business

1422 nieuwsberichten gevonden
Returnless: 17% kiest voor coupon bij retour webwinkel
34 min
Als de Nederlandse consument de keuze krijgt, dan kiest zeventien procent voor een waardebon als hij een aankoop terugstuurt naar een webwinkels. Niet voor geld terug. Op die manier hielden klanten van retourspecialist Returnless 2,5 miljoen euro binnen. Ondanks dat de klant eerst een ongewenst item ontving, gaf hij expliciet aan toch te willen shoppen bij die winkel. Als webwinkels actief op deze optie inzetten, kan dat aandeel oplopen naar bijna vijftig procent. Dat blijkt uit cijfers die Returnless publiceerde over het jaar 2025. De gemiddelde orderwaarde van omgezette retouren lag op 83 euro. Voor e-commercebedrijven die al jaren worstelen met de kostenpost die retouren vormen, blijft dit een ondergewaardeerde techniek. Alhoewel gratis retouren grotendeels verleden tijd zijn, houdt de Nederlandse shopper er een uitgesproken voorkeur voor. Wat deze groep dan weer niet erg vindt, is dat ze naar pakketpunt moeten om hun pakketje terug te sturen. Driekwart van de Nederlandse consumenten (76%) levert een pakket daar het liefst in. Thuisafhalen heeft de voorkeur van 13 procent van de consumenten, een pakketkluis van 11 procent. Met die laatste twee percentages bungelt Nederland onderaan als het gaat om bereidheid om pakjes thuis te laten ophalen of te deponeren in een kluis, vergeleken met Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en het internationale gemiddelde. Dat is opvallend, want thuisafhaling en kluisoplossingen worden door logistieke partijen en retailers gezien als efficiëntere alternatieven die de druk op pakketpuntnetwerken kunnen verlichten.
Hoe de NS de hele organisatie cyberweerbaar maakt
1 uur
‘Beginnen en volhouden, dat is het belangrijkste.’
Nederlandse adverteerders gooien 100’en miljoenen budget weg
1 uur
Nederlandse adverteerders betaalden in 2025 rond de driehonderd miljoen euro aan display-reclame zonder dat een van die uitingen ook maar echt impact konden hebben. Ze verschenen op kwalitatief te slechte media. Dat is de inschatting marktkenner Tim Geenen op grond van de nieuwe meet- en inspectietechnologie die hij met zijn bedrijf Spektre in de markt zet. Die technologie doet post-campagne metingen, analyseert en kwalificeert grondig waar alle reclame-uitingen terecht kwamen. Uit het beeld dat de ondernemer schetst blijkt er ondanks goede intenties, brand safety-metingen en zwarte en witte lijsten van websites nog weinig veranderd in vijftien jaar tijd. “Door AI wordt het alleen maar erger”, zegt hij tegen Emerce. Spektre schat dat dertig procent van digitale advertentiebudgetten verdwijnt in lage kwaliteit media en frauduleuze plaatsingen. Daarbij gaat het om display uitingen, statisch en in video. In 2024 gaven adverteerders in Nederlanders een miljard euro uit aan display (op een totaal van 4,3 miljard). Dit bedrag groeide op Europese schaal (PDF) met 8,4 procent en stijgt naar verwachting in 2026 met negen procent. De schade loopt op internationale schaal dus makkelijk in de tientallen miljarden euro’s. Maar waar komen die misplaatste reclames dan terecht? Geenen noemt als voorbeeld ver-buitenlandse YouTube-kanalen, niet-Nederlandse AI-gegenereerde websites en AI-bots en -crawlers die niets lezen of kijken en alleen maar data slurpen. Spektres rapportages maakt dit soort misdragingen inzichtelijk en rapporteert daarover, zodat de adverteerder en zijn bureau hun media-inzet gericht kunnen fijnslijpen. Geenen wijst op de casus van een grote uitgever in Nederland die er na onderzoek achter kwam dat op gezette momenten 80 procent van zijn sitetraffic verkeer van bots en crawlers is. “Het verschil tussen goede en slechte kanalen worden niet bepaald door het tarief. Je koopt niet per se slecht verkeer in bij goedkope sites. We zien dat het verschil tussen goede en slechte kanalen hooguit tien tot vijftien procent scheelt. Het gaat niet om de pricing, maar om de algoritmes.” Díe bepalen wat waar verschijnt. “We geven inzichten over kwaliteit van en interacties met media die tot dan toe onzichtbaar waren. Alles dat van de standaard afwijkt.” De huidige logica van programmatic advertising beloont lage CPM’s gecombineerd met hoge viewability. Dat klinkt efficiënt, maar leidt er in de praktijk toe dat juist twijfelachtige kanalen bovenaan de veiling eindigen. “Lage kosten en hoge viewability zorgen er nu voor dat je wordt uitgeserveerd op slechte plekken”, zegt hij. Spektre, mede opgericht met Thijs Visser, wil dat omdraaien door adverteerders te voorzien van data die de kwaliteit van kanalen reflecteert, zodat algoritmen op andere gronden kunnen optimaliseren. De kern van het systeem is de Advertiser Suitability & Performance Index (ASPI), een eigen scoringsmodel dat media evalueert op kwaliteit, authenticiteit en bereik. Het systeem haalt rapportages op uit advertentieplatformen en maakt op dagniveau inzichtelijk waar campagnes precies worden uitgeleverd. Momenteel draait het vierkoppige team rapportages over display-advertising. In de loop van dit jaar komen er influencers en connected tv bij. Dan luístert de technologie naar het umfeld waarin de reclameboodschappen verschijnen en toetst voor de adverteerder of dat bij diens plannen past.  
