In de rubriek De Overstap gidst ict‑journalist Robbert Hoeffnagel de ict-pro en -beslisser naar alternatieve zakelijke oplossingen. Deel 6: Hoe je van iOS of Android afkomt, apps maken met Mistral Vibe, de Sovereign Cloud Stack wordt omarmd door grote spelers en Amerikanen zien iets gebeuren in Europa.
De overstap naar digitaal soeverein werken klinkt vaak groter dan hij in de praktijk hoeft te zijn. Dat merk ik iedere dag aan mijn laptop. Ik werk zoals eerder al gemeld inmiddels op een Slimbook Evo van de Spaanse fabrikant Slimbook, met Linux Mint als besturingssysteem. Geen spectaculaire migratieverhalen, geen nachtenlang prutsen aan drivers, geen ingewikkelde workarounds. Hij doet het gewoon. Sterker nog: hij doet het uitstekend.
Dat is misschien wel de belangrijkste constatering. Open source op de laptop voelt niet langer als een compromis. Linux Mint is stabiel, snel, overzichtelijk en voorspelbaar. De machine start vlot op, updates verlopen probleemloos (interessant voor Windows-gebruikers: er is vrijwel nooit een reboot van de laptop nodig) en de dagelijkse werkzaamheden gaan zonder gedoe. Voor tekstproductie, browsen, research, mail, beeldbewerking op basisniveau en documentbeheer mis ik eigenlijk niets. De laptop is daarmee het eenvoudige deel van De Overstap geworden.
Maar dan de telefoon nog
Mijn huidige telefoon is een iPhone van een paar jaar oud. De batterij wordt wat minder, maar verder werkt het apparaat nog prima. Dat is ook precies het lastige aan Apple: de hardware is goed, de software is prettig en het ecosysteem is comfortabel. Alleen past het steeds minder goed bij de richting waarin ik met mijn digitale gereedschap wil bewegen.
Tegelijkertijd heb ik een CMF Phone van Nothing liggen. CMF is het budgetmerk van deze Britse fabrikant en de telefoon kostte, als ik het goed heb, nog geen 300 euro. Het merkwaardige is: ik vind die CMF in het dagelijks gebruik eigenlijk fijner dan mijn iPhone. Het scherm is helderder, het toestel is dunner en lichter, en het geheel voelt verrassend volwassen. NothingOS werkt soepel en oogt strak. Bovendien doet het bedrijf leuke, innovatieve dingen. Zo kun je met ai die lokaal op de telefoon draait heel makkelijk een handig appje voor jezelf maken. Gewoon met een prompt en je hebt razendsnel een appje dat precies doet wat jij wilt. Dat lukt op die iPhone niet zo makkelijk, vrees ik.
Op de CMF Phone van Nothing kun je snel een eigen appje maken
Er is alleen één belangrijk nadeel: NothingOS is gebaseerd op Android inclusief Google Play en dergelijke. Daarmee stap ik nog steeds niet uit de bekende Apple-Google-tweedeling. Ik zwabber dus een beetje heen en weer tussen twee (eigenlijk drie, zie verder) werelden. In de praktijk is inmiddels bijna als vanzelf een tussenoplossing ontstaan. Ik gebruik beide telefoons naast elkaar, elk voor specifieke taken. Dat werkt beter dan verwacht, maar het voelt niet als eindstation.
Wat ik eigenlijk wil, is een open, bij voorkeur Europees mobiel en/of open source besturingssysteem. GrapheneOS is technisch interessant, zeker door de sterke focus op beveiliging, maar vraagt in de praktijk om een Pixel-telefoon. En die komt weer van Google. Dan kom je al snel uit bij twee Europese alternatieven: /e/OS van het Franse Murena en Sailfish OS van het Finse Jolla.
/e/OS is eigenlijk een gedeGoogelde Android-variant. Het systeem gebruikt de open source Android-basis, maar vervangt veel Google-componenten door alternatieven, waaronder microG voor apps die normaal Google Play Services verwachten. Via App Lounge zijn Android-apps, open source apps en webapps te vinden, terwijl Advanced Privacy inzicht geeft in trackers en de mogelijkheid biedt om locatie- en IP-gegevens af te schermen. Interessant is ook dat Murena verder kijkt dan consumenten. Er is Murena Workspace, een soort mobiele cloudomgeving waar binnenkort ook een zakelijke variant van komt. En inmiddels heeft het bedrijf ook MDM-functionaliteit beschikbaar voor organisaties die toestellen centraal willen beheren.
