In de rubriek De Overstap gidst de doorgewinterde ict-journalist Robbert Hoeffnagel de ict-pro en -beslisser naar alternatieve zakelijke oplossingen. Deel 3: opensource-consortia, tweederde Europeanen wil weg bij Big Tech, ATproto is open protocol voor soevereine data-uitwisseling, weg bij Notion en veel tips en trics voor thuis en op kantoor.Door de trend richting digitale soevereiniteit wint opensource-software snel terrein. Vaak gaat het om uitstekende software die functioneel gelijkwaardig is aan closedsource-software, maar dan wel met als voordeel dat er geen vendor lock-in is en er bovendien een community achter zo’n project staat.Voor grotere enterprise-organisaties die willen overstappen naar opensource-oplossingen is met name service en support cruciaal. ‘Grote klanten willen één aanspreekpunt, één contract, één verantwoordelijke partij’, vertelde Ronny Lam, directeur van de Dutch Opensource Business Alliance, in een interview. DOSBA werkt daarom aan een innovatieve constructie om dit goed te regelen. Het idee? Opensource-bedrijven bundelen hun krachten per klant, onder een speciale merknaam. Lam noemt dit ‘consortia’: meerdere specialisten en individuele opensource-bedrijven die nauw samenwerken en richting de klant optreden als één geoliede supportorganisatie. ‘De klant merkt niet dat er achter de schermen meerdere bedrijven betrokken zijn’, legt Lam uit. ‘Zij zien één contract, één supportteam, één domeinnaam, één factuur—precies zoals ze gewend zijn bij traditionele leveranciers.’Deze aanpak kan een gamechanger worden, denkt Lam. Niet alleen voor opensource-bedrijven, die zo grote klanten kunnen bedienen, maar juist ook voor die klanten zelf. Zij krijgen toegang tot innovatieve, open technologie, zonder in te leveren op service en zekerheid. Volgens Lam is het dan ook een win-win-situatie. Opensource-bedrijven kunnen opschalen zonder hun identiteit te verliezen, terwijl grote organisaties de support krijgen die ze nodig hebben. Zo maken we opensource niet alleen technisch, maar ook organisatorisch toekomstbestendig.’Een groeiende roep om digitale onafhankelijkheidDigitale soevereiniteit is een onderwerp dat steeds meer aandacht krijgt in Europa. Uit recent onderzoek van YouGov, gedeeld met Tech Policy Press, blijkt dat bijna tweederde van de Europeanen het een goed idee vindt om Amerikaanse technologieën te vervangen door Europese alternatieven. Toch zijn er nog wel twijfels of deze verschuiving realistisch is.Uit de enquête, gehouden onder meer dan duizend respondenten in vijf grote EU-landen, blijkt dat 62 procent van de Europeanen openstaat voor Europese alternatieven voor Amerikaanse datadiensten en betalingssystemen. Voor videoconferentie, zoals Zoom, is dit 59 procent. Slechts 13 procent vindt het een slecht idee om over te stappen, terwijl 25 procent onzeker is.Toch is er nog wel wat twijfel over de haalbaarheid van deze transitie. Zo’n 41 procent van de respondenten vindt het onrealistisch om Amerikaanse techdiensten volledig te vervangen, tegenover 40 procent die het wel haalbaar acht. In Duitsland is het pessimisme het grootst: 51 procent denkt dat een verschuiving onrealistisch is. Frankrijk is juist het meest optimistisch, met 45 procent dat de overstap wel mogelijk acht.Een opvallende bevinding is dat veel Europeanen, ondanks de politieke ambities, weinig weten over concrete plannen. Zo had 89 procent van de Franse respondenten nog nooit gehoord van het plan om Zoom en Microsoft Teams te vervangen door een Frans alternatief tegen 2027.Op zoek naar Europese alternatieven?Als de migratie naar Europese it-infrastructuren en -applicaties net zo voortvarend verloopt als er websites worden opgezet om de weg te wijzen naar Europese alternatieven, dan zitten we wel goed. Want er is alweer een nieuwe website bij gekomen: Go European. De website was op het moment van schrijven nog in beta (vandaar dit adres: https://beta.goeuropean.org/, het wordt straks https://goeuropean.org). We hebben in deze rubriek al eerder vergelijkbare websites genoemd, maar bij Go European kwam ik toch weer een flink aantal – voor mij in ieder geval – nieuwe bedrijven en producten tegen die zich met name op professionele it richten.Voor wie zelf weg wil bij de bekende Amerikaanse aanbieders kan zijn hart ophalen bij Reddit. Ik geef toe, dat is een Amerikaanse firma, maar subreddits als r/DigitalEscapeTools, r/BuyFromEU, r/LinuxQuestions