Internationale techsites verloren 58% verkeer aan AI
2 uur
Grote Engelstalige techsites als Wired, CNET, Mashable, The Verge, en PC Mag zijn sinds 2024 meer dan de helft van hun verkeer verloren. Dat wordt geweten aan de opkomst van AI-search. Op hun hoogtepunt trokken de tien grote technologiepublicaties samen 112 miljoen organische bezoekers per maand van Google in de VS. In januari 2026 was dat aantal gedaald tot 47 miljoen. Alle tien sites hebben een daling laten zien. De 30 procent, de ander tot 90 procent. De sterkste dalingen begonnen medio 2025. Toevallig of niet, maar toen breidde Google het domein van AI Overviews aanzienlijk uit. Zoekers kregen vaker AI-antwoorden voorgeschoteld bovenaan de reguliere zoekresultaten. Er was geen reden meer om door te klikken. De onderzoekers stellen verder dat het forum Reddit meer autoriteit toegewezen kreeg van Google en daarom meer exposure kreeg. Als derde: “Een groeiend aantal gebruikers slaat Google volledig over voor productonderzoek en gaat direct naar ChatGPT, Claude of Perplexity.” Deze ontwikkeling is niet uniek voor de VS. De Daily Mail uit Engeland meldt eveneens een aanzienlijke daling in zoekverkeer vanwege de AI-overzichten van Google. Doorklikratio’s naar de krantensite dalen met 80 tot 90 procent wanneer er AI-overzichten aanwezig zijn. Foto: Razlan Hanafiah / Unsplash
FNV fileert sociaal plan ASML
15 uur
Het stoort de FNV dat ASML weinig aanstalten maakt bij de grote reorganisatie gedwongen ontslagen zoveel mogelijk te voorkomen. In het sociaal plan van de chipproducent ontbreken regelingen die de pijn van de ingrijpende herstructurering kunnen verlichten.Financieel vergaat het ASML uitstekend. Wel kan de bedrijfsorganisatie volgens de directie een stuk efficiënter. In dat licht had FNV-bestuurder Peter Reniers graag gezien dat ASML werknemers een vrijwillige vertrekregeling aanbiedt. Hierbij krijgen medewerkers een individueel aanbod om uit eigen beweging het bedrijf te verlaten met een financiële compensatie.Volgens de vakbeweging zou het ASML ook sieren als het met een plaatsmakersregeling was gekomen; een gerichte vorm van vrijwillige uitstroom waarbij medewerkers ruimte maken voor collega’s die anders boventallig zouden worden. Zo’n regeling wordt vaak ingezet binnen een bepaald functiehuis of afdeling. De werkgever bepaalt welk type functies in aanmerking komen. Zo’n regeling is dan onderdeel van het herplaatsingsproces.Verder wil Reniers weten hoe ASML omgaat met zogenoemde farmout-contracten waarbij uitbesteding als reorganisatie-middel wordt ingezet. Bepaalde taken of afdelingen worden dan overgedragen aan een externe partij. ASML heeft aangegeven dat het hier outsourcing van werkzaamheden op projectbasis betreft. De FNV heeft ASML verzocht om een overzicht van deze constructies te ontvangen, mede omdat dit relevant is in het kader van het beperken van gedwongen ontslagen. Theorie In antwoorden op eerdere vragen van de vakbonden heeft ASML aangegeven dat in theorie elke sector binnen de organisatie geraakt kan worden door de reorganisatie. Dit onderstreept voor de bonden het belang van transparantie over de verdere plannen. ASML heeft tevens een toelichting gegeven op het selectieproces en de aantallen medewerkers die mogelijk worden geraakt door de reorganisatie. De bonden hebben ASML gevraagd om meer detailinformatie en een overzicht van de gehanteerde uitgangspunten.ASML gebruikt in het herplaatsingsproces een systematiek waarbij het bedrijf alleen kijkt naar de (in hun ogen) geschiktheid voor de nieuwe rol. De FNV vreest dat dit tot subjectiviteit leidt en wil een eerlijk proces.De bonden zijn met een flink aantal vragen blijven zitten. Zo is er nog weinig duidelijk over selectiecriteria, de definitie van een passende functie, herplaatsing, salarisgarantie bij een lagere functie, outplacement, scholingsmogelijkheden en beëindigingsvergoedingen. Ook regelingen voor tijdelijke medewerkers, pensioencompensatie, een vertrekstimuleringsregeling en duidelijke bezwaarprocedures ontbreken nog.ASML stelt in een reactie een goed inhoudelijk overleg met de vakbonden te hebben gevoerd waarbij veel vragen zijn beantwoord. In het gesprek is ook een basis gelegd om aanstaande maandag door te spreken over verdere concrete details van het sociaal plan.
Ai verandert ECM in een kennisbron
15 uur
BLOG – Enterprise content management (ECM) werd ooit gezien als een digitale archiefkast. Documenten werden opgeslagen, in verschillende versies, en gebruikt om beslissingen achteraf te verantwoorden. Dat werkte, maar het maakte ECM niet tot een inspirerende technologie. Het was eerder noodzakelijk dan per se van toegevoegde waarde.Samenwerken aan documenten was er voorheen ook mee mogelijk, maar die functie is inmiddels verschoven naar omgevingen zoals Microsoft Teams. Teams beheert zelf geen documenten, maar maakt gebruik van de opslag die erachter zit. Voor wie ECM uitsluitend inzet voor bewaarplicht, blijft het systeem dan ook weinig meer dan een noodzakelijkheid.Toch is er iets fundamenteels veranderd. Organisaties produceren tegenwoordig een enorme hoeveelheid informatie. Niet alleen in gestructureerde vorm, maar vooral als ongestructureerde data: e‑mails, notities, rapporten, afbeeldingen. Jarenlang zaten die gegevens wel ín het systeem, maar werd er inhoudelijk weinig mee gedaan. De technologie ontbrak om te begrijpen wat er stond. Inhoud wordt betekenis De snelle ontwikkeling van ai verandert deze situatie ingrijpend. Moderne taalmodellen kunnen taal steeds beter interpreteren en begrijpen. Daardoor kunnen ze de inhoud van documenten duiden, ongeacht de vorm waarin die is opgeslagen.Deze ontwikkeling — vaak aangeduid als ‘content intelligence‘ — biedt ECM-systemen een nieuwe rol. In plaats van alleen te bewaren, kunnen ze nu herkennen, classificeren en analyseren. De grote hoeveelheid documenten die jarenlang vooral ruimte innam, wordt zo een bron van kennis. Trefwoorden De grootste verandering zit misschien wel in het zoeken zelf. Wie eerder door een ECM-systeem bladerde, moest vooral goed raden welke trefwoorden zouden werken. Het voelde soms als een zoektocht door talloze mappen waarvan je de logica vergeten was.Ai maakt dat verleden tijd. Zoeken kan in gewone taal. Je stelt een vraag zoals je die aan een collega zou stellen: ‘Laat me de nieuwste versie van het leverancierscontract zien, vooral het deel over verlengen.’De technologie begrijpt de bedoeling achter de vraag en vindt het relevante document, soms zelfs direct het juiste fragment. Ai kijkt bovendien niet alleen naar woorden, maar naar betekenis. Synoniemen, verwante termen, contextuele verbanden: het wordt allemaal meegenomen. Daardoor worden ook documenten gevonden die je zelf nooit met een specifiek trefwoord had geassocieerd.Zoekresultaten worden afgestemd op de gebruiker. Iemand uit juridische zaken krijgt andere resultaten dan iemand uit de inkoop, ook al stellen ze dezelfde vraag. Ai leert van eerdere zoekopdrachten en van de rol die iemand in de organisatie vervult.Een ander voordeel is dat ai niet ophoudt bij één systeem. Informatie staat verspreid over ECM, SharePoint, Teams, e‑mail, crm en gedeelde mappen. Ai kan die bronnen gezamenlijk doorzoeken en presenteren alsof het één geheel is. Waar iets staat, wordt minder relevant dan wat er staat.Tot slot kan ai ongestructureerde informatie doorzoekbaar maken. Gespreksverslagen, pdf’s, aantekeningen – al die inhoudelijke fragmenten die normaal gesproken alleen met veel moeite te vinden zijn, worden vanzelf geanalyseerd. De ai haalt verplichtingen, risico’s, actiepunten of andere relevante patronen naar boven.En dan is er nog een subtiele maar interessante toevoeging: ai legt relaties. Het ziet welke documenten samenhangen, welke onderwerpen terugkeren en welke aanvullende informatie mogelijk relevant is. Dat maakt ECM minder een opslagplaats en meer een netwerk van kennis. Hoe nu verder De belangrijkste ECM-pakketten hebben extensies waarmee zoeken met behulp van ai mogelijk is. Dit is de gemakkelijkste manier om ai toe te voegen aan bestaande ECM-systemen. Daarbij moet wel de ongestructureerde inhoud — bijvoorbeeld documenten — machine-leesbaar zijn. Ook is het mogelijk met generieke ai-tools zelf ai-gebaseerd zoeken te bouwen. Tegenwoordig is dat niet zo ingewikkeld meer.Wel aan te raden is om de use-cases goed op te stellen. Deze bepalen wat voor een soort vragen er gesteld zullen gaan worden. De vragen vormen niet alleen de basis van de inrichting van de ai, maar ook voor het testtraject dat erop moet volgen. Daarbij moet duidelijk zijn welke antwoorden er verwacht worden bij een vraag. Daarbij moeten natuurlijk wel documenten met het antwoord in het systeem aanwezig zijn.Wie een stap verder wil