Murena bouwt stap-voor-stap een alternatief mobile OS
Ik keek onlangs naar een webinar van Murena over de nieuwe 4.0-versie van /e/OS. Dat was erg verfrissend. Geen gelikte Apple- of Google-show, maar een paar Europeanen, inclusief de Nederlandse CEO van Murena, die in een kleine studio vertellen waar ze mee bezig zijn. Juist daardoor werd zichtbaar dat hier geen marketingmachine bezig is, maar een bedrijf dat stap-voor-stap een alternatief voor Big Tech aan het bouwen is.
Mijn neiging was dan ook om direct een Murena-compatibele telefoon te regelen. Je kunt /e/OS zelf op honderden ondersteunde toestellen flashen. Of je koopt een telefoon waarop het systeem al vooraf is geïnstalleerd, bijvoorbeeld van Murena zelf of van het Nederlandse Fairphone.
Toch heb ik me ingehouden. Ik heb namelijk enkele maanden terug voor nog geen 400 euro een Jolla C2 met Sailfish OS als besturingssysteem besteld. Sailfish OS is geen Android-variant, maar een op Linux gebaseerd mobiel besturingssysteem met een eigen interface en eigen filosofie. Tegelijk ondersteunt het via Android AppSupport veel Android-apps, al blijft compatibiliteit naar verluidt per app iets om rekening mee te houden. De Finnen zijn kennelijk wat overvallen door het grote aantal pre-orders, want mijn C2 komt pas in september.
Tot die tijd blijft mijn mobiele overstap dus in een tussenfase hangen. Mijn laptop bewijst al dagelijks dat digitaal soeverein werken prima kan. Mijn telefoon laat vooral zien dat de overstap daar nog iets rommeliger is. Maar misschien hoort dat er op dit moment ook gewoon nog bij. Soevereiniteit begint zelden met perfecte producten. Soms begint het gewoon met twee telefoons op je bureau en de vraag welke je vandaag eigenlijk het liefst gebruikt.
Op zoek naar Europese applicaties?
Er zijn er zo ontzettend veel! Maar wat doen ze precies en kun je er als bedrijf of consument wat mee? De website apps.eu kan helpen. De site is net een appstore. Je kunt zoeken op categorieën, maar je ook laten verrassen door een serie featured apps. Er is veel beschikbaar en daar zit misschien ook een (klein) gevaar: voor je het weet zit je een uur lang te doomscrollen in deze appstore.
Windows apps op Linux gebruiken
Ik kom zelf nauwelijks applicaties tegen waarvan de functionaliteit niet via een Linux-variant beschikbaar is. Natuurlijk werkt het allemaal net even anders, maar na een half uurtje weet je niet beter. En zolang het standaard bestandsformaten ondersteund is er eigenlijk geen enkel probleem. Van mensen om mij heen die (nog) in de Windows-wereld leven, hoor ik dat dit toch wel een serieus obstakel is voor hen. Ze hebben geen zin, tijd of kennis om te veranderen. Dat kan natuurlijk, maar laten we niet vergeten dat er volop mogelijkheden bestaan om Windows-applicaties op Linux te draaien.
Laten we er eens een paar op een rij zetten. Een bekende is natuurlijk Wine. Dat biedt een compatibiliteitslaag die het mogelijk maakt Windows-applicaties rechtstreeks op Linux te gebruiken zonder dat een virtual machine of zelfs maar een reboot van de laptop nodig is. Het functioneert prima bij veel Windows-toepassingen, maar ik geef toe, heel soms werkt het minder goed. Een kwestie van proberen dus. PlayOnLinux kan wellicht helpen om het installeren van Windows-applicaties nog wat verder te vergemakkelijken. Bottles vormt een vergelijkbare frontend voor Wine.
Een andere optie is om een virtual machine te gebruiken. Klinkt ingewikkeld voor de gewone gebruiker, maar valt in de praktijk reuze mee. En op zakelijke laptops kan een systeembeheerder het inrichten van een VM natuurlijk voor zijn of haar rekening nemen. Dan is het starten van een Windows-app op Linux slechts een kwestie van op een snelkoppeling klikken. En voor we nu meteen VMware gaan roepen als VM-oplossing, dat is dus closed software. Gebruik dan liever Virtual Box. En ja, ik weet het, ontwikkeld in Duitsland, maar tegenwoordig eigendom van Oracle. Maar het is grotendeels open source. Wie 100% open source wil gebruiken, komt uit bij QEMU of KVM, maar dat zijn oplossingen met een behoorlijk steile learning curve.
Je kunt verder containers gebruiken waar je Windows in installeert. Dat werkt uitstekend, bijvoorbeeld via Docker Desktop. En inderdaad, ook dat product is maar deels open source (de engine wel, de desktopfunctionaliteit niet).
