‘Stop!’ Roep ik tegen mijn zoontje die – eenmaal thuisgekomen van een lange schooldag – een sprintje naar de bank trekt en een gelig zandspoor achterlaat. Mijn eerste ingeving is om snel en kordaat op te treden: ‘snel van de bank af en je schoenen uit!’ en: ‘je weet dit toch, waarom doe je het nu wéér?’. Tegelijkertijd weet ik dat het beter is om vanuit geduld en empathie te reageren om zo te proberen te helpen het probleem met zijn eigen vermogen en creativiteit op te lossen.1 Ondanks dat ik dit weet, zijn die eerste ingevingen zo hardnekkig dat het lastig is om met die kennis te handelen.
ncsc
08-07-2024 14:29