of r/DeGoogle bieden tijdens de migratie die we nastreven toch wel degelijk erg veel inspiratie en advies voor wie op zoek is naar Europese dan wel opensource-alternatieven voor privé te gebruiken applicaties.Overigens is Reddit ook erg interessant voor wie vastloopt in een migratie. Kanalen als r/SelfHosted, r/Nextcloud of r/MistralAI fungeren in feite als forums waar gebruikers elkaar helpen als er ergens iets mis gaat met een migratie, installatie of bijvoorbeeld het zelf opzetten van AI-agents. Voor een eigen projectje heb ik dankbaar gebruik gemaakt van die hulp via r/Proxmox.Ook interessant om te lezen: ‘Getting off US tech: a guide’. Dit is een blog post van Paris Marx. Ook deze Canadese techwatcher wil zoveel mogelijk afstand doen van Amerikaanse tech.Werken met CharlesDaarnaast stuurde Yanis Kerdjana mij een bericht. Hij is een van de oprichters van het in Parijs gevestigde Ideta. Deze firma helpt bedrijven om eenvoudig gespreksassistenten (chatbots) te creëren op diverse communicatiekanalen, zoals Messenger, SMS, Slack, WeChat, Skype for Business, en zelfs spraakgestuurde platformen zoals Google Home.Met zijn bericht wilde hij graag iets vertellen over Charles, een side project waar hij aan werkt. Het is een (jawel) Chrome-extensie, maar dan eentje met een interessant doel.Hij schrijft: ’Ik werk aan een klein project (…). Het heet Charles en is een Chrome-extensie die tijdens het surfen Europese alternatieven voor GAFAM-diensten voorstelt. Het idee is om soevereiniteit zichtbaar en bruikbaar te maken in het dagelijks gebruik, niet alleen in beleidsplannen.’Voor de goede orde: GAFAM staat uiteraard voor Google, Apple, Facebook (nu Meta), Amazon en Microsoft. Ik heb het inmiddels toegevoegd aan Chrome op mijn Mac Mini. Zodra ik er meer ervaring mee heb, zal ik dat hier laten weten.ATproto: een open protocol voor soevereine data-uitwisselingATproto, het open protocol waarop Bluesky – het bekende alternatief voor X/Twitter – is gebouwd, ontwikkelt zich in rap tempo tot meer dan alleen een fundament onder nieuwe sociale netwerken. Voor enterprise-omgevingen is het vooral interessant als bouwsteen voor soevereine, schaalbare en interoperabele data-uitwisseling.Tijdens de tweede ATmosphere-conferentie (ATmosphereConf 2026), eind maart aan de Universiteit van British Columbia in Vancouver, werd duidelijk dat het AT Protocol (ATproto) langzaam opschuift van experimentele technologie richting serieuze enterprise-toepassingen. Hoewel het binnen traditionele it-omgevingen nog relatief onbekend is, is het erg relevant voor wie bezig is met onderwerpen als digitale soevereiniteit, datacontrole en vendor lock-in.In de kern is ATproto een open standaard voor het publiceren en distribueren van zelf-authentiserende data in een gedecentraliseerd model. Dat klinkt lekker abstract, maar het komt hier op neer: waar klassieke platforms data centraliseren en daarmee controle en afhankelijkheid creëren, draait ATproto dit model om. Organisaties blijven eigenaar van hun data, identiteit en interacties, en bepalen zelf waar en hoe die data wordt opgeslagen en gedeeld. Voor enterprise-gebruikers betekent dit dus dat zij niet langer volledig afhankelijk zijn van de infrastructuur en voorwaarden van grote techbedrijven.Die controle wordt technisch mogelijk gemaakt via zogeheten personal data repositories (PDS’en). Dit zijn opslagomgevingen waarin data per gebruiker of organisatie wordt beheerd. Bedrijven (maar hetzelfde geldt voor consumenten die een op ATproto gebaseerde app gebruiken) kunnen deze zelf hosten of onderbrengen bij een vertrouwde partij. Daarmee ontstaat een architectuur waarin data fysiek en juridisch beter te positioneren is, wat direct relevant is voor compliance met regelgeving zoals de AVG.Voor enterprise-organisaties ligt de waarde van ATproto dan ook niet in het sociale aspect, maar in de onderliggende principes. Het protocol past binnen de bredere ontwikkeling richting data sharing-ecosystemen. Hiermee kunnen organisaties gecontroleerd data uitwisselen met partners, klanten of overheden. Denk aan ketens in de logistiek, samenwerkingen in de zorg of gegevensuitwisseling in de financiële sector. In dergelijke omgevingen is het cruciaal dat data niet alleen veilig wordt gedeeld, maar ook dat eigenaarschap en herkomst aantoonbaar blijven. In sommige toepassingen wordt er zelf een zogeheten