals in de ruimte, behoort tot de grote thema’s waar het NLR onderzoek naar doet. Het kwijtraken van warmte is geen sinecure. NLR ontwikkelt modellen, tools en ontwerpconcepten om warmte af te voeren, componenten te koelen en complete thermische systemen te integreren in toekomstige ontwerpen.  Debris-mitigatie Een belangrijk onderzoeksgebied van NLR betreft debris-mitigatie; het geheel aan maatregelen om het ontstaan van nieuw ruimtepuin te voorkomen en bestaand puin minder gevaarlijk te maken. Satellieten en raketten moeten zo worden ontworpen dat ze geen onderdelen verliezen tijdens normaal gebruik. Ook het voorkomen van explosies en fragmentaties is belangrijk. Veilige verwijdering na het einde van de levensduur is het streven. Een van de maatregelen is een satelliet uit zijn baan te halen en die gecontroleerd te verbranden. Ook het verplaatsen naar een hogere, minder drukke baan is een optie. Bedrijven met plannen voor datacenters in space 1. Starcloud Amerikaanse startup die specifiek datacenters in lage baan om de aarde bouwt. Lanceerde in 2025 de satelliet Starcloud-1, met o.a. een ai-gpu. Dit wordt gezien als het eerste echte operationele orbital data center. 2. Axiom Space Bouwt een commercieel ruimtestation dat ook een datacenter moet bevatten. Eerste module gepland rond 2026, met een orbital data center rond 2027. 3. Orbital Bouwt infrastructuur voor ‘Orbital AI factories’. Heeft al servers op het International Space Station getest. 4. SpaceX Heeft plannen ingediend voor een constellatie van mogelijk tot een miljoen ton aan ai-datacenter-satellieten. 5. Blue Origin Werkt aan ruimte-infrastructuur die ook space-based computing en datanetwerken moet ondersteunen. Dit artikel staat ook in Computable Magazine 2026 #3.
Spoelstra Spreekt: Marathon
6 dagen
COLUMN – Het werd altijd voor onmogelijk gehouden maar er is van de week voor het eerst een marathon onder de twee uur gelopen. Door twee personen nog wel. Dat lijkt me ook kut. Loop je onder de twee uur een marathon, wat een prestatie is die in alle kranten over de hele wereld komt te staan, loopt er nog iemand onder de twee uur. En die is nog sneller ook! Hardlopen is populair. Vooral op sociale media. Veel mensen delen hun tijden en afstanden in hun tijdlijn. Strava is de bekendste app. Ik gebruik zelf ook Strava. Dan doe ik de app aan, zet hem op hardlopen en dan fiets ik met mijn elektrische fiets een halve marathon en dan deel ik het op Instagram. Het hoeft niet. Tenzij je achterna wordt gezeten door een wolf natuurlijk Daarbij, en dat wil ik even tegen de hardlopers zeggen, het hoeft niet. Tenzij je achterna wordt gezeten door een wolf natuurlijk. Intensief sporten schijnt namelijk ook helemaal niet zo gezond te zijn. Sporten wel maar intensief sporten, zoals het lopen van een marathon, dus niet. Dus voordat je je Strava gaat delen, bedenk even dat een halve marathon lopen net zo gezond is als het hele weekend barbecueën. Ik weet dat nu een aantal spareribliefhebbers denken, oh dan ben ik eigenlijk best goed bezig! Maar die vlieger gaat ook niet op. Ultieme revanche Dus lieve hardlopers, het hoeft niet. In China hebben ze inmiddels jaarlijks een wedstrijd waar echte lopers het tijdens een halve marathon opnemen tegen robots. De robots hebben dit jaar voor het eerst gewonnen. Het leuke is natuurlijk dat die robot is gemaakt door één of andere nerd die vroeger altijd als laatste werd gekozen met gym. De ultieme revanche. Het lijkt me ook heel frustrerend om een wedstrijd te verliezen van een machine. Bijna net zo kut als een marathon onder twee uur lopen en dan toch nog verliezen. Jacob Spoelstra is columnist/stand-upcomedian. Kijk voor meer informatie op www.jacobspoelstra.nl.
