Extreme hitte vergroot druk op online kledingverkoop

Extreme hitte kan een extra risico vormen voor kledingwinkels, terwijl de concurrentie van buitenlandse webshops verder toeneemt. Dat blijkt uit een analyse van geaggregeerde en geanonimiseerde transactiedata van ABN AMRO. Vooral tijdens perioden met zeer hoge temperaturen nemen de bestedingen in fysieke kledingwinkels af. Tegelijkertijd gaat een steeds groter deel van de online kledingbestedingen naar buitenlandse webshops. De fysieke kledingwinkels hebben zich na de coronapandemie grotendeels hersteld. Sinds 2022 laten de maandelijkse bestedingen een relatief stabiel patroon zien, met lichte groei en normale seizoensschommelingen. Online verandert het beeld echter. Nederlandse webwinkels hebben sinds de coronapiek terrein verloren, terwijl buitenlandse aanbieders juist een groter deel van de markt naar zich toetrekken. De betaalgegevens van ABN AMRO maken die ontwikkeling duidelijker zichtbaar dan traditionele omzetcijfers. Buitenlandse webshops zonder Nederlandse vestiging worden namelijk niet meegenomen in Nederlandse omzetstatistieken, maar transacties bij deze aanbieders zijn wel zichtbaar in betaaldata. Ook oudere consumenten weten de internationale webshops steeds beter te vinden. Het aandeel van 56- tot 65-jarigen in de transacties bij buitenlandse webshops steeg van 6,9 procent in 2019 naar 10,3 procent in 2025. Bij 65-plussers nam het aandeel in dezelfde periode toe van 3,4 naar 6 procent. Jongeren zijn al langer gewend aan internationale webshops, die vaak concurreren met lage prijzen en een groot assortiment. Voor Nederlandse kledingretailers betekent dit dat de prijs- en margedruk verder kan toenemen. Naast een efficiënte bedrijfsvoering en logistiek kunnen winkels zich onderscheiden met bijvoorbeeld service, kwaliteit, een gespecialiseerd assortiment of lokale binding. Naast de toenemende online concurrentie speelt ook het weer een rol. Tijdens de hitteperiode in juni 2026 liepen de temperaturen in delen van Nederland op tot boven de 35 graden. Volgens de analyse namen de bestedingen in fysieke kledingwinkels tijdens extreme hitte duidelijk af. Bij langdurige perioden met temperaturen rond de 30 graden namen de bestedingen juist toe. Consumenten gingen dan vaker naar buiten, wat ook winkelbezoek kan stimuleren. Bij hogere temperaturen veranderde dat beeld. In gebieden waar code oranje of code rood van kracht was, daalden de uitgaven aan kleding in fysieke winkels. De terugval bleek tijdelijk. Na afloop van de warme periode herstelden de bestedingen zich. Voor kledingwinkels betekent een enkele hittegolf daarom niet automatisch een structureel omzetverlies. Wanneer perioden met extreme hitte echter vaker voorkomen of langer duren, kunnen ze wel invloed krijgen op de manier waarop retailers hun voorraad en assortiment plannen. Vooral in combinatie met de groei van online winkelen kan dat relevant zijn. Consumenten die bij extreem warm weer liever niet naar een winkel gaan, kunnen hun aankopen uitstellen of online doen. Daarmee kan hitte bestaande verschuivingen in de kledingmarkt verder versterken. Volgens ABN AMRO hoeven retailers hun inkoopmodel niet volledig aan te passen vanwege een enkele hittegolf. Wel kan het verstandig zijn om tijdens het seizoen sneller te kunnen reageren op veranderingen in de vraag. Kleinere eerste bestellingen, sneller inzicht in verkooppatronen en flexibele afspraken met leveranciers kunnen daarbij helpen. De kledingbranche staat daarmee voor meerdere uitdagingen tegelijk. Fysieke winkels hebben zich na corona hersteld, maar online winnen buitenlandse aanbieders terrein. Extreme hitte kan bovendien tijdelijk zorgen voor minder winkelbezoek en lagere verkopen. Voor retailers wordt het daardoor belangrijker om flexibel om te gaan met zowel veranderend online koopgedrag als wisselende weersomstandigheden.
emerce
28-08-2026 06:19