gaan, laat zijn ai-gebaseerde zoekmachine werken over alle databronnen en niet alleen het ECM-systeem. Dit vergt de implementatie van zoeksystemen uit de Big Data-wereld – wat hier nu even buiten beschouwing wordt gelaten.Zoals met alle zoekmachines is er geen garantie dat de gebruiker altijd het beste antwoord krijgt. Het is altijd wenselijk te controleren of een antwoord correct en relevant is door de brondocumenten erbij te halen. Ai heeft soms moeite de uitzonderingen te vinden. Daarom is het verstandig niet alle zoekkaarten op ai te zetten en traditionele zoekmachines – zoals full text search – beschikbaar te houden.Tegenwoordig is het belangrijk je te realiseren waar de zoekgegevens worden verwerkt en opgeslagen, de zogenaamde datasoevereiniteit. Ook al heeft u een ‘on-premise’ ECM-systeem, kan het zijn dat de ai met uw data en geheimen in de (Amerikaanse) cloud staat. In dat geval zijn waterdichte afspraken nodig over wie toegang heeft tot de data en voor welke toepassing. Bijvoorbeeld het trainen van de ai zelf. Het is ook mogelijk ai lokaal te laten draaien, misschien minder goed maar wel veiliger. Van documenten naar antwoorden Met ai verandert de functie van ECM merkbaar. Het systeem levert niet langer alleen documenten op, maar ook inzichten:• Samenvattingen van documenten en gesprekken;• Belangrijke aandachtspunten, zoals deadlines of risico’s;• Geïntegreerde antwoorden op vragen die informatie uit verschillende bronnen nodig hebben.Deze verschuiving — van ‘zoeken naar documenten’ naar ‘krijgen van antwoorden’ — maakt de waarde van ECM concreet. Kennis die al aanwezig is, wordt beter benut. Oude ideeën, ervaringen en documenten worden opnieuw bruikbaar, zonder dat iemand precies weet waar ze staan.ECM wordt daarmee niet langer de digitale kelder van de organisatie, maar een instrument dat actief helpt bij het nemen van beslissingen. En dat is misschien wel de grootste winst van de toepassing van ai in dit domein. Reinoud Kaasschieter, consultant en solutionarchitect Capgemini
Microsoft introduceert M365 E7, markeert omslag naar ai‑tijdperk
16 uur
Microsoft komt met M365 E7, een volledig nieuwe enterprise‑suite voor het ai-tijdperk. Het gaat om een nieuwe, apart geprijsde bundel met eigen functionaliteiten. Dit kersverse pakket, rond de zomer verwacht, is behalve voor werknemers nadrukkelijk bedoeld voor ai-agents.  E7, Microsofts eerste nieuwe bundel sinds 2015, is ontworpen voor een hybride werkomgeving waarin mensen en ai‑agents naast elkaar opereren. Het is de grootste verandering op gebied van kantoorsoftware-licenties in meer dan tien jaar. LicentieWatch is een rubriek over licenties, tarieven, abonnementen en andere afrekenmodellen voor ict-diensten, hard- en software. Tips, vragen of opmerkingen? Mail ons op redactie@computable.nl. Volgens BeSharp Experts (licentie-advies) is E7 geen reguliere upgrade, maar een signaal dat Microsoft zijn ai‑strategie voor bedrijven opnieuw vormgeeft. Gesproken wordt van een strategische verschuiving in hoe Microsoft binnen bedrijven wil aanbieden en beheren. Als gevolg van ai verandert niet alleen de manier waarop bedrijven werken, maar ook hoe software wordt gebruikt en betaald. Traditionele per-seat-licentiemodellen komen onder druk te staan: een medewerker met ai-agents kan het werk van meerdere collega’s uitvoeren. Dit dwingt zowel saas-leveranciers als enterprise-klanten om hun software-strategie opnieuw te bekijken. Reden om nauwkeurig de implicaties hiervan te bestuderen want die kunnen groot zijn.  Officieel Microsoft heeft de nieuwe suite 365 E7 nog niet officieel aangekondigd, maar alles wijst erop dat binnen drie maanden de prijzen en condities bekend zullen worden. Vaststaat dat digitale collega’s binnenkort niet zomaar meer toegang zullen krijgen tot mail, Teams, OneDrive en andere bedrijfsapplicaties.  Daar komt een prijskaartje aan te hangen. Volgens insiders gaat E7 99 dollar per gebruiker kosten. Verwacht wordt dat deze prijs het instapniveau is. Als het verbruik ook een factor wordt, dreigen organisaties te worden geconfronteerd met variabele en moeilijk voorspelbare kosten. Governance, limieten en inzicht in agent‑activiteit worden daarmee cruciale voorwaarden voordat een contract wordt afgesloten. Naar verluidt wordt E7 een combinatie van Microsoft 365 Copilot, het nieuwe Agent 365‑platform voor beheer en governance van ai‑agents, uitgebreid identity‑ en toegangsbeheer via Microsoft Entra, en geïntegreerde compliance en security via Microsoft Purview en Defender XDR. Ai‑agents krijgen daarmee een eigen identiteit, rechten en beveiligingsprofiel. Voor organisaties betekent dit dat licentiebeheer, governance en compliance aanzienlijk complexer worden dan in traditionele seat‑based modellen. Waar bedrijven tot nu toe per gebruiker een vaste maandprijs betaalden, lijkt E7 een hybride model te introduceren waarin consumptie een centrale rol speelt. Ai‑agents die worden gebouwd via Copilot Studio of Microsoft Foundry verbruiken ai‑credits: elke taak, workflow of trigger kost credits.  Ter vergelijking: Microsoft 365 E5 kost vanaf juli naar verwachting zestig dollar per gebruiker per maand. Met de Copilot‑add‑on van dertig dollar erbovenop kom je op een totaal van negentig. Een E7-prijs van 99 lijkt dan een beperkte verhoging. Bovendien krijg je extra componenten zoals Agent 365 en uitgebreid identity‑beheer.  Forse sprong Voor organisaties die Copilot al wilden invoeren, kan E7 aantrekkelijk zijn als consolidatiepakket. Voor E3‑klanten betekent de overstap echter een forse sprong in zowel functionaliteit als kosten. Belangrijk is dat E7 geen incrementele update is, maar een nieuwe manier waarop Microsoft ai‑functionaliteit wil aanbieden en beheersen. De introductie van E7 vraagt om een andere mindset bij it‑ en inkoopteams. Organisaties moeten niet alleen bepalen welke medewerkers ai‑functionaliteit nodig hebben, maar ook hoe ai‑agents veilig en beheersbaar zijn in te zetten. Identity, compliance en security gelden voortaan voor zowel mensen als digitale medewerkers. Door vooraf governance‑structuren, limieten en rapportageprocessen in te richten, zijn onverwachte kosten en operationele risico’s te voorkomen. Het doorrekenen van scenario’s en het definiëren van consumptiegrenzen wordt daarmee een noodzakelijke stap voordat een E7‑contract wordt ondertekend.  BeSharp ziet de ontwikkelingen rond Microsoft 365 E7 niet op zichzelf staan. Verwacht wordt dat ook andere grote softwareleveranciers hun licentie-aanpak gaan aanpassen in een ai-gestuurde toekomst. Organisaties die vooruitkijken, houden goed bij hoeveel licenties ze echt gebruiken, onderzoeken andere prijsopties en bereiden zich voor op een toekomst waarin je vooral betaalt voor wat software daadwerkelijk oplevert. BeSharp verwacht de opkomst van nieuwe manieren om software te licentiëren. Saas-leveranciers experimenteren met alternatieve prijsmodellen.  Voorbeelden zijn: Premium per-seat pricing: hogere prijs voor ai-augmented gebruikers vanwege hun verhoogde productiviteit. Usage-based pricing: kosten gekoppeld aan daadwerkelijk gebruik, zoals workflows of api-calls. Agent-based licensing: elke ai-agent wordt als afzonderlijke licentie beschouwd. Deze modellen vragen een andere kijk op waarde: software wordt niet langer alleen per gebruiker verkocht, maar afgestemd op de productiviteit en resultaten die ai-agents leveren. Volgens BeSharp wordt niet alle software even hard geraakt. Point-producten zoals enquête- of formulierapplicaties lopen het grootste risico, omdat ai hun functies eenvoudig kan repliceren.  Ook business intelligence- en analytics-tools staan onder druk, omdat ai direct gegevens kan analyseren en inzichten kan genereren zonder aparte software. Documentgeneratie, templates en basis-projectmanagementtools zijn eveneens kwetsbaar voor ai-gebaseerde vervanging. Complexere project-managementsystemen behouden hun waarde omdat ai ze niet volledig kan repliceren. Saas-platforms met diepe data-moats, netwerk-effecten en compliance-vereisten hebben de grootste overlevingskansen.  Systemen van record zoals Salesforce, Workday en ServiceNow blijven belangrijk, omdat ai-agents afhankelijk zijn van gestructureerde data.  Platforms met netwerk-effect zoals LinkedIn of GitHub behouden hun waarde door hun gebruikersconcentratie.  Verticaal georiënteerde saas die voldoet aan specifieke regelgeving of sectorvereisten vormt eveneens een defensieve barrière tegen ai-native alternatieven. Enterprise-adoptie versnelt. Platformen zoals OpenAI’s Frontier laten zien dat ai-agents taken kunnen overnemen die traditioneel meerdere saas-licenties vereisten. Dit heeft grote implicaties voor softwarekosten en licentiebeheer, maar biedt ook kansen om efficiënter te werken.