Laten we tenslotte niet de misschien wel eenvoudigste oplossing vergeten: een dualboot laptop. Wie Linux op een laptop wil installeren waar al Windows op staat, krijgt automatisch de vraag of Windows vervangen moet worden of dat je liever een dualboot laptop wilt. Zo makkelijk kan het zijn.
Soevereine cloud is geen theorie meer
Wie overstapt van closed source naar open source software, begint vaak dichtbij huis. Maar De Overstap speelt natuurlijk niet alleen op het niveau van de individuele gebruiker. Minstens zo belangrijk is de laag daaronder: de cloudinfrastructuur waarop bedrijven, overheden en publieke organisaties hun digitale diensten draaien.
Daarom is Sovereign Cloud Stack, kortweg SCS, zo interessant. Het is een van de meest concrete Europese initiatieven rond digitale soevereiniteit. De welbekende Deutschland-Stack is er bovendien op gebaseerd. We hebben het dus over een heel serieus project. Het probeert niet wéér een nieuwe cloudprovider te bouwen, maar wil vooral een open standaard zijn en een herbruikbare software stack voor soevereine cloudomgevingen. Denk aan open source bouwblokken voor Infrastructure as a Service en Kubernetes as a Service, met afspraken over compatibiliteit, beheerbaarheid, veiligheid en interoperabiliteit.
Dat klinkt technisch, en dat is het ook. Maar de gedachte erachter is eenvoudig. Organisaties moeten cloudomgevingen kunnen gebruiken zonder volledig afhankelijk te worden van één leverancier, één platform of één juridisch regime. SCS wil daarom zorgen dat verschillende aanbieders cloudomgevingen kunnen leveren die volgens dezelfde open standaarden werken. Daarmee wordt overstappen tussen aanbieders realistischer en wordt vendor lock-in kleiner.
De SCS Summit 2026 in Berlijn liet zien dat dit verhaal inmiddels een stuk minder theoretisch is geworden. Op 21 mei kwamen zo’n tweehonderd mensen bijeen rond één boodschap: digitale soevereiniteit is niet langer alleen een toekomstvisie, maar komt in de praktijk aan. Een belangrijke mijlpaal is dat de Duitse IT-Planungsrat de SCS-standaarden zoals gezegd in maart 2026 bindend heeft opgenomen in de Deutschland-Stack, het Duitse nationale technologieplatform. Daarmee krijgt SCS niet alleen erkenning vanuit de community, maar ook politieke en bestuurlijke relevantie.
Minstens zo interessant zijn de praktijkvoorbeelden. DATEV, de grote Duitse it-dienstverlener voor onder meer belastingadviseurs en accountants, heeft sinds 2025 een SCS-conforme iaas-omgeving in productie. Dat is geen proefballonnetje meer, maar serieuze infrastructuur voor een organisatie met hoge eisen aan betrouwbaarheid en controle. Ook migraties van bestaande OpenStack-omgevingen naar SCS-gebaseerde platformen kwamen in Berlijn aan bod. Juist dat soort verhalen is belangrijk, omdat ze laten zien dat soevereine cloud niet alleen iets is voor nieuwe projecten, maar ook kan aansluiten op bestaande omgevingen.
De grote Duitse it-dienstverlener DATEV heeft een iaas-omgeving in productie conform de Sovereign Cloud Stack
Verder kwam het onderwerp kunstmatige intelligentie nadrukkelijk aan de orde. De vraag is niet alleen waar ai-modellen draaien, maar ook op welke infrastructuur, met welke afhankelijkheden en onder welke voorwaarden. De SCS-positionering wordt daarmee breder dan cloud alleen: het gaat om een open fundament waarop ook ai-toepassingen onafhankelijker kunnen worden beheerd.
Voor deze rubriek is dat precies de kern. Digitale soevereiniteit begint misschien met een andere laptop of een open source applicatie, maar eindigt daar natuurlijk niet. Uiteindelijk moet ook de infrastructuur onder onze digitale werkplek opener, controleerbaarder en beter uitwisselbaar worden. SCS laat zien dat die overstap langzaam maar zeker uit de beleidsnota’s kruipt en in echte productieomgevingen terechtkomt.
Concrete migraties: teveel om te onthouden
We zijn in Nederland en Europa natuurlijk al een tijdje lekker bezig met digitale soevereiniteit. Veel klassiek denkende Amerikanen zullen er vermoedelijk wat meewarig naar kijken – als ze zich al bewust zijn van deze trend. Dat ‘handjevol migraties’ en het ‘gedoe’ rond het internationale strafhof staat ver af van de dagelijkse beleving van veel Amerikanen, zelfs als ze in de it werken. Toch lijkt dat inmiddels wat te veranderen. Tijdens de Nextcloud Enterprise Summit in Munchen die vorige week werd gehouden, kwam ik meerdere Amerikanen tegen die aangaven dat ze erg nieuwsgierig zijn geworden naar wat er in Europa allemaal gebeurt rond digitale soevereine clouds en open source.