Kort: Zakelijk dipje deert KPN niet, burgerpetitie om DigiD (en meer)
6 dagen
In dit nieuwsoverzicht: Eerstekwartaalcijfers KPN, overnames door Böschen IT Group (Rvados) en IG&H (CloudNation), HarfangLab biedt Navo steun en onderzoekscentrum en burgerpetitie om DigiD ’te redden’. KPN trapt 2026 af met groei omzet en vooral van winst KPN zegt een solide start van het jaar te hebben gemaakt, ondanks een lichte terugval op de zakelijke dienstenmarkt (-0,6 procent). Daar had het ict-concern te maken met een ingecalculeerde, lagere omzet van laagmarge-maatwerkoplossingen (-14 procent). De groepsservice-omzet steeg met 0,6 procent jaar-op-op-jaar, gedreven door consumenten (+1,3 procent), mkb (+5,8 procent) en groothandel (+0,8 procent). Verder stelt KPN de Nederlandse glasvezelmarkt te blijven leiden. Samen met Glaspoort bereikte het netwerk circa 5,9 miljoen huishoudens, waarvan ongeveer 4,7 miljoen daadwerkelijk zijn aangesloten. In het eerste kwartaal werden ruim 58.000 nieuwe woningen geactiveerd. De totale omzet in de eerste drie maanden van 2026 kwam uit 1,45 miljard euro, een stijging van 2,1 procent. De nettowinst steeg met 19 procent van 169 miljoen (eerste kwartaal 2025) naar tweehonderd miljoen euro, te danken aan omzetgroei (met name bij het mkb en de glasvezelmarkt) gecombineerd met strakke kostenbeheersing. KPN ziet, hoewel de geopolitieke achtergrond volatiel blijft, geen aanleiding om de vooruitzichten voor het volledige jaar 2026 te herzien. Böschen IT Group neemt it-dienstverlener Rvados over Böschen IT Group, gevestigd in Amsterdam, heeft it-dienstverlener Rvados ingelijfd. Met de acquisitie breidt de groep zijn activiteiten in Nederland verder uit en wordt zo binnen het Reliance-platform het aanbod van managed services versterkt. Rvados, gevestigd in Utrecht en tot voor kort onderdeel van 90North, blijft voorlopig onder eigen naam actief en behoudt de bestaande teams en klantrelaties. Volgens Böschen IT Group sluit de werkwijze van Rvados aan op die van Reliance, dat zich richt op beheer en ondersteuning van it-omgevingen. Het bedrijf uit de Domstad is gespecialiseerd in desktop-, server- en cloudinfrastructuren op basis van technologie van Microsoft, Citrix, VMware en Ivanti. IG&H breidt cloudaanbod uit met overname CloudNation IG&H, een consultancy- en technologiebedrijf gevestigd in Utrecht, neemt cloudspecialist CloudNation over van de Atomic Group. Met de overname krijgt IG&H er ruim zestig cloud- en ai-specialisten bij en breidt het zijn dienstverlening op het gebied van AWS en Microsoft Azure uit, onder andere gericht op de financiële sector, zorg en detailhandel. CloudNation is gehuisvest in Bunnik en blijft actief binnen de bestaande organisatie- en klantstructuur. De Atomic Group uit Alkmaar, richt zich na de verkoop volledig op de soevereine cloud-, data- en ai-infrastructuur voor de Nederlandse markt; CloudNation blijft een partner. HarfangLab leverde edr-tool tijdens Navo-oefening Locked Shields De Europese securityleverancier HarfangLab uit Parijs heeft voor het eerst zijn endpoint detection and response‑oplossing (edr) geleverd voor de Navo-oefening Locked Shields. Deze jaarlijkse cyberverdedigingsoefening vond plaats van 13 tot 24 april en bracht meer dan vierduizend deelnemers uit veertig landen samen. Locked Shields wordt georganiseerd door het Navo Cooperative Cyber Defence Centre of Excellence en simuleert grootschalige cyberincidenten op nationale schaal. HarfangLab stelde zijn edr-tool beschikbaar aan het DACHL-team, waarin Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland en Luxemburg samenwerken. Tijdens de oefening in Estland werden realistische aanvallen nagebootst op kritieke en militaire infrastructuren. Naast Harfanglab maakte de Navo ook gebruik van de diensten van securityspecialist Sans Institute. Burgers starten petitie om DigiD uit handen van Trump te houden Een groep bezorgde burgers onder leiding van it-salesmanager Auke Alewijnse is een petitie gestart om de ondersteuning van het DigiD-platform in Nederland te houden. Aanleiding is het feit dat de Nederlandse regering het contract met Solvinity wil verlengen. De initiatiefnemers vrezen dat de digitale identiteit van alle Nederlanders in gevaar komt als Solvinity in Amerikaanse handen komt en onder de invloedssfeer van de regering Trump valt.  De petitie roept het kabinet-Jetten op om de regie te gaan pakken. Voorgesteld wordt om in deze kwestie samen te werken met experts, zoals Pieter Omtzigt, Reijer Passchier, Marleen Stikker, Bert Hubert, Ronald Prins, Jesse Six Dijkstra, Brenno de Winter, Dutch Cloud Community en Pieter van Oordt, privacy-ambtenaar bij BZK. Behalve DigiD zouden ook andere overheidsdiensten zoals Mijn Overheid, de politie en een aantal diensten van het ministerie van Justitie en Veiligheid buiten bereik van Amerikaanse wetgeving moeten blijven. [Alfred Monterie]
Twijfels of ‘Lidl-cloud’ wel zo soeverein is
6 dagen