Veeam ondersteunt HPE Morpheus VM Essentials nu volledig
17 uur
Veeam Data Platform ondersteunt nu agentless, host-level, image-based back-ups voor HPE Morpheus VM Essentials Software. Door de algemene beschikbaarheid komt het aanbod van HPE bij Veeam op gelijke voet te staan met de bescherming van concurrenten zoals VMware, Nutanix en Microsoft. Organisaties die op zoek zijn naar alternatieven voor VMware hebben sinds de overname door […]
Ericsson-datalek: voice phishing lekte ruim 15.000 records
18 uur
Een vishing-aanval (voice phishing) op een externe leverancier die Ericsson ondersteunt bij zijn activiteiten in de VS heeft gegevens van 15.661 mensen blootgelegd. Aanvallers gebruikten een telefoontje om een medewerker te misleiden en hem in april 2025 toegang tot accounts te ontfutselen. Het datalek, dat aan de toezichthouders in de VS is gemeld, kan onder […]
EU wil Huawei weren, maar kan moeilijk om Chinese reus heen
18 uur
Event | MWC2026, Barcelona De zichtbare rol die Huawei op techbeurs MWC26 inneemt, maakt duidelijk hoe complex het voor Brussel blijft om de positie van de Chinese leverancier in Europese telecomnetwerken daadwerkelijk terug te dringen. Europese instellingen zetten in op strengere regels voor (Chinese) leveranciers die de Europese Commissie als risicovol ziet. Maar het is de vraag of dat beleid in alle EU-lidstaten van de grond komt. Tot nog toe bleef het bij de aanbeveling om Huawei (maar ook ZTE) te vermijden in 5G-kernnetwerken en ran-infrastructuur (radionetwerk dat apparatuur verbindt met de antennes).  Het voorstel is om de zogenoemde toolbox van beperkingen verplicht te stellen en niet-naleving te bestraffen. Maar de stand van Huawei op MWC26, veruit de grootste en drukstbezochte tijdens het evenement in Barcelona, puilde de afgelopen week uit. De geopolitiek en zorgen over cybersecurity hadden geen merkbare invloed. Bestuurders uit de techwereld en politici kunnen moeilijk om de Chinese techgigant heen en moeten vaststellen dat de technische dominantie van Huawei groot is. Ook commercieel ontwikkelen de zaken zich positief. Uit cijfers van onderzoeksbureau Omdia blijkt dat Huawei onbedreigd marktleider is bij de basisstations voor telecomnetwerken en de antennes.  Het voorstel is echter om de zogenoemde toolbox van beperkingen verplicht te stellen en niet-naleving te bestraffen. Maar de stand van Huawei op MWC26, veruit de grootste en drukstbezochte tijdens het evenement in Barcelona, puilde de afgelopen week uit. De geopolitiek en zorgen over cybersecurity hadden geen merkbare invloed. Bestuurders uit de techwereld en politici kunnen moeilijk om de Chinese techgigant heen en moeten vaststellen dat de technische dominantie van Huawei groot is. Ook commercieel ontwikkelen de zaken zich positief. Uit cijfers van onderzoeksbureau Omdia blijkt dat Huawei onbedreigd marktleider is bij de basisstations voor telecomnetwerken en antennes. Middelpunt Huawei pakte in Barcelona uit met tal van innovaties die ai in het middelpunt van de telecom-infrastructuur plaatsen. Zoals viel te verwachten overheerste ai de conversaties op de beurs vanuit verschillende invalshoeken. Soevereine ai en de rol die operators spelen bij de ontwikkeling ervan, fysieke ai die robots en slimme apparaten tot leven brengt op de beursvloer, en het groeiende belang van samenwerking tussen verschillende sectoren. Over de toekomst waren de vele panels over dit onderwerp het eens: de industrie moet verder kijken dan het puur inzetten van ai voor kostenbesparing en de waarde ervan gaan bewijzen aan de hand van omzetgroei. Ook Huawei speelt daar op in. Michael Beekhuizen, verantwoordelijk voor serviceoplossingen bij Huawei, vertelt dat er in 2025 veel focus was op agents, maar dat het accent dit jaar ligt op wat Huawei de operators zelf kan bieden met ai. ‘Vooral computing wordt voor hen een grote potentiële markt.’ Huawei positioneert ai niet als een add-on, maar als een kernfunctie van het netwerk, waarbij intelligentie werd ingebed in service-orkestratie, netwerkautomatisering en fijnmazige, componentgerichte besturing. Dit omvat multi-agentplatforms voor spraak, breedband en het genereren van inkomsten uit gebruikerservaringen. Ook werden vroege implementaties getoond van autonome netwerkfuncties om handmatige handelingen te verminderen en de efficiëntie te verbeteren. Handig Een grote stap voor de operators kan ‘ai calling’ worden. Daarbij verschuift ai‑functionaliteit van apps naar het netwerk zelf. Deze techniek maakt het mogelijk dat een ai‑assistent meeluistert, vertaalt, samenvat of ondersteunt terwijl je belt. De gebruiker hoeft daarvoor niets te installeren. Handig zijn de gespreks­samenvattingen: na afloop krijg je automatisch een overzicht van afspraken, acties en belangrijke punten. Ook een live-vertaling is mogelijk: beide gesprekspartners spreken hun eigen taal, terwijl de ai simultaan vertaalt. Contextuele assistentie wordt eveneens geboden: de ai kan tijdens het gesprek informatie opzoeken, afspraken plannen, routes voorstellen of opties vergelijken. Deze functies zijn tijdens een telefoongesprek met spraak te activeren. Probleem is dat één grote fabrikant – naar verluidt Apple – dwars ligt gezien de voorgestelde standaard. Maar MWC26 laat zien dat ai-calling ondanks deze kink in de kabel toch mainstream wordt. Cluster De combinatie van stem en ai is niet meer te stoppen. Beekhuizen: ‘Het beste is om klein te beginnen met een server. En daar later een cluster van te maken.’ Ai-enhanced spraakdiensten hebben grote, low-latencyrekencapaciteit nodig.  