Ook een journalist van Wired begon het op te vallen dat er iets aan het gebeuren is in Europa. Een trend die op termijn wel eens enorme impact zou kunnen gaan hebben – op Europese overheden en bedrijven, maar, zo lijken meer en meer Amerikanen zich te realiseren, ook voor Amerikaanse it-aanbieders. Deze journalist kon het aantal migratieprojecten waar hij over las of hoorde inmiddels niet meer goed onthouden. Het zijn er inmiddels gewoonweg teveel. En wat doe je dan? Precies, je zet al die projecten in een mooie spreadsheet. Hij was wel zo vriendelijk om daar een publiek toegankelijk spreadsheet van te maken. En nog mooier, het werd een Proton Sheet. Inderdaad: een online spreadsheet bij een Europese en digitaal soevereine aanbieder. Die spreadsheet is hier te vinden.
Zoeken via Google zonder ads? Voeg “udm=14” toe
Eerlijk gezegd kan ik mij de laatste keer niet herinneren dat ik een zoekmachine heb gebruikt. Google gebruik ik al jaren niet meer en zoeken via Qwant (ik zie dat ik deze als mijn standaard zoekmachine in mijn browser heb ingesteld) of Ecosia doe ik al tijden niet meer. Al mijn vragen stel ik via Mistral Vibe, de nieuwe naam van Mistral Le Chat. Ik ben een best wel fan van Mistral Vibe, omdat het niet alleen snel en behoorlijk goed antwoord geeft op vragen, maar dat bovendien doet zonder die enorme hoeveelheid advertenties. Heat is gewoon echt een handige assistent.
Voor deze rubriek heb ik zojuist toch weer eens Google gebruikt en het aantal advertenties en met AI gegenereerde tekst is enorm. Ik kan er niet veel mee. Het grappige is dat Google onlangs zelf een interessante oplossing publiceerde voor wie gewoon kale, cleane links wil zien als je een zoekvraag instelt. Ik kwam deze truc tegen via Tedium en eigenlijk is het heel simpel. Gebruik deze url: https://www.google.com/search?q=%s&udm=14 en stel deze in als standaard zoekmachine. En voila, ineens hebben we weer die oude Google-pagina met zoekresultaten.
Mistral Vibe voor coding
Nu we het toch even over het Franse Mistral Vibe hebben, die toevoeging ‘Vibe’ is er niet voor niets. Je kunt er namelijk ook prima apps mee maken. Daar ben ik best wel een fan van. Ik doe dat voor allerlei kleine maar veel voorkomende taken in mijn werk. Je schrijft op wat je precies wilt aan functionaliteit en twee minuten later heb je daar een app voor. Ik zag ooit een video-interview met iemand die hier op een universiteit mee aan de slag was en die sprak van “mallable apps”. Met andere woorden: wegwerpapps. Computable schreef er al eens over.
Dat klinkt alsof het appjes zijn die je snel even maakt en na gebruik weer weggooit. Dat kan, maar je kunt ze ook veel langer gebruiken natuurlijk. Zo heb ik op deze manier een appje gemaakt om in een keer een flink aantal foto’s die op een hobbywebsite geplaatst moeten worden snel kleiner te maken en het juiste liggende formaat mee te geven.
Maar je kunt er ook wat ingewikkelder dingen mee doen. Zo heb ik een eigen rss-reader gemaakt die over allerlei onderwerpen online content voor me verzamelt. Dat draait prima. De volgende stap wordt dat ik de zoekterm die ik gebruik om onderwerpen aan te geven automatisch laat vertalen naar meerdere talen zodat ik (eindelijk) weg kan uit de overdosis Engelstalige content die we dagelijks tegenkomen. De vertaling gaat straks naar Frans, Duits, Spaans en Italiaans. De stap die daarna gaat komen? Dat alle Italiaanse en Franse en Spaanstalige content automatisch wordt vertaald naar in eerste instantie het Nederlands. Ik ben daar al mee bezig. Uiteindelijk wil ik dat je als gebruiker zelf kunt instellen in welke taal je de gevonden content wilt lezen. Past wat mij betreft prima bij het idee dat we liever zelf onze keuzes maken in plaats van afhankelijk te zijn van wat Big Techaan functie beschikbaar stelt.
computable
15-06-2026 17:50