GroenLinks-PvdA zet vraagtekens achter de grote raamovereenkomst die de rijksoverheid heeft afgesloten met Duitse cloudleverancier StackIT. Het Tweede Kamerlid Barbara Kathmann betwijfelt of een dergelijk contract met één leverancier bijdraagt aan een eerlijk en open speelveld voor andere Europese techbedrijven. Ook het ‘soevereiniteits’-laagje dat de Duitsers over Google Workspace hebben gelegd, roept vragen op. Kathmann vraagt staatssecretaris Willemijn Aerdts (EZK) deze raamovereenkomst aan de Kamer te sturen. Volgens haar kunnen de diversificatie en keuzevrijheid tussen leveranciers, zoals wordt beoogd door een privaat initiatief zoals de Open Cloud Alliantie, hierdoor in gevaar komen. Laatstgenoemde Nederlandse alliantie waartoe Centric, Info Support, Intermax, KPN, Nebul, Previder en Uniserver behoren, mag niet het nakijken hebben. Dat StackIt wel is toegevoegd aan de lijst met raamovereenkomsten en de Open Cloud Alliantie (nog) niet, kan een kwestie van timing zijn. Mogelijk loopt StackIt voor in het traject waarbij het Strategisch Leveranciersmanagement Rijk (SLM Rijk) de producten tegen het licht houdt en moet het aanbod van de Nederlandse cloud-combinatie nog door die beoordeling heen.  Uitsluiten? Zij wil ook weten welke ‘veilige en gunstige voorwaarden’ zijn afgesproken met het Duitse bedrijf dat dezelfde eigenaar als Lidl heeft. Opslag binnen de Europese Economische Ruimte (EER) is geen afdoende bescherming tegen inzageverzoeken van Amerikaanse overheden, als de bedrijven die de opslag beheren onder Amerikaanse wetgeving vallen.  Kathmann vraagt Aerdts uit te sluiten dat de clouddiensten van StackIT op welke manier dan ook afhankelijk zijn van niet-Europese techbedrijven in het beheer, onderhoud, de beveiliging, of andere essentiële processen. Het Kamerlid wil ook weten welke analyses het ministerie heeft gemaakt om te bevestigen dat StackIT daadwerkelijk volledig Europees en autonoom is. Soevereine variant StackIT en Google zijn sinds november 2024 strategische partners op gebied van werkplek-oplossingen en cloud. Het Duitse bedrijf stelt EU-rekencentra, lokale data-opslag en client-side-versleuteling voor Google Workspace beschikbaar. Daardoor kunnen deze Google-diensten in een soevereine, Europese cloud-architectuur worden gebruikt, zo meldt StackIT-moeder Schwarz. Vanwege deze encryptie en sleutelbeheer bij StackIT kan Google zelf de Workspace-data niet inzien, stelt het bedrijf. De encryptie vindt direct plaats op het eindapparaat. Google levert zijn Workspace waarvan een soevereine variant bestaat, ai-functies (Gemini) en veiligheidssoftware van Google Cloud. Deze laatste software is geïntegreerd met die van XM Cyber, Schwarz hybride-cloudsecurity bedrijf. Dit is gedaan om buiten de Amerikaanse invloedssfeer te vallen zoals de Cloud Act.   Google is er veel aangelegen dat ze via StackIT bij de rijksoverheid meer voet aan de grond krijgt. De Nederlandse overheid is sterk op Microsoft georiënteerd. Bijna nergens ter wereld is Microsoft zo dominant. 
Wanneer is een cloud werkelijk soeverein?
6 dagen
Volledige cloudsoevereiniteit is moeilijk te realiseren. Bovendien is het geen wettelijke norm. Twee instanties, – de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur en de Duitse BSI – laten hier in recente publicaties hun licht over schijnen.Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI)De Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) stelt in een paper dat digitale weerbaarheid via de Cyberbeveiligingswet het echte doel moet zijn, niet Europese of nationale cloudsoevereiniteit. Organisaties moeten vooral digitale autonomie bereiken: grip op hun afhankelijkheden, data, processen en continuïteit. De herkomst van de cloudleverancier is minder relevant dan de mate van regie, vindt de RDI. Een niet‑Europese cloud kan acceptabel zijn als risico’s beheerst zijn; een Nederlandse cloud kan onacceptabel zijn als grip ontbreekt. Zo stelt de Rijksinpectie, die sinds dit jaar toezicht houdt op de Cyberbeveiligingswet. Deze implementatie van NIS2 verplicht organisaties om grip te hebben op hun digitale afhankelijkheden. Volgens de RDI moet de digitale autonomie centraal staan:• Heeft de organisatie zelf regie op welke clouddiensten op welke wijze worden ingezet en met welk doel;• En op welke wijze worden de risico’s beheerd.De inspectie noemt drie thema’s uit de Cyberbeveiligingswet die extra relevant zijn bij het gebruik van clouddiensten:1. Risicoanalyse en beveiliging van informatiesystemen;2. Beveiliging van de toeleveranciersketen;3. Effectiviteit van beleid en procedures.Bundesamt für Sicherheit in der Informationstechnik (BSI)Ook in Duitsland trekt de autonomie van de cloud veel aandacht. Het Duitse federale bureau voor informatiebeveiliging (BSI) heeft criteria gepubliceerd om de soevereiniteit van clouddiensten te beoordelen. Dat helpt met name beheerders van kritieke infrastructuur en diensten. Want voor hen is het lastig een oordeel te vormen over oplossingen van niet-Europese cloudproviders. Het BSI stelt dat op dit gebied veel beloftes worden gedaan, maar dat de criteria vaak onduidelijk zijn. ‘Is een cloudoplossing soeverein als deze technisch veilig binnen de EU wordt beheerd? Of onafhankelijk is van de infrastructuur van een Amerikaans bedrijf?’ Volgens het BSI is technische it-beveiliging één ding, maar technische soevereiniteit is niet altijd een perfect op elkaar afgestemde reeks vereisten.Veel discussie is er over de dreiging dat leveranciers permanent toegang kunnen houden tot de systemen en gegevens van hun klanten. Dit roept de vraag op naar digitale soevereiniteit, met name als het gaat om clouddiensten. Met de C3A (Criteria enabling Cloud Computing Autonomy) heeft het BSI een actiekader gepresenteerd dat de soevereiniteitskenmerken van clouddiensten transparant maakt. De C3A-criteriacatalogus biedt transparantie, richtlijnen en de mogelijkheid om clouddiensten te selecteren op basis van criteria die relevant zijn voor de specifieke toepassing. De C3A dienen als leidraad voor actie en creëren transparantie, maar hebben geen wettelijke werking.De C3A kunnen worden gebruikt door zowel cloudproviders als cloudklanten. Cloudproviders kunnen via een audit aantonen dat ze aan de criteria voldoen. Cloudklanten kunnen het raamwerk gebruiken om de vereisten voor hun eigen gebruikssituatie te identificeren en zo hun gewenste mate van soevereiniteit te bepalen. Het BSI zal in een volgende stap een richtlijn voor C3A-audits publiceren.