Huawei demonstreerde tijdens MWC26 voor het eerst buiten China  een SuperPoD om deze voice-ai-modellen op grote schaal uit te rollen. De Chinese fabrikant wil ook de rekenkracht voor ai gaan leveren als alternatief op Amerikaanse hyperscalers in de cloud. Als miljoenen gesprekken tegelijk worden gevoerd, is daar veel capaciteit voor nodig. Huawei werpt zich steeds meer op als een full-stack-ai-leverancier. Gebouwd op een unified bus zijn deze producten geschikt voor een breed scala aan ai-trainings- en inferentie-scenario’s, aldus Huawei. Restaurant Concurrent Samsung toonde op de nieuwe Galaxy S26 agentic ai die meerdere stappen zelfstandig uitvoert. Een enkele spraakopdracht kan een restaurant boeken, een meeting verplaatsen en uitnodigingen versturen. De gebruiker kan taken delegeren. Ai wordt een workflow‑motor die apps en diensten orkestreert. Agentic ai ontpopt zich als de nieuwe telecom‑architectuur, aldus adviesbureau McKinsey.  Een andere ontwikkeling is een telefoon of mobiel apparaat een vast ip-adres te geven. Wanneer stabiliteit, beveiliging en voorspelbare bereikbaarheid belangrijk zijn kan dit voordelen hebben. Vpn’s, firewalls, iot, remote beheer en bedrijfsnetwerken profiteren van een statisch adres. Huawei duwt telecomnetwerken richting ai. In een rapport voorspelt Huawei dat er in 2035 zo’n negen miljard mobiele gebruikers zijn en negenhonderd miljard ai-agents. In zelfrijdende voertuigen zitten bijvoorbeeld veel agenten. Ook in de industrie, leveringsketens en logistiek komt veel ingebouwde intelligentie. 6G kan straks grote aantallen iot-apparaten aan. Voor grootschalige outdoor-dekking introduceert  Huawei nieuwe U6 GHz-radio’s. De U6 GHz‑band (Upper 6 GHz) is een nieuwe mid‑bandfrequentiezone die veel meer capaciteit biedt dan de klassieke 3,5 GHz‑band, maar zonder de extreem korte reikwijdte. U6 GHz-radio’s zijn gericht op hoge uplinkcapaciteit, essentieel voor mobiele ai‑toepassingen zoals realtime-video‑ai, ar/vr). U6 GHz radio ontsluit het potentieel van 5G-Advanced (5G-A), de verbeterde versie van 5G die geldt als een tussenstap naar 6G.  Verder introduceert Huawei Wifi 7 Advanced, een verbeterde, ai-gedreven evolutie van het standaard Wifi 7 (802.11be)-protocol. Het gaat verder dan de basis Wifi 7 door ai te integreren voor intelligente planning, verbeterd ruimtelijk hergebruik en gecombineerde sensorfunctionaliteiten.  Dennis Tossijn, verantwoordelijk voor de verkoop aan industriële ondernemingen, presenteerde een oplossing die het verkeer over een netwerk beschermt tegen de risico’s van quantum computing. Verder demonstreerde hij het Wifi Shield. Deze extra beveiligingslaag bovenop bestaande wifi‑encryptie voorkomt voorkomt dat kwaadwillenden het wifi‑verkeer kunnen onderscheppen. Huawei ontwikkelde een netwerktechnologie (iCSSR) die interferentie vermindert in drukke draadloze omgevingen. Tot slot ontwikkelde Huawei een detectietechniek die glasvezels gebruikt als sensoren. Hiermee zijn over honderden kilometers intrusies op te sporen, bijvoorbeeld als iemand over een hek klimt of draden doorknipt. Fiber sensing stuurt laserpulsen door een glasvezel en analyseert de minuscule terugkaatsingen. De exacte locatie van een incident is te bepalen, vaak tot op enkele meters nauwkeurig. Ook is realtime-monitoring mogelijk vanuit één beveiligde controlekamer.
Voormalig AI-baas Meta haalt 1 miljard op voor start-up
19 uur
AMI Labs, het nieuwe bedrijf van Yann LeCun, haalt 890 miljoen euro op bij een grote investeerders die je vooral niet als venture capital kunt zien. Hij werkt aan AI’s die de echte wereld als input gebruiken, niet taal. Dat is een zogeheten worldmodel, versus een LLM. Over de plannen en roadmap is LeCun niet heel spraakzaam. In grote lijnen klinkt het: “Wereldmodellen stellen agentsystemen in staat de gevolgen van hun acties te voorspellen en actiesequenties te plannen om een taak te volbrengen, met inachtneming van veiligheidsrichtlijnen.” AMI richt zich naar eigen zeggen sterk op toepassingen in industriële procesbesturing, automatisering, draagbare apparaten, robotica en gezondheidszorg. Tot de investeerders in deze ronde behoren veel Franse en Aziatische partijen. Onder hen: Cathay Innovation, Greycroft, Hiro Capital, HV Capital, Bezos Expeditions, Toyota Ventures, Temasek, NVIDIA, Association Familiale Mulliez, Groupe industriel Marcel Dassault, Sea, en Alpha Intelligence Capital. Foto: Severina Seidl / Unsplash
De misinformatie over kwantumbeveiliging speelt cybercriminelen in de kaart
19 uur
Veel organisaties doen de kwantumdreiging nog af als een ver-van-mijn-bed-show. Maar dat is een gevaarlijke misvatting. Kwantumcomputers, en daarmee ook ‘Q Day’, komen eraan. ‘Q Day’ omschrijft het moment dat kwantumcomputers krachtig genoeg zijn om de huidige encryptie te kraken. Experts waarschuwen dat dit al in 2030 kan gebeuren.  Aanvallers zitten dan ook niet stil: […]
Ruim helft verkopers Amazon.de uit China
20 uur
Bijna zestig procent van de verkopers op de marktplaats Amazon.de komt uit China. Slechts 22 procent van de verkoperaccounts is in handen van lokale handelaren. Al zijn Duitse verkopers op Amazon de nummer twee nationaliteit op ’s lands populairste marktplaats, ze zijn met afstand in de minderheid. Voor elke Duitse verkoper zijn er 2,5 Chinezen. Dat blijkt uit onderzoek van marketingbureau Daniks.AI, dat 119.534 actieve verkopers op de grootste e-commerce marktplaats van Duitsland analyseerde. De drie grote Europese e-commercelanden Groot-Brittannië, Italië en Frankrijk zijn samen goed voor slechts 7,7 procent van de verkopers. “Eerlijk gezegd waren we zelf ook verrast door de resultaten”, stelt Daniks in een blog https://daniks.ai/blog/chinese-sellers-amazon-de-2026. Amazon is dus vooral een outlet voor Aziatische handelaren. Het advies van het marketingbureau: “Concurreren op prijs met verkopers die het product zelf produceren is een verloren zaak. Concurreer op alle andere aspecten. Voordelen die Chinese verkopers niet makkelijk kunnen nabootsen: vertrouwen, taal en naleving van regelgeving en certificering.”