billing-mechanisme in opgenomen, zodat het ook mogelijk is om voortoegang of gebruik van bepaalde data een vergoeding te vragen.Zover is het rond ATproto zeker nog niet. Het protocol is nog volop in ontwikkeling. Er wordt gewerkt aan verdere standaardisatie binnen de Internet Engineering Task Force (IETF), wat belangrijk is voor bredere adoptie in enterprise-architecturen. Tegelijkertijd ontstaat er steeds meer apps en diensten die het protocol benutten, zoals Margin, Semble en Surf. Ik gebruik momenteel zelf Surf. Het is een soort zoekmachine in social berichten over een bepaald onderwerp. Ook tools als Graze.social laten zien hoe flexibel het model is. Zie het als een soort marktplaats voor feeds. Je kunt zelf een feed samenstellen en via Graze beschikbaar maken. Andersom geldt ook: interesse in een bepaald onderwerp? Er bestaat ongetwijfeld al een feed over die je nu heel simpel kunt gaan volgen.Voor enterprises is ATproto niet zozeer een kant-en-klare oplossing is, maar eerder een nieuwe architectuurbenadering. Het vraagt om een andere manier van denken over data: minder als iets dat binnen één platform leeft, maar meer als een asset die onafhankelijk van applicaties kan worden beheerd en gedeeld.Wil je weg bij Notion? Kijk dan eens naar DocmostNotion is een soort alles-in-een workspace die functies combineert voor notities, databases, projectmanagement, wiki’s en samenwerking. Het is een heel flexibel platform dat zich aanpast aan verschillende gebruiksscenario’s, van persoonlijke planning tot complexere bedrijfsprocessen. Het is vooral populair door zijn modulaire opzet en gebruiksvriendelijkheid. Voor grote organisaties wordt het vaak ingezet als aanvulling op omgevingen als SAP, SharePoint of Confluence. Veel mensen gebruiken het ook privé.Ook ik gebruikte Notion lange tijd. Het is echter closedsource-software. Tijd dus om een alternatief te zoeken. Docmost is dan zeker een kandidaat. Het wil vergelijkbare functionaliteit bieden, maar dan op basis van een opensource-licentie, met een enterpriselicentie voor wie grootschalige omgevingen wil opzetten. Het is self-hosted en positioneert zichzelf als collaboratieve wiki- en documentatiesoftware.Productief met Europese techIn Europa wordt keihard gewerkt aan het ontwikkelen van talloze tools die de zakelijke gebruiker met Europese dan wel opensource-tools kunnen helpen om maximaal productief te zijn. Daarbij gaat het vaak om relatief bescheiden functies die in de dagelijkse praktijk echter zeer handig zijn. Een mooi voorbeeld daarvan is een uitbreiding die Proton voor zijn online agenda heeft uitgebracht. Hiermee kunnen gebruikers eenvoudig afspraken laten inplannen via hun agenda. De feature maakt het mogelijk om beschikbare tijdslots te delen met anderen, waarna zij zelf een geschikt moment kunnen kiezen en direct een afspraak kunnen vastleggen, zonder handmatige afstemming. Wereldschokkend nieuw? Nee, zeker niet. Maar wel superhandig voor wie weg wil bij Big Tech en toch heel makkelijk afspraken voor calls of meetings willen kunnen maken.Deze zogeheten appointment scheduling-functionaliteit is – zoals gezegd – geïntegreerd in Proton Calendar en sluit aan bij bestaande mogelijkheden zoals het beheren van agenda’s, het versturen van uitnodigingen en het inzichtelijk maken van beschikbaarheid. Het onderscheid zit vooral in de combinatie van gebruiksgemak en privacy: afspraken en bijbehorende gegevens blijven end-to-end versleuteld, waardoor zelfs Proton zelf geen inzicht heeft in de inhoud. Daarmee is het een privacyvriendelijk alternatief voor bekende planningsdiensten, terwijl het tegelijkertijd inspeelt op de groeiende behoefte aan Europese productiviteitstools.Ook fraai: IntraVox. Dit is een app waarmee gebruikers binnen het Nextcloud-platform een compleet intranet kunnen optuigen. Ontwikkeld in Nederland, maar daarover in de volgende aflevering van deze rubriek meer.Ik wil weg maar hoe dan?Tenslotte nog een tool voor de categorie ‘ik-wil-weg-maar-weet-niet-zo-goed-hoe’. Het gaat om Jasper. Dit is een oplossing voor mensen die willen stoppen met Instagram, maar wel graag hun foto’s en video’s mee willen nemen. Ik heb het niet geprobeerd want heb geen Instagram-account, maar uit wat ik er over lees werkt het prima.Heb je naar aanleiding van deze rubriek tips, reacties of opmerkingen, stuur ze naar redactie@computable.nl.
computable
20-04-2026 17:00