ChipSoft: gestolen data zijn vernietigd
6 dagen
ChipSoft beweert dat alle ruim drie weken geleden ontvreemde patiëntgegevens zijn vernietigd. Publicatie lijkt te zijn voorkomen. Meestal gebeurt dat pas als er losgeld is betaald, maar het Amsterdamse softwarebedrijf bewaart daarover het stilzwijgen. Wel staat vast dat met de ransomware-bende die ChipSoft heeft aangevallen, is onderhandeld. De cybercriminelen die schuilgaan achter de benaming Embargo, claimden 100 GB aan data te hebben gestolen. Ze zetten ChipSoft onder zware druk om hun eisen in te willigen. Niet bekend is hoeveel geld aan de leverancier van elektronische patiëntendossiers is gevraagd. Versleuteld? In een korte verklaring op de eigen website stelt ChipSoft dat de bescherming van de gegevens van klanten altijd de hoogste prioriteit heeft. ‘In deze uitzonderlijke situatie heeft dat belang zeer zwaar gewogen.’ Verder meldt het bedrijf: ‘Mede met ondersteuning van cybersecurity-experts is het ons gelukt om te voorkomen dat de gegevens gepubliceerd zijn. Tevens zijn die ontvreemde gegevens vernietigd. Onze cybersecurity-experts hebben bevestigd dat deze vernietiging op technisch juiste wijze heeft plaatsgevonden.’ Een nadere uitleg hierbij ontbreekt. Behalve dat lijkt te zijn voorkomen dat medische gegevens online komen te staan is het ook mogelijk dat de criminelen data hebben versleuteld. Om met die gegevens weer aan het werk te kunnen moeten slachtoffers vaak nog eens extra betalen. Dat heet dubbele afpersing. ChipSoft zegt ook daar weinig over. ‘Het herstelproces verloopt voorspoedig, maar vraagt uiteraard om zorgvuldigheid en tijd. Daarvoor vragen wij nogmaals uw begrip,’ zo luidt de boodschap aan klanten.
Onderzoek naar lasergebaseerde 3d-printen onder water
1 week
Event | Hannover Messe 2026 In het onderzoeksproject RoLaKI wil het LZH samen met twee partners robot- en lasergebaseerde 3d-printen ontwikkelen voor onderwaterreparatie. Kunstmatige intelligentie is bedoeld om beschadigde stalen constructies duurzaam en efficiënt te repareren. Op de afgelopen industriebeurs Hannover Messe was er aandacht voor dit project. Onderwaterstructuren zoals offshore-windturbines, bruggenpijlers of haveninfrastructuur worden blootgesteld aan extreme omstandigheden. Het repareren van schade aan hun stalen constructies wordt als tijdrovend en duur beschouwd. In het RoLaKI-project, gefinancierd door het Duitse Federale ministerie van Onderzoek, Technologie en Ruimte, werken het Laser Zentrum Hannover (LZH), het Instituut voor Informatieverwerking van de Leibniz Universität Hannover en Oftec Handelsgesellschaft für Oberflächentechnik aan een oplossing: zij ontwikkelen een methode waarmee staalconstructies onder water over grote oppervlakken kunnen worden gecoat of door het ‘aanbrengen’ van nieuwe structuren kunnen worden gerepareerd (‘geprint’). Onder water RoLaKI staat voor Roboter‑ und Laserbasierter 3D‑Druck mittels KI‑Unterstützung, oftewel:robot- en lasergebaseerde 3d-printen met kunstmatige intelligentie voor duurzame reparatie van onderwaterstalen constructies. De kern van het project is lasergebaseerde 3d-printen onder water. De wetenschappers onderzoeken eerst hoe verschillende procesparameters reparatiewerkzaamheden beïnvloeden. Met deze gegevens trainen ze vervolgens een artificiële-intelligentie (ai)-tool die zelfstandig leert en optimale parameters voorspelt voor nieuwe reparatietaken. Daarnaast willen ze een ai-ondersteunde routeplanning ontwerpen die berekent hoe een beschadigde plek het beste kan worden gerepareerd. Voor gebruik buiten het laboratorium ontwikkelt het team een speciale laserbewerkingsoptiek. Deze moet de optische componenten met de draadaanvoer voor het coatingproces verenigen. Deze optiek wordt met een fijnpositioneringssysteem op een magneetcrawler bevestigd, die het systeem onder water naar de beschadigde plek brengt. Met het fijnpositioneringssysteem zou het dan mogelijk worden om lasnaden nauwkeurig naast en boven elkaar op te bouwen middels 3d-printing.