Polarise overweegt 30 megawatt AI-datacenter in soevereiniteitspush
20 uur
Het Duitse technologiebedrijf Polarise heeft plannen aangekondigd voor de bouw van een nieuw datacenter dat specifiek is ontworpen voor kunstmatige intelligentie. De faciliteit moet komen in de gemeente Amberg in Unterallgäu, in de regio rond Augsburg in de deelstaat Beieren. Volgens de plannen krijgt het datacenter een initiële capaciteit van 30 megawatt en moet het […]
Budget geen belemmering meer voor AI-automatisering
20 uur
Budget is nauwelijks nog een obstakel voor AI-automatisering. Slechts 15 procent van de IT-beslissers ziet kosten als knelpunt. AI-accountability en security zijn de echte uitdagingen, terwijl organisaties van plan zijn het aantal AI-agents het komende jaar verder op te schalen (43 procent). Dat blijkt uit onderzoek van Jitterbit. Security en compliance staan bovenaan bij 39 […]
Kort: Conclusion wint bij Havenbedrijf Rotterdam, kansen voor digital twins bij auditors (en meer)
21 uur
In dit nieuwsoverzicht: Conclusion Intelligence sleept order Havenbedrijf Rotterdam in de wacht, SAP zet FC Bayern in de erp-cloud, TMA koopt BrainsFirst, Digital Survival Company aan de slag bij Stadlander, en auditors profiteren van digital twins. Havenbedrijf Rotterdam kiest Conclusion Intelligence voor beheer dataplatform Havenbedrijf Rotterdam gaat een meerjarige samenwerking aan met Conclusion Intelligence, gevestigd in Utrecht, voor beheer en doorontwikkeling van het centrale dataplatform, gebaseerd op Databricks- en Microsoft-technologie. De keuze volgt op een aanbesteding waar is gezocht naar een partner die zowel beheer als verdere professionalisering kan verzorgen (contractduur vier jaar, geschatte contractwaarde rond de vijf miljoen euro). Conclusion Intelligence neemt het bestaande platform over, breidt het uit met nieuwe dataproducten en ondersteunt de inzet van ai. Het bedrijf werkt daarbij samen met de interne afdeling I&DT van Havenbedrijf Rotterdam. Het dataplatform speelt een belangrijke rol in de digitaliseringsplannen van het havenorganisatie, dat inzet op betere besluitvorming en ondersteuning van operationele processen. SAP scoort bij FC Bayern met Rise with SAP FC Bayern München heeft zijn on‑premises systemen verhuisd naar de cloud met Rise with SAP. De voetbalclub uit München gebruikt nu SAP Cloud ERP Private als basis voor zijn digitale processen. De omgeving sluit aan op bestaande cloudtoepassingen zoals SuccessFactors, Emarsys en Analytics Cloud. Volgens SAP, gevestigd in Walldorf, helpt de overstap om piekbelasting rond wedstrijddagen beter op te vangen en beheer te centraliseren. FC Bayern verwerkt in het platform miljoenen fan- en ledenrecords en gebruikt dezelfde datalaag voor merchandising en logistiek. De cloudomgeving ondersteunt bovendien Europese privacyregels en toekomstbestendig beheer, aldus SAP TMA neemt BrainsFirst over voor uitbreiding talentsoftware TMA, gevestigd in Utrecht, koopt BrainsFirst, een Amsterdamse aanbieder van cognitieve assessments. Het is de tweede overname van deze maand en volgt op de recente acquisitie van Styr en eerdere aankopen van het Amerikaanse DecisionWise en het Franse Human Mobilityin 2025. Sinds de samenwerking met Main Capital Partners in 2024 breidt TMA zijn portfolio gestaag uit. BrainsFirst (zestien medewerkers) levert game‑based tests waarmee organisaties cognitief potentieel meten. De software wordt gebruikt in sectoren als gezondheidszorg, overheid en sport. Door de combinatie krijgen klanten van TMA toegang tot aanvullende datalagen voor talent- en teamanalyse. Mede-oprichter Ilja Sligte meldt: ‘Neuro-science biedt al jaren een puur, onbevooroordeeld beeld van cognitieve capaciteit. Door ons bij TMA aan te sluiten, kunnen we deze objectieve data koppelen aan rijke gedragsprofielen, met behoud van wetenschappelijke integriteit.’ Stadlander kiest Digital Survival Company voor beheer it‑omgeving Woningcorporatie Stadlander uit Bergen op Zoom gaat een langdurige samenwerking aan met Digital Survival Company (DSC), gevestigd in Nieuwegein (en gesteund door Lexar Partners), voor het beheer en de doorontwikkeling van zijn it‑omgeving. De opdracht omvat Azure‑cloudbeheer, werkplekdiensten, netwerkbeheer en technisch applicatiebeheer. Volgens Stadlander helpt een vaste it‑partner om de omgeving overzichtelijker en veiliger te maken. Digital Survival Company werkt daarbij samen met het interne it‑team. Stadlander beheert ruim 14.000 woningen in West‑Brabant en Zeeland en wil met de nieuwe samenwerking de digitale ondersteuning van medewerkers en huurders verbeteren. DSC sloot eerder in de corporatiemarkt contracten met Woonstad Rotterdam en Vidomes. Digital twin kan auditproces versnellen en verbreden Digital‑twintechnologie kan de kwaliteit van financiële audits verhogen en het werk van auditors veranderen. Dat concludeert de Audit, Innovation & Technology‑afdeling van BDO Accountants & Adviseurs, gevestigd in Eindhoven, en de Itaca‑opleiding van de Vrije Universiteit Amsterdam na onderzoek. Een digital twin is een virtueel model van een fysiek object, proces of systeem dat continu wordt bijgewerkt met actuele data. Hiermee is het mogelijk om werkelijk gedrag na te bootsen, voorspellen en controleren. De technologie wordt ook ingezet in de bouwsector en industrie. Digital twins bieden volgens de onderzoekers de mogelijkheid om ook financiële processen nauwkeuriger te simuleren. Hierdoor kunnen steekproeven worden beperkt en verschuift de aandacht naar risicogebieden. Volgens de onderzoekers vraagt dit om een andere manier van werken, waarbij auditors meer sturen op externe gegevens en eerdere signalering van afwijkingen.
VK-parlement: Strenge regels AI-contentlicenties nodig
21 uur
Engeland moet het lichtend voorbeeld worden voor hoe met intellectueel eigendom en generatieve kunstmatige intelligentie wordt omgegaan. Dat kan alleen als de eilandbestuurders volledig gaan voor ‘verantwoorde, op licenties gebaseerde AI-ontwikkeling’. Zo concludeert een commissie van de volksvertegenwoordiging die deze materie onderzocht. Het is óf de wetten rondom auteursrechten afzwakken óf streng en duidelijk bepalen wat wel en niet mag. Het advies van de commissie is om die tweede route te nemen. Gebeurt dat niet, dan blijven de veelal Amerikaanse AI-reuzen het web zonder rem afgrazen. Wie vervolgens die geroofde content gebruikt om eigen werken mee te maken, kan wel eens medeplichtig worden gehouden voor inbreuk om auteursrecht. De parlementaire commissie wil daarom dat de overheid expliciet afziet van een nieuwe uitzondering op de zogeheten text and data mining-regels (TDM) met een opt-outmodel, zoals eerder voorgesteld. Daarnaast pleit ze voor wettelijk verplichte transparantie over trainingsdata van AI-modellen en voor bescherming tegen ongeautoriseerde digitale replica’s en ‘in de stijl van’-outputs die de identiteit van makers schaden. Tegelijkertijd ziet de commissie kansen voor de Britse creatieve industrie door content voor AI-toepassingen te licentiëren. Er moeten open technische standaarden komen voor rechtenregistratie en de ‘ontstaansgeschiedenis’ van content.
CIO-checklist: gevolgen van de conflict Midden-Oosten
21 uur
Storing in één regio kan je hele keten raken. Deze praktische punten helpen je risico’s verkleinen en sneller herstellen als het misgaat.
