De tijd van uren googlen voor een online aankoop raakt voorbij. Zoekopdrachten worden langer, meer woorden. Search verschuift naar conversational. De daarop volgende fase is de shoppende AI-agent die werkt voor zijn baas, de consument.
Dat beeld komt naar voren in de presentaties van Stijn Bergmans van marketingspecialist Follo en onafhankelijk search- en contentexpert Chantal Smink. Los van elkaar deelden zijn vorige week op Emerce E-commerce Live! een vergelijkbare visie.
Smink: “In de conversational context”, waarin we nu chatten met ChatGPT, “zie je nog een handjevol zoekresultaten. In een agentic omgeving is er nog maar één zoekresultaat.” De AI-butler heeft ál het voorwerk en de selecties al gedaan. “Maar vergeet niet, Google en OpenAI zijn er niet voor jou maar voor zichzelf.”
Bergmans prikkelend naar zijn publiek: “Wat als Google helemaal niet meer bestaat en er alleen nog maar AI-search is?”
In beide gevallen is het voor een bedrijf, webwinkel of andere dienstverlener zaak om nu al te beginnen met het optimaliseren van zijn zichtbaarheid in AI-zoekmachines.
De Follo-specialist vervolgt: “Je moet agents in de ontdekkingsfase al overtuigen. Dat is 99 procent van het proces. De uiteindelijke aankoop is die ene laatste procent.”
Daarbij hecht hij weinig waarde aan AI-visibilitytrackers. “Die geven ook maar een getal. Leuk voor de directie, maar het zegt verder niets. Ik wil weten hoe ónzichtbaar een merk is, want dat is waar je lekt naar de concurrent. Anders gezegd: als je keywords dertig procent AI Overviews triggeren, ben je in zeventig procent onzichtbaar.”
De productpagina van een webwinkel is belangrijker dan ooit. Het is dé databron. Bergmans raadt marketeers aan het oude handwerk op te pakken: “Doe reach-outs naar externe sites. Kom op lijstjes, doe aan PR en linkbuilding. Alles om onzichtbaarheid via een contextueel relevante route te verdrijven.”
In de wereld van Smink klinkt dat net iets anders. “Maak non-commodity content, geen uitgekauwde zaken en thema’s die al in de LLM zelf zitten. De kansen liggen bij de content die níet in de LLM’s zitten, waarvoor ze het web op moeten. Je moet onmisbaar worden voor bots, de volledigste en bekendste zijn in jouw omgeving. Een merk met een goede productfeed.”
Digitale merkbekendheid betekent in deze context om een brede waaier van contentvormen te ontwikkelen. Werkend vanuit een merkidentiteit moet een bedrijf een constante stroom van tekst, audio, fotografie en video ontwikkelen en publiceren. Dit om de zichtbaarheid en informatiewaarde zo groot mogelijk te maken.
In de belevingswereld van de consument is agentic commerce overigens nog een ver toekomstbeeld. Het DHL E-Commerce Trend-rapport 2026 vroeg hier namelijk expliciet naar. Daaruit blijkt, dat 42 procent van de consumenten helemaal niet zit te wachten op een AI-bot die voor hen winkelt. Slechts achttien procent ziet het wel zitten. Argwaan is hiervoor de reden, niet de techniek an sich. De shopper vreest opdringerige upselling, misinterpretatie van zijn zoekvraag en schending van zijn privacy.
Op verzoek van Emerce deelt internationaal digital marketingbureau Incubeta generieke cijfers over de schijnbare tegenstelling tussen SEO en GEO. Alhoewel, Jessica Jacobs bevestigt het volmondig. “Zoekmachines zijn officieel losgekoppeld. Traditionele SEO draait om concurrentie om positie, GEO om concurrentie om in de zoekresultaten te verschijnen.”
Over gevestigde merken: “Hier is behoud van de nummer 1-positie in Google leidend, maar lijden ze een daling van maximaal dertig procent in AI-overzichten, belangrijke zoekopdrachten met een hoge intentie.” De digitale opkopers, die geen SEO-legacy hebben, werken anders. Jacobs: “Hun domeinautoriteit ligt onder de vijftig, pagina twee of drie van Google. Toch behalen ze tot wel 45 procent van de primaire citaties in AI-zoekmachines voor conversationele zoekopdrachten.”