Landelijke standaarden nodig voor zorgsector
1 week
Invoering van Integraal Zorg Akkoord te veel op regio’s gericht Het Integraal Zorgakkoord (IZA) dat het ministerie van VWS en zorgpartijen in 2022 sloten om de zorg in Nederland toegankelijk, kwalitatief goed en betaalbaar te houden, gaat uit van regionale toepassing. Deze aanpak leidt tot zorgen bij it-partijen die de zorgsector bedienen. Driekwart van de Nederlandse ziekenhuizen gebruikt het Elektronisch Patiëntendossier (EPD) van ChipSoft. Het Amsterdamse bedrijf biedt een totaalplatform waarmee zorgverleners kunnen registreren, samenwerken, gegevens uitwisselen en beslisondersteuning krijgen. Vincent van den Berg, digital health innovator bij ChipSoft, is kritisch op de regionale toepassing van het IZA, en had liever gezien dat standaarden de kern van het IZA vormen. Van den Berg: ‘Toen IZA werd ingevoerd, hebben wij contact opgenomen met onze klanten om te vragen wat zij doen op dat vlak en wat zij van ons verwachten. Ons werd duidelijk dat er een sterk regionale kant zit aan de digitaliseringscomponent van IZA. In elke regio zit wel een ziekenhuis. Helaas zijn bij de opstelling van de regionale plannen de leveranciers niet betrokken. Dat geldt niet alleen voor ons, maar voor alle leveranciers. We merkten dat eigenlijk alle bronsystemen zoals ziekenhuizen, huisartsen en verpleeghuizen niet betrokken zijn bij de regioplannen. Het risico is dan dat je plannen bedenkt die niet aansluiten bij de roadmap van leveranciers. En dat een leverancier, die landelijk actief is, te maken krijgt met regio’s die net een iets andere oplossing hebben bedacht voor hetzelfde vraagstuk. Een landelijke coördinatie is gewenst, zodat leveranciers niet worden gevraagd om vijf verschillende oplossingen te leveren.’ Het standpunt van Van den Berg vindt weerklank bij branchevereniging OIZ (de Nederlandse Vereniging van Organisaties voor ICT in de Zorg). OIZ vraagt om structurele betrokkenheid van leveranciers bij de uitwerking van IZA‑doelen, vooral bij digitalisering en gegevensuitwisseling, zodat er technisch haalbare afspraken kunnen worden gemaakt, meer inzicht komt in implementatiecomplexiteit en de kans op vlotte successen groter wordt. De regionale aanpak leidt er nu toe dat de nadruk ligt op de uitwisselingsplatformen die zouden moeten dienen als een soort universele stekker (lees: een kluwen aan api’s) om alles toch op elkaar afgestemd te krijgen. ‘Maar de eigenlijke vraag moet natuurlijk meer bij de bronsystemen worden gelegd. Dat vraagt om landelijke coördinatie, of liever zelfs Europese.’ Standaardisering De huidige aanpak van het ministerie van VWS leidt voor leveranciers mogelijk tot enige interoperabiliteit, maar ook tot versnipperde, regionale uitvoering en een stapeling van landelijke programma’s. De Europese verordening daarentegen gaat uit van standaardisering voor iedereen. Het tegenovergestelde van wat in Nederland gebeurt. ‘Voor ons is steeds de uitdaging of wat regionaal wordt gevraagd, is in te vullen met iets waar we uiteindelijk landelijk en Europees naartoe gaan. Kunnen we bijvoorbeeld al een eerste stap maken met een standaard patiëntensamenvatting? Hoe specifieker de regioplannen zijn, hoe vaker wij nee moeten zeggen tegen een plan dat in de regio is bedacht’, stelt Van den Berg. Technisch is het logisch om uit te gaan van algemeen geldende normen. Dat heeft volgens Van den Berg nog een voordeel: je houdt de Nederlandse markt interessant voor internationale aanbieders van software. ‘Dit gebeurt overigens wel binnen het programma Landelijk Dekkend Netwerk van VWS. Daar zijn wij wel actief bij betrokken. Het doel is om alle relevante zorgnetwerken met elkaar te verbinden via uniforme standaarden, afspraken en koppelvlakken.’ Wereldwijd worden HL7‑standaarden gebruikt in EPD’s, laboratoria, beeldvormingssystemen, apotheken en regionale/lokale zorgnetwerken om gezondheidsinformatie uit te wisselen. ‘Die standaarden hebben een Amerikaanse oorsprong. Je ziet nu dat – sinds Trump – de ogen wereldwijd gericht zijn op de Europese regelgeving en standaardisering. Ook Canada kijkt daarnaar.’ Eilandjes Van den Bergs collega Lisanne Wolsink is bij ChipSoft speciaal aangesteld als IZA-consultant. Zij denkt dat het nuttig zou zijn om transparanter te zijn over de inhoud van de plannen, om elkaar te inspireren en van elkaar te leren. ‘Sommige regio’s zijn al verder dan andere. Vooral regio’s met ziekenhuizen met minder capaciteit blijven achter. Die zouden kunnen leren van de grotere, maar dan heb je wel transparantie nodig.’ Ook zij wijst op het risico van het creëren van (regionale) eilandjes. ‘Los van wie het snelst gaat en wie het meest succesvol is, het blijven eilandjes. Daarom ben ik blij met het Coördinatieteam Digitale Samenwerkingsinitiatieven (CDS) van VWS. Dit kan helpen om wel tot iets landelijks komen.’ CDS is een interne en interbestuurlijke advies- en coördinatiestructuur die VWS helpt om datavraagstukken bestuurbaar te maken en standaarden te harmoniseren. Binnen eigen muren Kim van der Lugt is sinds 1 januari 2026 directeur van KPN Health, de zorgdivisie van KPN. Over IZA merkt zij allereerst op dat de zorgvraag in Nederland toeneemt en patiënten steeds vaker bewegen tussen verschillende zorginstellingen. ‘Zorgvragen zijn steeds complexer, omdat je niet alleen te maken hebt met de huisarts, maar ook met het ziekenhuis, met de zorginstelling, met de ggz en het sociaal domein met zijn eigen standaarden en uitdagingen. Daardoor neemt de vraag naar actuele, veilige informatie toe. En daarmee het belang van databeschikbaarheid. De gegevens moeten correct en veilig uitwisselbaar zijn, op het juiste moment voor de zorgverlener. Daar wringt het nog wel, omdat de zorginstellingen op dit moment nog heel erg binnen hun eigen muren georganiseerd zijn. En dat data vaak ook binnen de eigen muren van een zorginstelling beschikbaar is, en nog niet zo goed uitwisselbaar.’ Momenteel is de zorg vooral georganiseerd rond de aanbieder, waardoor patiëntinformatie versnipperd raakt. De ambitie is dat de zorgconsument regie krijgt over eigen data, maar daar zijn we nog niet. ‘Wij onderschrijven deze ambitie. Maar in de praktijk zie je dat de it-systemen veelal niet op elkaar zijn afgestemd of zelfs helemaal niet met elkaar communiceren’, aldus Van der Lugt. Daar komt bij dat er geen eenduidige notaties zijn. Als simpel voorbeeld: de ene aanbieder heeft het over kilogrammen, waar de andere grammen gebruikt.‘Dat moet dus anders, want de kans op fouten is zeker aanwezig en te vaak moeten onderzoeken opnieuw worden gedaan; dat is belastend voor de patiënt en kost extra tijd. De zorg moet efficiënter gaan werken. Daar is iedereen inmiddels wel van overtuigd; zeker nu het nieuwe kabinet bezuinigingen doorvoert’, stelt Van der Lugt. Praktijkvoorbeelden KPN Health werkt, op regionaal niveau, samen met de verschillende zorgaanbieders aan praktijkvoorbeelden (Van der Lugt spreekt van use cases) ter verbetering en stimulans van de samenwerking tussen de verschillende aanbieders. ‘We zijn nu binnen drie regio’s bezig de praktijkvoorbeelden in te vullen. Dan gaat het om zorgvuldige en veilige overdracht van gegevens, maar ook om proactieve zorgplanning, en het goed regelen van acute zorg. Je kunt bijvoorbeeld dementie als onderwerp nemen. Welke partijen zijn daar dan allemaal bij betrokken en hoe werken ze met elkaar samen? Dat breng je in kaart om vervolgens met elkaar af te spreken hoe het beter kan.’ Als een proefneming goed uitpakt, is die in andere regio’s te hergebruiken. Dat schept ruimte om daar andere toepassingsscenario’s uit te werken. Uiteindelijk is het de bedoeling om dat wat goed werkt op landelijk niveau uit te voeren. KPN faciliteert samenwerking, maar de regie ligt bij de zorgaanbieders. ‘Wij denken wel mee met alle partijen. Zo brengen we bijvoorbeeld in wat goed werkt in een bepaalde regio met de vraag of dat ook in hun regio bruikbaar is.’ Van der Lugt vertelt dat er nog veel werk aan de winkel is, maar dat er ook wel schot in zit. Zo zette het telecombedrijf onlangs de handtekening onder een samenwerkingsovereenkomst met regio Midden-Holland (meer dan 25 zorgaanbieders). Kern van de aanpak vormt Health Exchange (HEx), het platform van KPN voor veilige en correcte gegevensuitwisseling. Als het gaat om acute zorg: betere gegevensuitwisseling tussen HAP (huisartsenpost), SEH (spoedeisende hulp), ambulance en VVT (verpleging, verzorging en thuiszorg). Als het over dementie gaat: betere samenwerking tussen huisarts, wijkverpleging, casemanager en sociaal domein. Nederlandse cloud Van der Lugt wijst op het belang van kwaliteitsverbetering van data. ‘Dat is feitelijk een doorlopend proces.’ Zij benadrukt dat de gegevens eigendom zijn en blijven van de zorgaanbieder. ‘De voordelen van ons cloudaanbod zijn dat we een landelijke dekking hebben en dat we een soevereine, Nederlandse cloud hebben. Dat gegeven vinden steeds meer partijen belangrijk. Wij zorgen voor de uitwisseling van data, maar slaan ze niet op.’ Het duurt nog wel even voordat dat ambities van IZA staande praktijk zijn. ‘Want het is best heel complex om dit te organiseren. Niet eens zozeer technisch, maar vooral in de governance tussen alle zorginstellingen. Daar is denk ik de grote complexiteit. Tegelijkertijd zien we ook dat zorginstellingen zich echt wel bewust zijn van het feit dat ze deze kantelingen moeten maken’, aldus Van der Lugt. Waar staat IZA nu? Het Integraal Zorgakkoord (IZA) is een landelijk akkoord dat in september 2022 is gesloten tussen het ministerie van VWS en een groot aantal partijen in de zorg. Het doel is om de Nederlandse zorg toekomstbestendig, toegankelijk, betaalbaar en van goede kwaliteit te houden in een tijd van vergrijzing, personeelstekorten en stijgende zorgvraag. Eén aspect is digitalisering & gegevensuitwisseling: zorg digitaal verlenen waar het kan, fysiek waar het moet. De Rijksoverheid publiceerde in juni 2025 een uitgebreide voortgangsrapportage. De voortgang is ongelijkmatig: sommige onderdelen lopen goed, andere blijven achter. De rapportage gaat vooral in op drie thema’s:  ·     Arbeidsmarkt: personeelstekorten blijven groot; maatregelen lopen, maar effecten zijn beperkt zichtbaar.  ·     Financiën: subsidies (in totaal 2,8 miljard euro) worden uitgezet, maar de besteding gaat trager dan gehoopt.  ·     Toegankelijkheid: druk op huisartsenzorg en ggz blijft hoog, maar regionale initiatieven laten eerste verbeteringen zien. Wat is de EHDS? EHDS staat voor European Health Data Space. Een verordening die gezondheidsgegevens op een veilige, gestandaardiseerde en grensoverschrijdende manier beschikbaar maakt. Het doel is om burgers meer toegang en controle te geven over hun eigen gezondheidsgegevens, zorgverleners betere informatie te bieden voor continuïteit en kwaliteit van zorg, en onderzoekers en beleidsmakers toegang te geven tot geanonimiseerde of gepseudonimiseerde data voor innovatie en volksgezondheid. De EHDS introduceert een geharmoniseerd juridisch en technisch kader voor elektronische patiëntendossiers (EPD’s), digitale zorgdiensten, en interoperabiliteit en beveiliging. Dit moet leiden tot een eenduidige, Europese markt voor digitale zorgproducten en betere samenwerking tussen systemen. De verordening is op 25 maart 2025 in werking getreden en nu al bindend EU‑recht. Maar de zorginstellingen, leveranciers en lidstaten hoeven nog niet alles uit te voeren. De komende jaren worden gebruikt om standaarden vast te stellen, systemen aan te passen, governance in te richten, en nationale infrastructuren te koppelen aan HealthData@EU, het Europese netwerk voor grensoverschrijdende gezondheidsgegevensuitwisseling. De volledige werking is pas rond 2027–2031 zichtbaar. Dit artikel staat ook in Computable Magazine 2026 #3.
Noordelijke combinatie wint opnieuw DUO-aanbesteding
1 week
WIE GUNT WAT – De samenwerking tussen de it-bedrijven Get There, New Nexus, Ilionx, Brunel, Nexxt en BQA is opnieuw succesvol gebleken. Deze ‘Noordelijke Combinatie’, zoals ze het zelf bestempelen, is voor de derde keer op rij na een aanbesteding geselecteerd voor het leveren van it’ers aan Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) uit Groningen. Net als zeven andere inschrijvers op deze tender van bijna driehonderd miljoen euro. De raamovereenkomst heeft een looptijd van vier jaar. DUO verwacht tussen de 2.900.000 uur en 3.500.000 uur aan tijdelijke it-capaciteit nodig te hebben. De geraamde contractwaarde ligt ongeveer op 280 miljoen euro. Binnen deze overeenkomst worden ict-professionals ingezet in een breed spectrum aan rollen, variërend van softwareontwikkeling en beheer tot data, security en projectmanagement.  Na een intensief traject met vijftien inschrijvingen is ‘de Noordelijke Combinatie’ met Get There als penvoerder als beste beoordeeld. Tien jaar geleden pakten de zes partijen gezamenlijk de handschoen op. Dergelijke mantelovereenkomsten waren destijds vooral weggelegd voor grote, vaak internationale partijen. Door een slimme bundeling van krachten werd het voor kleinere, Noord-Nederlandse organisaties mogelijk om ook op dit soort aanbestedingen in te schrijven, stellen de deelnemende bedrijven. Andere winnaars Naast deze noordelijke coalitie wonnen nog zeven andere inschrijvers deze tender bij DUO. Het gaat om Need Staffing, Cimsolutions, Bergler, Seven Stars, Circle8, Yacht en het consortium bestaande uit de combinatie Linkit en DiVetro, en de onderaannemers Bartosz, Techforce1, Profource, Taxonic en Modis B.V. (Akkodis). Waarschijnlijk gebruiken de andere partijen ook onderaannemers maar die zijn niet bekend gemaakt. DUO staat binnen de rijksoverheid bekend als een van de grootste inhuurders van ict-capaciteit. Het lukt de dienst al jaren niet om onder de Roemer-norm te blijven qua inhuur (maximaal tien procent van de personeelskosten). DUO slaagt er niet in om voldoende ict’ers aan te trekken. Daarnaast is en moet er fors worden geïnvesteerd in het moderniseren van it-landschap.