OpenAI kondigt overname van AI-teststartup Promptfoo aan
21 uur
OpenAI wil security- en testmogelijkheden voor AI-toepassingen uitbreiden met de overname van Promptfoo. Het bedrijf kondigde aan dat het de technologie van de startup wil integreren in OpenAI Frontier. Dat is een platform dat organisaties ondersteunt bij het bouwen en beheren van AI-agents in bedrijfsprocessen. De overname past in een bredere ontwikkeling waarbij bedrijven steeds […]
JetBrains Air: agentic development environment in preview
21 uur
JetBrains lanceert Air, een agentic development environment waarmee ontwikkelaars meerdere AI-agents gelijktijdig kunnen aansturen. Het platform is nu beschikbaar in Public Preview en ondersteunt Codex, Claude Agent, Gemini CLI en Junie. Het vervangt de traditionele code-editor niet, maar bouwt tools rond de agent. JetBrains Air is vanaf vandaag beschikbaar in Public Preview. Het platform is […]
Mogelijk MacBook Pro Ultra op komst
22 uur
Nauwelijks nadat Apple nieuwe MacBook Pro-modellen heeft geïntroduceerd met de M5 Pro- en M5 Max-chips, werkt het bedrijf volgens Bloomberg-journalist Mark Gurman alweer aan een vernieuwde MacBook die tegen het einde van 2026 zou kunnen verschijnen. Die toekomstige MacBook Pro zou een aantal grote veranderingen brengen ten opzichte van de huidige modellen. Eén van de belangrijkste is dat het apparaat naar verwachting een OLED-scherm krijgt. Apple gebruikt deze displaytechnologie al in onder andere de iPad Pro, waar OLED zorgt voor betere contrasten, diepere zwarttinten en een energiezuiniger scherm. Daarnaast wordt verwacht dat dit model ook een aanraakscherm krijgt, iets wat Apple tot nu toe altijd heeft vermeden bij Macs. Naast het nieuwe scherm zou de laptop mogelijk ook een volgende generatie chips krijgen, namelijk de M6 Pro- en M6 Max-chips. Dat zou opvallend zijn omdat Apple pas net de M5-generatie heeft geïntroduceerd. Toch is het niet volledig ongebruikelijk dat Apple binnen één jaar meerdere chipgeneraties voor Macs lanceert, afhankelijk van de productplanning. Er wordt ook gespeculeerd dat Apple dit nieuwe model misschien niet simpelweg als een nieuwe MacBook Pro zal positioneren. In plaats daarvan zou het een nog hogere categorie kunnen worden, boven de huidige Pro-lijn. Sommige analisten denken daarom dat Apple een nieuwe naam zou kunnen gebruiken, bijvoorbeeld MacBook Ultra.
HPE wil prijzen na offerte kunnen aanpassen
22 uur
Hewlett Packard Enterprise heeft zijn contractvoorwaarden aangepast zodat het de prijs van hardware kan wijzigen nadat een offerte is uitgebracht. De wijziging volgt op sterke prijsstijgingen bij onder meer geheugen- en opslagcomponenten, die een steeds groter deel van de serverkosten bepalen. Dit meldt The Register. Tijdens de presentatie van de kwartaalresultaten lichtte CEO Antonio Neri […]
Uitbreiding stroomnet vertraagt ondanks miljardenimpuls
22 uur
Tennet investeert vele miljarden, maar vergunningen en grondverwerving zorgen ervoor dat veel projecten jaren achterlopen.
Claude Code krijgt tool voor controleren code
22 uur
Anthropic introduceert Code Review voor Claude Code. Dit multi-agent systeem analyseert elke pull request (PR) grondig op fouten. Codereview is een knelpunt geworden voor veel softwareteams. Anthropic zelf zag de code-output per engineer het afgelopen jaar met 200 procent groeien, maar de reviewcapaciteit hield dat tempo niet bij. Veel pull requests kregen daardoor slechts een […]
Nederlandse primeur: Fabriek voor InP-fotonische chips op 6-inch waferschaal
23 uur
In Eindhoven is de bouw gestart van ’s werelds eerste industriële fabriek voor Indiumfosfide (InP)-fotonische chips op 6-inch waferschaal. Met een investering van 150 miljoen euro, onderdeel van het Europese PIXEurope-consortium en de EU Chips Act, moet het project van de grond komen. Na de opstartfase werken circa 40 specialisten in de fabriek, een aantal […]
Indeed en LinkedIn domineren nog altijd de markt van jobboards, niche en regionale sites winnen terrein
23 uur
Indeed en LinkedIn zijn nog steeds veruit de grootste jobboards. Tegelijkertijd winnen nicheplatforms en regionale vacaturesites steeds meer aan populariteit. Opvallend is dat Intermediair na jaren voor het eerst niet meer in de top 10 staat. Dat blijkt uit onderzoek van Intelligence Group. Vacaturesites zijn ook anno 2026 nog steeds een onmisbare bron van kandidaten voor de meeste werkgevers. Indeed is en blijft de onbetwiste nummer 1 – en bouwt zijn voorsprong zelfs nog wat verder uit. LinkedIn volgt stabiel op nummer 2, maar verliest terrein. En daarachter? Daar wisselt de volgorde, zo blijkt, met enkele opvallende winnaars en verliezers. Van alle bijna 1.500 actieve baanzoekers die Intelligence Group in 2025 bevroeg noemt 45 procent Indeed als meest favoriete jobboard. LinkedIn volgt met 36 procent. Onafhankelijk van elkaar (en dus vanzelfsprekend ook samen), ontvangen deze platforms al meer voorkeursstemmen dan alle overige genoemde jobboards bij elkaar. Opvallend is de groei van Indeed: waar in 2024 nog 38 procent het platform als favoriet aanduidde, is dat nu dus 45 procent, een toename van maar liefst 7 procentpunt. LinkedIn daalde slechts licht, van 37 naar 36 procent, maar het verschil tussen de twee is daarmee duidelijk groter geworden. Indeed lijkt het momentum stevig naar zich toe te trekken. Dat speelt zich overigens af in een overall krimpende markt. Jobboards staan wereldwijd sterk onder druk, niet alleen door een veranderende economie, maar ook doordat recruiters steeds vaker alternatieve manieren zoeken om kandidaten te bereiken, zoals via LLM’s en sociale media. Zo wordt wel verwacht dat 90 procent van de huidige jobboards in 2030 niet meer actief is. Heel veel jobboards (die niet gesubsidieerd zijn door overheden, of visvijvers zijn van bureaus) zullen tegen die tijd het onderspit delven, tenzij ze hun verdienmodel gaan aanpassen. Opvallende stijger is opnieuw Werkzoeken.nl, dat van plek 6 naar plek 5 klimt, na ook de jaren daarvoor al aan een opmars bezig te zijn geweest. Het platform dankt zijn groei met name aan sterke zichtbaarheid via SEO via onder meer Google, haar toegankelijkheid tot opdrachtgevers en haar markt- en klantgerichtheid. Het profileert zich steeds nadrukkelijker als uitdager van Indeed, al is de afstand tot de koploper nog aanzienlijk, zoals uit dit onderzoek blijkt. Een andere opvallende stijger is Glassdoor – overigens onderdeel van hetzelfde concern als Indeed. De feitelijke relevantie van Glassdoor reikt echter verder dan deze ranking. In deze tijden van Generative Engine Optimization (GEO) wordt de beoordelingssite steeds belangrijker. LLM’s en AI-gestuurde zoektools putten namelijk volop uit Glassdoor-data. Werkgevers die zichtbaar willen zijn voor baanzoekers die A.I. inzetten, doen er dan ook verstandig aan hun Glassdoor-profiel serieus te nemen. Waar er winnaars zijn, zijn er uiteraard ook verliezers. Jobbird, tegenwoordig onderdeel van YoungCapital, zakt verder weg, van plek 5 naar 7. Hoewel de onderlinge verschillen buiten de top 5 beperkt zijn, is de neerwaartse trend duidelijk zichtbaar. Nog opvallender is de terugval van Intermediair.nl, ooit toch echt een begrip op de Nederlandse arbeidsmarkt. Het platform zakt dit jaar van plek 9 naar 12 en staat daarmee voor het eerst buiten de top 10. Andere achterblijvers zijn onder meer Stepstone, Uitzendbureau.nl en Jobrapido. Het zijn stuk voor stuk relatief brede platforms die terrein verliezen aan gespecialiseerde spelers. De grootste groeiers van 2025 zijn dan ook niet de grote platforms, maar juist de niche- en regionale jobboards. Zoals ZeeuwseVacaturebank, dat springt van plek 42 naar 15, terwijl ZorgpleinNoord klimt van 20 naar 14 en Culturele-vacatures.nl stijgt van 13 naar 8. En starterssite Magnet.me wint ook 3 posities, van 16 naar 13. Andere regionale groeiers zijn bijvoorbeeld Twentsekracht.com, Vooruitindrenthe, Brabantwerkt, WerkeninnoordoostBrabant en Werkenindepeel.nl. Op het gebied van nichesites vallen ICTergezocht en Studentenjob op. En een nieuwkomer, waarvan in 2026 veel verwacht wordt: TheTalentpoolCommunity, combineert het delen van talent tussen (regionale) werkgevers, functie- en interessegebieden en branches. De boodschap is helder: wie een specifieke doelgroep of regio bedient, kan aan relevantie winnen. Generieke jobboards zonder duidelijke positionering verliezen juist terrein. Het gebruik van vacaturesites verschilt overigens sterk naar leeftijd en geslacht. Zo blijken ervaren professionals en 50-plussers significant vaker gebruik te maken van jobboards dan jongere werkzoekenden. Dat is begrijpelijk: ouderen zijn opgegroeid met dit zoekkanaal en blijven het trouw, terwijl jongeren juist vertrouwd raken met nieuwere manieren van werk zoeken. Ook is er dus een genderverschil. Vrouwen kiezen aanzienlijk vaker voor Indeed dan mannen: 52% tegenover 38 procent. Bij LinkedIn is het verschil kleiner: 38 om 34 procent. Mannen kiezen iets vaker voor NationaleVacaturebank, Werk.nl en Jobbird. Vrouwen hebben juist een sterkere voorkeur voor Culturele Vacatures, ZorgpleinNoord en ZeeuwseVacaturebank – wat uiteraard mede samenhangt met de sectoren waarin zij actief zijn, zoals zorg en cultuur.
Mobile apps krijgen geen tweede kans: waarom mobile testing het verschil maakt
23 uur
In de wereld van mobile apps bestaat er nauwelijks een tweede kans. Binnen enkele seconden kan een gebruiker al besluiten een app te verwijderen wanneer deze niet goed presteert. De kans dat iemand het een week later nog eens probeert, is klein. Voor digital agencies en developmentteams betekent dit dat mobile testing geen sluitpost is, maar een strategisch onderdeel van het ontwikkelproces moet zijn. Een haperende app is voor eindgebruikers immers geen “technisch probleem”, maar een falende merkbeleving en daarmee directe reputatieschade voor de opdrachtgever. Kwaliteit is daarom een belangrijke onderscheidende factor in digitale producten.  De veeleisende mobile gebruiker  ‘Oh, daar is wel een app voor.’ Vrijwel iedereen kent deze opmerking. Tegenwoordig heeft bijna iedere smartphonegebruiker tientallen apps geïnstalleerd. Gemiddeld gaat het om zo’n 90 apps per toestel. *  Dat betekent dat een nieuwe app niet alleen concurreert met vergelijkbare diensten, maar met alle andere apps op het toestel van de gebruiker. De lat wordt automatisch bepaald door de beste apps die iemand gebruikt. Waarom zou een nieuwe app minder soepel werken dan een bankapp, navigatie-app of socialmediaplatform?  De tolerantie voor fouten ligt daardoor extreem laag. Een app die langzaam start, hapert tijdens het scrollen of onverwacht vastloopt, leidt vrijwel direct tot irritatie. Waar een gebruiker op desktop soms nog bereid is een probleem te accepteren, wordt een mobiele app zonder aarzeling gesloten of verwijderd.  Dat vraagt om een andere kijk op kwaliteit: mobile apps worden niet alleen beoordeeld op functionaliteit, maar vooral op beleving. Veel problemen binnen mobile apps zijn dan ook geen klassieke bugs, maar wat emotionele breekpunten genoemd kunnen worden: kleine frustraties die de gebruikerservaring negatief beïnvloeden en uiteindelijk bepalen of een gebruiker blijft of vertrekt.  Voor organisaties én agencies die apps voor klanten ontwikkelen, ligt hier een belangrijke kans: door deze breekpunten vroegtijdig te identificeren, kan de gebruikerservaring aantoonbaar worden verbeterd.  Testen in de werkelijkheid van de gebruiker  Wat mobile testing fundamenteel anders maakt dan traditionele softwaretesting, is dat een app vrijwel nooit onder gecontroleerde omstandigheden wordt gebruikt. Gebruikers hebben verschillende telefoons, uiteenlopende OS-versies en persoonlijke instellingen. Daarnaast bevinden zij zich onderweg, wisselen ze tussen wifi en mobiele netwerken, ontvangen ze notificaties of bedienen ze hun telefoon met één hand terwijl hun aandacht verdeeld is.  Juist deze combinatie van technische variatie en gebruikscontext maakt mobile testing aanzienlijk complexer dan veel organisaties vooraf inschatten. Volgens Polteq is deze diversiteit een belangrijke reden waarom organisaties steeds vaker kiezen voor gespecialiseerde testomgevingen zoals het Polteq Mobile Test Lab.  Met dit device lab krijgen teams toegang tot een breed scala aan relevante iOS- en Android-toestellen waarop applicaties onder realistische omstandigheden getest kunnen worden. Door vooraf te analyseren welke devices en platformen relevant zijn voor de doelgroep, ontstaat een representatieve teststrategie. Teams testen daardoor gericht op de toestellen die gebruikers daadwerkelijk in handen hebben.  Deze aanpak maakt het mogelijk om compatibiliteitsproblemen, performanceverschillen en andere frustrerende gebruikerservaringen vroegtijdig zichtbaar te maken nog voordat eindgebruikers ermee geconfronteerd worden.  Gebruikerservaring als succesfactor  De kern van mobile testing ligt niet alleen in technologie, maar in de beleving van de gebruiker. Een app kan technisch correct functioneren en toch als traag, onduidelijk of onprettig worden ervaren. In een wereld waarin gebruikers steeds hogere verwachtingen hebben en weinig geduld tonen, bepaalt juist die emotionele ervaring het succes van een mobiele applicatie.  Voor organisaties en digital agencies die apps ontwikkelen, is testing daardoor geen eindcontrole meer, maar een essentieel onderdeel van het leveren van een digitale ervaring die gebruikers willen blijven gebruiken. Mobile testing gaat namelijk niet alleen over softwarekwaliteit. Het gaat over het beschermen van de gebruikerservaring, het voorkomen van reputatieschade en het versterken van het vertrouwen in het merk achter de app.   Auteur: Tim Gravemaker werkt bij Polteq als Mobile test expert en trainer. Hij helpt organisaties softwarekwaliteit te verbeteren en is verantwoordelijk voor het Mobile domein. * https://appinstitute.com/40-enlightening-mobile-app-and-app-store-statistics/ 
Lock-in en lock-through
1 dag
We verwachten dat mensen direct kunnen schakelen tussen contexten, zonder tijd om te lock-through’en.
‘Bank moet slachtoffer phishing compenseren’
1 dag
Banken moeten rekeninghouders die getroffen zijn door ongeautoriseerde transacties onmiddellijk terugbetalen, zelfs als het hun eigen schuld is. Dat stelt althans advocaat-generaal Athanasios Rantos van het Europese Hof van Justitie (PDF). Het advies werd uitgebracht naar aanleiding van een geschil tussen een Poolse bank en een van diens klanten. Deze klant had gereageerd op een online advertentie voor een e-commercetransactie. De betaallink die hij echter ontving, bleek uiteindelijk een phishingactie voor een neppagina van een bank. Hij werd daarna bestolen. De advocaat-generaal vindt nu, dat de bank deze persoon schadeloos moet stellen. Direct. Maar dat is niet waar het proces eindigt. Als de bank vervolgens vaststelt dat deze persoon opzettelijk of door grove nalatigheid is bestolen, dan mag de bank het geld terugvorderen. Betaalt de klant niet, dan kan de bank naar de rechter. De positie van Rantos geldt overigens als een mening en is niet directief. Foto: Sara Cudanov / Unsplash
De strijd om digitaal talent bepaalt onze veiligheid en economische groei
1 dag
Innovatie begint met mensen, zegt Digital Holland.

Pagina's

Abonneren op business