Kort: Tikkie deelde lintjes uit op Koningsdag, Zsolt Szabó adviseur van Accenture (en meer)
1 week
In dit nieuwsoverzicht: Koningsdag-record voor Tikkie, QDNL wordt Ground State Ventures, Rvc-leden Van den Brink en Shuter weg, vierde Britse overname Your.Cloud en Zsolt Szabó adviseert Accenture. Tikkie noteert opnieuw recordaantal betalingen op Koningsdag Tijdens Koningsdag is opnieuw massaal gebruikgemaakt van Tikkie, de betaalapp van ABN Amro. In totaal werden 756.316 betalingen verricht, een stijging van 9 procent ten opzichte van vorig jaar. Daarmee blijft Tikkie stevig onderdeel van de Koningsdagpraktijk, van de vrijmarkt tot onderlinge afrekeningen voor eten en drinken. Vergeleken met een gemiddelde dag in 2026 lag het aantal transacties 56,8 procent hoger. Op piekmomenten werden 45 betalingen per seconde verwerkt. Het aandeel betalingen via QR-codes kwam uit op 37,3 procent, duidelijk hoger dan het daggemiddelde van circa 5 procent. De bedragen per betaling lagen lager dan normaal, met een gemiddelde van 33,18 euro. Veel transacties bleven onder de tien euro. Nieuw dit jaar was het Tikkie Betaallintje: een fysiek lintje met QR-code voor vrijmarktverkopers. In totaal zijn ongeveer zesduizend betaallintjes uitgedeeld, als dank van de bank voor het gebruik van de betaalapp. Quantuminvesteerder QDNL Participations heet nu Ground State Ventures Het in Amsterdam gevestigde participatiefonds QDNL Participations gaat voortaan verder als Ground State Ventures. De naamswijziging weerspiegelt de uitbreiding van een puur Nederlandse focus naar een wereldwijd opererend fonds, met kantoren in Amsterdam, Londen en San Francisco. Het fonds heeft voor die missie 88 miljoen dollar opgehaald: ruim boven de oorspronkelijke doelstelling van zeventig miljoen dollar. Ground State Ventures was de eerste investeerder in alle bedrijven in zijn portefeuille, waaronder Nederlandse quantumbedrijven als QuantWare en Qblox en Amerikaanse startups als Sygaldry. Waar het fonds zegt zich te onderscheiden, is de combinatie van wetenschappelijke diepgang en investeringsexpertise. Het team telt wetenschappers met een doctoraat in de natuurkunde van universiteiten als Oxford, Stanford en Harvard. Pionier Chad Rigetti, oprichter van quantumcomputingbedrijf Rigetti Computing, trad in 2023 toe als partner. Rvc-leden Van den Brink (ASML) en Shuter (KPN) vertrokken Martin van den Brink is per direct afgetreden als commissaris bij ASM International, producent van halfgeleidercomponenten voor waferverwerking. Zijn aftreden in onderling overleg volgt op een beoordeling dat zijn overige professionele activiteiten in de toekomst tot belangenverstrengeling zouden kunnen leiden. Van den Brink werd in mei 2024 benoemd tot lid van de raad van commissarissen van ASM. Het bedrijf uit Almere vermeldt niet welke mogelijke belangenverstrengeling tot deze stap heeft geleid. Wel is bekend dat Van der Brink adviseur wordt bij CuspAI, een bedrijf dat met ai nieuwe materialen gaat ontwikkelen. De Nederlandse computerwetenschapper Max Welling is mede-oprichter van CuspAI.  Om dezelfde reden (de schijn van belangenverstrengeling) stapt de Zuid-Afrikaan Rob Shuter uit de rvc van KPN. Aanleiding is zijn benoeming tot ‘executive advisor’ bij de wereldwijde investeerder KKR, waar hij Europese digitale‑infrastructuurinvesteringen ondersteunt. Shuter was twee jaar lang commissaris bij KPN.  Your.Cloud breidt Britse activiteiten uit met overname Cloud Geeni Your.Cloud uit Amsterdam neemt Cloud Geeni over, een managed service provider uit het Britse Leigh. Cloud Geeni levert mkb‑bedrijven diensten op het gebied van it‑beheer, cloudinfrastructuur en cybersecurity. Het is de vierde Britse deal sinds Your.Cloud, gesteund door Strikwerda Investments, begin 2025 op het Britse overnamepad ging. Eerder deze maand nam de hostinggroep ook al Pure Cloud Solutions over, een in Tamworth gevestigde it- en telecomprovider.  Cloud Geeni blijft opereren onder eigen naam. Het bedrijf maakte deel uit van de Key Computers‑groep en is al ruim dertig jaar actief op de Britse mkb‑markt. Szabó staat Accenture bij Zsolt Szabó, voormaligstaatssecretaris Digitalisering in het kabinet‑Schoof waar hij zich bezig hield met de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS), is gestart als speciaal adviseur bij Accenture Nederland. In die rol richt Szabó zich op thought leadership rond digitale transformatie, soevereiniteit, ai, cybersecurity en de modernisering van dienstverlening, meldt hij op LinkedIn. Szabó werkte eerder voor onder andere Capgemini en zat voor de VVD tussen 2003 en 2006 in de Tweede Kamer. Van 2010 tot zijn benoeming tot staatssecretaris in 2024 was hij actief als bestuurslid van ECP – Platform voor de digitale samenleving. Na zijn kabinetspost wierp de oud-bewindsman zich op als spreker/adviseur over digitalisering en samenwerking op het snijvlak van bestuur, politiek, bedrijfsleven en wetenschap. Deze werkzaamheden blijft hij voortzetten.

Pagina's

Abonneren op computable